Home » Achtergrond, Operarecensie

Een hele dag Wolf in De Doelen

Rotterdam18 februari 2013 Geen reacties

Zaterdag 16 februari klonk er van ’s morgens tot ’s avonds laat muziek van Hugo Wolf in De Doelen. De Rotterdamse concertzaal organiseerde samen met de Vereniging Vrienden van het Lied een enerverende dag rond de Oostenrijkse componist. Niets dan lof!

Hugo Wolf (1860-1903).

In vergelijking met opera is de groep liefhebbers van het kunstlied betrekkelijk klein. Maar daarom niet minder enthousiast! Deze groep heeft zich in Nederland verenigd in de Vrienden van het Lied. Die vereniging vierde in 2011 haar vijftigste verjaardag met een zeer succesvolle Dag van het lied in De Doelen in Rotterdam. Afgelopen zaterdag volgde in samenwerking met De Doelen een soortgelijke dag, nu geheel gewijd aan één componist: Hugo Wolf.

De laat-romantische Oostenrijkse componist Wolf was een studiegenoot van Gustav Mahler en een groot bewonderaar van de werken van Richard Wagner. Hij ontwikkelde in zijn liederen een geheel eigen stijl, waarin de gelding van het gedicht altijd voorop stond. Dat maakt ze bijzonder boeiend, maar voor de gemiddelde luisteraar niet altijd even toegankelijk. Niets dan lof voor de Vereniging Vrienden van het Lied dat zij in deze tijd van bezuinigingen het toch aangedurfd hebben om een hele dag aan deze componist te wijden.

Vanaf tien uur ’s ochtends waren er verschillende concerten, een masterclass, een lezing en een open podium te bezoeken. Voor mij persoonlijk was het absolute hoogtepunt de Hugo Wolf-masterclass door de legendarische Elly Ameling en Rudolf Jansen. Al bij hun opkomst had je het gevoel: dit wordt groots, hier zitten twee vakmensen waar je ontzettend veel van kan leren.

Dat bleek ook. Elly Ameling maakte de participanten het belang van details duidelijk, waardoor de rijke nuances van de Wolf-liederen zo goed mogelijk tot uiting kwamen. En Rudolf Jansen voelde mee met een pianist die nogal een grote toon voortbracht: “Het gaat zo lekker als pianist zo hard, maar dan komt er een zangeres bij en dan is je hele plezier bedorven!”

Meinard Kraak schilderde in zijn goed bezochte lezing op prachtig beeldende wijze het leven van Hugo Wolf.

De verwachtingen waren hooggespannen voor het slotconcert met de bekende bariton Dietrich Henschel. Hij opende het concert met zes liederen van Wolf op een tekst van Goethe, met Fritz Schwinghammer aan de vleugel.

Henschel heeft absoluut een groot interpretatief vermogen, maar stemtechnisch viel het mij wat tegen. Wat meteen opviel, was de geforceerde manier waarop hij zijn hoge tonen zong en het haast overdreven nasale timbre van zijn stem. Prachtig waren wel de bewerkingen die Henschel zelf heeft gemaakt van vier van de Rückert-Lieder van Gustav Mahler.

Tot slot speelde het Doelenkwart op een meesterlijke wijze Wolfs Italienische Serenade en het veel minder bekende maar toch zeer fraaie Strijkkwartet in d klein. Een mooie afsluiting van enerverende dag!

door

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.