Home » Achtergrond

Zajick: op zoek naar de dramatische stem

28 november 2014 7 reacties

Er zijn te weinig jonge zangers met grote, dramatische stemmen, vindt Dolora Zajick. Sinds 2006 probeert ze daar wat aan te doen met haar Institute for Young Dramatics Voices. Place de l’Opera stelde de beroemde mezzosopraan een paar vragen over de dramatische stem.

Dolora Zajick (foto: John Francis Bourke).

Dolora Zajick (foto: John Francis Bourke).

Het dramatische operarepertoire is bekend van grote Verdi-rollen als Aida, Amneris en Radames en iconische Wagner-karakters als Brünnhilde, Siegfried en Wotan. Helaas lijkt er het laatste decennium een tekort te zijn ontstaan aan jonge zangers die dergelijke partijen (op termijn) voor hun rekening kunnen nemen.

Om ervoor te zorgen dat ook op de tonelen van morgen dramatische zangers present zijn, zette de wereldwijd bekende mezzosopraan Dolora Zajick in 2006 het Institute for Young Dramatic Voices op. Daar ‘kweekt’ ze jonge zangers die het potentieel hebben om op een dag Aida’s, Wotans en andere dramatische helden en heldinnen te zijn.

Hoe oud moeten zangers zijn voordat je kunt zeggen of ze over een dramatische stem beschikken?
“Dramatische stemmen kunnen al op 15-jarige leeftijd aan het licht komen, en op z’n laatst ergens begin twintig. Het is niet waarschijnlijk dat een lyrische stem van een zanger halverwege de twintig zich nog ontwikkelt tot een dramatische stem, tenzij dat proces dan al bezig is. Wel kan het zijn dat een zanger al over een dramatische stem beschikt, maar nog niet voldoende technische bagage heeft om de werkelijke omvang ervan te tonen.”

Veel jonge zangers sturen een opname van zichzelf mee als ze zich aanmelden voor uw instituut. Is het mogelijk om aan de hand daarvan te bepalen of een iemand een dramatische stem of het potentieel daarvoor heeft?
“Het is lastig. Sommige stemmen klinken op een opname misschien lyrisch, maar als je ze hoort in een grote zaal, blijken ze veel meer geluid te produceren dan meer dramatisch gekleurde stemmen. De makkelijkste manier om de omvang van een stem te bepalen, is dan ook om hem live te horen in een zaal van aanzienlijke grootte.

Als wij voor ons programma naar de opnames luisteren die we van jonge zangers krijgen, kijken we eerst naar muzikaliteit, muzikaal vakmanschap, communicatieve kwaliteiten, tekstinterpretatie en dictie. Hoe ouder de zanger, hoe beter die zaken op orde moeten zijn, zeker het muzikaal vakmanschap en de talen. We kijken ook naar de algemene gezondheid en kwaliteit van de stem. Daarna selecteren we de zangers die we live willen horen.”

Hoe belangrijk is het om een ‘dramatisch timbre’ te hebben, oftewel ‘staal’ in je stem?
“Het is belangrijk dat je je niet laat misleiden door het timbre van een stem. Sommige stemmen klinken op een cd heel dramatisch, maar als je ze live hoort, draagt de stem misschien helemaal niet zo ver. Een dramatisch timbre zegt dus heel weinig aan het begin van een carrière. De categorie waar een stem in valt, wordt bepaald door de omvang van de stem, het bereik en de passaggio, niet door timbre of kleur.

De baritons Leonard Warren en Ettore Bastianini hadden volstrekt tegengestelde vocale kleuren. Warren klonk helder en ‘stalig’, Bastianini donker en rijk. Maar omdat ze beiden dezelfde stemomvang en passaggi hadden, zongen ze hetzelfde repertoire.

Een ander aspect om mee te nemen in de beoordeling van een stem, is het repertoire van de dramatische stem. Heeft een zanger genoeg stem om over een zware orkestratie, vooral zwaar koperwerk, heen te zingen? Zo ja, dan kun je daarna met een zanger aan de slag gaan om te kijken of hij ook weet hoe hij zijn gehele stem moet gebruiken om een gezonde resonans en gezond volume te krijgen.”

Hoe doet u dat? Hoe ‘test’ u hen?
“Ik heb hier een paar ‘diagnostische’ oefeningen voor. Eerst laat ik hen wat staccati doen, om de algemene gezondheid van de stem te horen, en daarna gebruik ik een paar oude Vidal-oefeningen om de volledige capaciteit van hun stem tevoorschijn te krijgen.

Deze oefeningen komen voort uit de wereldberoemde zangschool van Manuel García. Verschillende leden van de Vidal-familie studeerden bij nazaten van Garcia en gingen later zelf zang onderwijzen. Melchiorre, Raul en Wilhelm Vidal gaven les in Milaan en in Spanje. Mijn techniek heb ik grotendeels van hen geleerd. Mijn eigen leraar, Ted Puffer, studeerde zelf bij Wilhelm Vidal.”

Zijn dramatische stemmen moeilijker te beheersen dan kleinere, meer lyrische stemmen?
“Een jonge dramatische stem trainen is te vergelijken met een baby-olifant leren hoe hij een trap op moet lopen… Het lastige daarbij is dat we vandaag de dag slachtoffer zijn van de ‘bigger is better’-mentaliteit. Onze operahuizen zijn groter geworden en onze instrumenten zijn luider dan wat componisten in de achttiende, negentiende en zelfs begin twintigste eeuw zich ooit voorstelden. Het is jammer dat de meeste operabezoekers dat niet begrijpen. Wat vroeger als dramatisch werd beschouwd, wordt tegenwoordig niet meer zo dramatisch gevonden.

Dat is niettemin geen excuus om een meer lyrische stem te casten in een rol die bedoeld is voor een grotere stem. De carrières van veel lyrische stemmen zijn gekort of zelfs geruïneerd doordat ze overgehaald zijn om de gaten in de casting van rollen die bedoeld zijn voor dramatische stemmen op te vullen. Het ‘kweken’ en ontwikkelingen van dramatische stemmen voorkomt dus ook dat lyrische stemmen misbruikt worden. Er zijn tegenwoordig meer mensen dan ooit op deze planeet. Er zouden meer dramatische stemmen moeten zijn, niet minder.”

Zie voor meer informatie de website van het Institute for Young Dramatic Voices.

door

7 reacties »

  • Gatto Alvaro zei:

    !!!! Great D O L O R A !!!!

  • Wiebke Göetjes zei:

    Bravo!

  • Maarten-Jan Dongelmans zei:

    Mooi verhaal. Hopelijk dragen Zajick en al die andere oprechte zangpedagogen steeds krachtiger bij aan een evenwichtige opbouw van een professionele vocale carrière. Ter voorkoming van het voortijdig opbranden van prachtige stemmen. Want dat is altijd a bloody shame.

  • Wiebke Göetjes zei:

    @Heer Maarten-Jan Dongelmans

    Eea. begint al bij de opleidingen. In Nederland worden grote stemmen om te beginnen al vaak niet herkend, en als ze al naar het Conservatorium mogen worden ze ‘ingekwartierd’ in de Nederlandse oratorium-zang-cultuur. Wat voor deze stemmen betekent dat ze zich meestal klein moeten maken en inhouden.
    Mensen zijn altijd bang dat grote stemmen kapot gaan door te groot zingen, maar juist dit te kleine zingen is funest voor deze stemmen.
    Vaak komen deze zangers/essen van het Conservatorium en moeten eigenlijk, met een goeie privédocent, helemaal overnieuw hun stem (uit)vinden. Ze verliezen hiermee veel tijd.

    Ik had het geluk dat ik, eigenwijs als ik was, al tijdens mijn Conservatorium opleiding ook privé bij Cristina Deutekom ging studeren. Zij wist van wanten en zo kon ik in Duitsland debuteren als Aida/Aida en Elisabeth/Tannhäuser, terwijl de gevestigde orde in Nederland nog steeds (eigenlijk tot op de dag van vandaag…) wilde volhouden dat ik een coloratuur sopraan was, alleen maar omdat ik makkelijke hoge noten had. Intussen heb ik in het buitenland mijn dramatische sporen meer dan verdiend, maar het blijft een idioot verschijnsel dat Nederland zo bang is voor haar eigen grote/dramatische stemmen.

    Met mijn operastudio Hojotoho Operastudio probeer ik mijn steentje bij te dragen in de ontwikkeling van vooral deze stemmen die overal buiten de gevestigde operastudio’s etc. vallen.

  • Maarten-Jan Dongelmans zei:

    Goed om te lezen Wiebke. Hopelijk weten vele ‘grote’stemmen jouw studio en andere reddingsboeien te vinden. Het uitzoeken van de juiste stemsoort die een zanger(es) in huis heeft en het bijbehorende traject voor de optimale ontwikkeling zijn bepaald geen sinecure. Noch voor dramatische noch voor lichtere stemmen. Ik heb meegemaakt hoe een mooie lyrische sopraan aan het toen nog Arnhems conservatorium kapot is gemaakt door haar te dwingen mezzo-partijen te zingen…

  • Wiebke Göetjes zei:

    Ja, Maarten-Jan, dat gebeurt helaas heel vaak.
    Een sopraan met een beetje donkerdere kleur wordt in NL al gauw tot mezzo gebombadeerd, terwijl je in de opera als sopraan ‘punten’ krijgt -ook als lyrische sopraan- voor een mooie donkere stem, met goeie laagte en midden……
    Onkunde van de docenten.

  • Wiebke Göetjes zei:

    Evenals menig mezzo met een lichte kleur en goeie hoogte tot sopraan wordt gebombadeerd….net zo fout!

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.