Home » Buitenland, Operarecensie

Py regisseert aangrijpende Dialogues

Brussel12 december 2017 14 reacties

Doffe klappen. Elke non laat het hoofd zakken, draait zich om en schrijdt in de richting van een blauw doek met sterren. Ondertussen klinkt het uitstervende ‘Salve regina’. Het is een kippenvel veroorzakend slotbeeld in de Brusselse productie van Dialogues des Carmélites, die vrijdag in première ging.

Scène uit Dialogues des Carmélites bij de Munt in Brussel. (© Baus)

Heel soms beleef je een enscenering die zich zo diep in het geheugen vastzet dat een andere productie van hetzelfde werk wel moet tegenvallen. De aanpak van Poulencs revolutiedrama die Robert Carsen bij De Nationale Opera toonde, leverde de ervaring op dat het alleen zó en nooit meer anders op het toneel moet staan. Maar de aanpak die Olivier Py nu voor de Munt heeft uitgedacht, plaatst zich op dezelfde overtuigende en aangrijpende hoogte.

De Franse regisseur schiep met zijn decorontwerper Pierre-André Weitz een architecturale ruimte: het klooster te Compiègne. De daar verblijvende karmelietessen worden slachtoffer van de burgerlijke gelijkschakeling die de revolutionairen van Robespierre nastreven. Geen leven in apartheid, geen afwijkende kleding, geen katholieke eredienst, alleen het altaar van de revolutie en de rood-wit-blauwe kokarde dienen de liberté en de égalité. Eén van de nonnen schreef met krijt achter égalité: ‘devant Dieu’. Teken van de zachtmoedige opstandigheid die de zusters de kop gaat kosten.

De ruimte benutte de totale diepte en hoogte van het toneel en was donkergrijs afgetimmerd, met halverwege een enorme schuifwand. Ervoor speelde zich het eerste tafereel van het eerste bedrijf af, het kasteel van de Marquis de la Force. Zijn dochter Blanche vertelt hem dat zij wil intreden bij de karmelietessen.

Tijdens het orkestrale tussenspel opende de donkere muur zich zó dat er een kruisvorm ontstond. Langzaam werd het klooster in al zijn kale ascese zichtbaar. Uit de hoge zijwanden vloeide wit licht in smalle banen dwars over het speelvlak, wat een mystiek beeld opleverde.

Kruisweg van angsten

Blanche presenteert zich bij de priorin (overste) van het klooster. Zij is een oudere vrouw die met liefde en wijsheid door de beweegredenen van Blanche prikt. Blanche wil in onthechting een heroïsch leven nastreven, maar de priorin wijst haar er nuchter op dat het klooster “geen zelfkastijdingsbedrijf is, noch een bewaarplaats voor deugden”. Ze stelt simpelweg: “Het is hier een huis van gebed, bidden is onze énige bestaansreden.” Poulenc schreef voor die no-nonsensemonoloog droge muziek, met felle slagwerkklappen en stiltes waarin de priorin onbegeleid zingt, afgewisseld met hartstochtelijke vocale uithalen.

Patricia Petibon als Blanche en Stanislas de Barbeyrac als Chevalier de la Force. (© Baus)

Deze scène en de sterfscène van de priorin domineren het eerste bedrijf. Het sterfbed koppelde regisseur Py op fascinerende wijze aan de kloosternaam van de priorin. Zij had bij haar intrede de toevoeging ‘van de Doodsangst van Christus’ gekozen. Ook al mediteerde zij jarenlang over de dood en leek zij evenwichtig in haar religieuze gevoelens, toch bleek haar sterfbed een kruisweg van angsten. Py had dat bed als een kruis aan de wand gehangen, met de soms wild om zich heen slaande stervende erin. Aangrijpend. Mezzosopraan Sophie Pondjiclis zong haar beide monologen in stem en houding met overtuigende empathie.

Executieplaats

Het tweede bedrijf speelt zich in en rond het klooster af en omvat het eigenlijke conflict om het bestaan van de kloostergemeenschap. Py schoof ingenieus met zijn wanden, waarmee hij op soepele wijze een binnentuin, een door de revolutionaire garde ontluisterde kapel en een gevangenis suggereerde.

Aan het einde was de hele toneelruimte één executieplaats, met de sterrenhemel als achtergrond. Daar stonden veertien nonnen, die hun gelofte van martelaarschap hadden afgelegd, stralend het ‘Salve regina’ te zingen, telkens onderbroken door een doffe klap uit de orkestbak: de guillotine. Daar was Robert Carsen toch huiveringwekkender met zijn ijzingwekkend sissende valbijl: tjak.

Petibon en Piau

Het religieuze leven van Blanche is doortrokken van onzekerheid en angst. In de vocale lijnen die Poulenc voor haar componeerde, domineren grote intervallen, tot octaafsprongen toe. Maar die schakelde hij zo vernuftig aan elkaar dat er soepele lyrische lijnen ontstonden, die de heldere sopraan Patricia Petibon met groot gemak tot klinken bracht, evenals de dramatische kanten van haar rol. Blanche wijst het heroïsche martelaarschap af, maar voegt zich toch als laatste bij haar medezusters.

Prachtig tegenspel in zingen en acteren bood Sandrine Piau als de vrolijke zuster Constance, voor wie het kloosterleven één groot feest is. Zo kleurrijk vulde Poulenc haar partij in.

Scène uit Dialogues des Carmélites bij de Munt in Brussel. (© Baus)

Met de groots zingende Stanislas de Barbeybac als de broer van Blanche (hij wil haar redden), de krachtige expressiviteit van Guy de Meij als de geestelijk leidsman, die uiteindelijk de nonnen in de steek laat, en het gepassioneerde optreden van Véronique Gens als de nieuwe priorin, die moedig haar zusters voorgaat naar het schavot, waren alle belangrijke en kleinere rollen voortreffelijk ingevuld.

In het orkest legde Poulenc de wezenlijke fundamenten van de soms hoogoplopende hartstochten bij de nonnen. De Franse chefdirigent Alain Altinoglu diepte de gevoelens met kracht uit, zijn orkest tot stuwend spel aanmoedigend, alsof Poulenc met een Italiaanse pen schreef. Diverse solomomenten werden met zorg uitgelicht, zoals de althobo die de sterfscène van de priorin inleidt. Dirigent Altinoglu realiseerde met zijn musici in klank dezelfde spannende ruimtelijke momenten waarmee regisseur Py op de bühne de ogen geboeid hield.

Dialogues des Carmélites is nog tot en met 23 december in Brussel te zien. Zie voor meer informatie de website van de Munt.

door

Dialogues des Carmélites
Francis Poulenc

Uitgevoerd door: Symfonieorkest, koor en kooracademie van de Munt onder leiding van Alain Altinoglu.
Solisten: Patricia Petibon, Stanislas de Barbeyrac, Sophie Pondjiclis, Véronique Gens, Sandrine Piau e.a.
Regie: Olivier Py.
Bezocht op 8 december 2017

14 reacties »

  • Caprasse Stefan zei:

    Ga ik naartoe op vrijdag 22 dec en kijk er dus ENORM naar uit!

  • Angot jerome zei:

    Iam the agent of the mezzo soprano Sophie Ponjiclis, who sang this day the Première instead of Miss Brunet Grupposo.
    She jumped in at 17h30 !!!
    And she sang also on Sunday and today again; could you please make a correction in your article, please? thank you
    Jérôme Angot

  • Maarten-Jan Dongelmans zei:

    Dan heeft de Munt dat blijkbaar niet duidelijk gecommuniceerd naar publiek en recensent want Straatman heeft het over Brunet Grupposo als priorin!

  • stefan caprasse zei:

    De vervanging is dan ook blijkbaar op het laatste nippertje gebeurd…

  • Maarten-Jan Dongelmans zei:

    Dan pak je als intendant toch vooraf de microfoon of hang je briefjes op?

  • Pieter K. de Haan zei:

    De mij tot dan toe volslagen onbekende Française Sylvie Brunet-Grupposo heb ik bij mijn weten voor het eerst gehoord als Azucena in een door Dmitri Tscherniakov gemutileerde “Il trovatore” in De Munt in Brussel. Het is (dus) geen sopraan maar een, m.i. zwaar ondergewaardeerde, mezzo-sopraan.

  • Stefan Caprasse zei:

    @Maarten-Jan Dongelmans: Het zou inderdaad raar zijn dat deze vervanging niet voor de voorstelling zou aangekondigd zijn of in een toegevoegd blaadje in het programma zou gestaan hebben…

    @Pieter K. de Haan: Sylvie Brunet Grupposo (inderdaad een mezzo) heb ik toch al een aantal keren in de Munt mogen horen: oa als Geneviève in ‘Pelléas’, Euryclée in ‘Penelope’, Gertrude in ‘Hamlet’ en ook in ‘la Vestale’ en inderdaad in ‘il trovatore’.

    Wat die ‘Il trovatore’ van Dmitri Tcherniakov betreft (als U mij dit zoveelste zijpad wil vergeven) : ik kan me goed voorstellen dat velen dit ‘gemutileerd’ vonden. Voor mij was het echter een voorbeeld van een ‘extreme’ enscenering die ik toch (heel) boeiend vond.
    Laten we duidelijk zijn: er zijn verschillende soortgelijke voorbeelden die ik vreselijk vind, maar dit dus niet…

  • Stefan Caprasse zei:

    … temeer daar Grupposo heel mooi in die enscenering paste…

  • Jordi Kooiman zei:

    Dear Jérôme Angot,

    Thank you for your message. We have corrected the mistake.

    Best regards,
    Jordi Kooiman

  • Mauricio zei:

    Gisteravond enorm onder de indruk geweest van de uitzending op Medici TV: uitstekende cast door de gehele linie, bevlogen dirigent en uitmuntende regie van Py. Hij liet zien hoe je met minimale middelen maar met grote intelligentie en respect voor de partituur een operavooratelling tot een adembenemende ervaring kunt maken, een les voor de regieamateurs overal; als je zoeits ziet dan krijg je weer hoop op dat wij ooit weer naar het theater zullen kunnen gaan met de verzekering echte opera te beleven en niet geconfronteerd te worden met een wangedrocht voor veel geld!

  • d. tecker zei:

    # Mauricio: Ben dezelfde mening toegedaan. Dit is een uitvoering die voor altijd in het gehoor en geheugen gegrift blijft staan.
    Voor degenen die Poulenc’s Dialogues des Carmelites hebben gemist: het blijft te bewonderen via de website van OperaVision.

  • Stefan Caprasse zei:

    Olivier Py behoort inderdaad tot de betere regisseurs. Ik heb heel goede herinneringen aan zijn ‘Les Huguenots’ en ‘Hamlet’ in dezelfde Munt. De middelen daarbij waren niet zo minimaal – maar wel indrukwekkend! En ik kijk enorm uit naar zijn ‘Lohengrin’ later op het seizoen…

    Vrijdag ga ik naar ‘Dialogues’.
    De verwachtingen zijn gespannen…

  • Maria zei:

    Een mooie avond gewenst, meneer Caprasse. Ik heb de live stream gezien. Ik dacht dat ik nooit zou kunnen wennen aan een andere uitvoering dan die in de regie van Robert Carsen, maar ik werd door deze uitvoering helemaal meegenomen. Prachtig in z’n eenvoud en ontroerend. Daar kan menig regisseur die met eigen gebakken absurditeiten de theaters onveilig maakt, nog wat van leren.

  • Stefan Caprasse zei:

    Was inderdaad een EVENEMENT zoals we zelden meemaken! Een bezetting om duimen en vingers af te likken! Met bovenaan (met beide ook een FORMIDABEL inlevingsvermogen!) Patricia Petibon en (weer zingend) Sylvie Brunet-Grupposo maar ook oa Veronique Gens, Sophie Koch en Sandrine Piau waren prachtig in hun rol…

    En inderdaad een uiterst efficiente enscenering in zijn soberheid. Met de gesloten muren, de zichten op bomentuin en tussendoor enkele ‘tableaux vivants’ – symbolisch eerst de annunciatie, dan de kerstscene en op het einde natuurlijk de passiescene- met heel prangende personenregie.

    Of hoe zowel Carsen als Py op hun eigen manier een prachtige weergave van het werk gaven…

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.