Home » Featured, Operarecensie

King Arthur als bonte revue bij BarokOpera

Den Haag5 december 2017 Geen reacties

Eindelijk eens geen Dido and Aeneas. BarokOpera Amsterdam bracht op 2 december een nieuwe, bonte productie van het zelden uitgevoerde, sprookjesachtige muziekspel King Arthur van Henry Purcell in première in de Koninklijke Schouwburg in Den Haag.

Scène uit King Arthur bij BarokOpera Amsterdam. (© Benoite Fanton)

Wat te doen met een toneelstuk van vijf bedrijven dat ruim vier uur duurt en waar zeker voor een uur aan prachtige muziek in zit? Je zet de schaar in de tekst en naait de relevante delen met de muzikale scènes aan elkaar tot een voor hedendaags publiek hapklare voorstelling van een goede anderhalf uur plus pauze. Aldus deed BarokOpera Amsterdam met King Arthur, een zogeheten semi-opera van dichter John Dryden en componist Henry Purcell uit 1691.

King Arthur is een lofzang op het onoverwinnelijke Engeland. De volledige titel luidt dan ook King Arthur or the British Worthy. Die waardigheid wordt aangetast door een volk dat het Engelse grondgebied binnendringt: de Saksen onder leiding van hun koning Oswald. Maar hij vindt de strijdvaardige Arthur op zijn weg, de leider van de Britten.

Het is een verhaal uit oude tijden, dat door John Dryden flink opgeklopt is door Oswald de geliefde van Arthur, Emmeline, te laten roven. Met behulp van sprookjesachtige figuren, zoals waternimfen, een tovenaar, een luchtgeest en een aardgeest, wordt de strijd gemanipuleerd en uiteraard gewonnen door de Britten. “We’ll toss of our Ale… We pakken vijf biertjes in iedere hand, en klinken op goed oud Engeland”, zo eindigt het afsluitende jubelkoor.

Verkleedkist

In zijn regie zet Sybrand van der Werf links op het toneel het barokensemble van tien musici en rechts vijf zanger-acteurs, die op stoelen gezeten hun beurt afwachten. De plaatsing van de muziekinstrumenten tegen de klankopslurpende coulissen is hoogst ongunstig. Dat muzikaal leider Frédérique Chauvet met die plek heeft ingestemd, is onbegrijpelijk. De vier strijkers klinken stoffig en van het klavecimbel en de luit is nauwelijks iets te horen. Alleen de blazers (fluit, hobo en trompet) en het slagwerk reiken tot in de zaal.

In het midden van het speelvlak staat een enorme hutkoffer, die opengaat als een enorm zwaard uit de deksel wordt getrokken, een verwijzing naar het mythische zwaard van koning Arthur. De koffer blijkt een verkleedkist, waaruit ook allerlei attributen komen als doeken om een rivier te verbeelden en doorschijnende plastic zakken voor de zeer geslaagde ijsscène.

Scène uit King Arthur bij BarokOpera Amsterdam. (© Benoite Fanton)

Met vijf zanger-acteurs wordt een veelheid aan rollen letterlijk ingevuld. Bij de afgedrukte Engelse zangteksten in het programmaboekje staan daarom geen rolaanduidingen, maar slechts de naam van degene die zingt.

De gesproken teksten, deels in het Nederlands, staan niet afgedrukt. Zij worden quasi improvisatorisch voorgedragen, soms op verheven toon, dan weer losjes. Het doet aan cabaret denken, en aan het theater van de lach. Enkele geslaagde grappen – zoals met de Britse vlag, verwijzend naar het Brexit-gedoe – worden afgewisseld door stompzinnige grollen, met een badeendje en een gootsteenontstopper, die het publiek aan het lachen krijgen.

Gloriemomentje

De genietingen kwamen vooral uit de zang. De sopranen Wendy Roobol en Mijke Sekhuis, tenor Mattijs Hoogendijk en bariton Pieter Hendriks hebben mooie, frisse en krachtige stemmen. Countertenor Oscar Verhaar vermoedelijk ook, maar zijn geluid werd gefnuikt door een verkoudheid.

Purcell legde hen prachtige melodieën in de mond, zoals het lied van de twee stroomgodinnen die Arthur trachten te verleiden; een gloriemomentje voor de beide sopranen. Dat Purcell al vóór Vivaldi de winterkou effectvol in muziek uitbeeldde, werd hoorbaar in de aria ‘What power art thou’, met bibbereffecten in de strijkers en de zangstem. Ook de koorstukken werden gezongen door de vijf solisten, zoals de schitterende pastorale ‘How blest are shepherds’. Al met al een bonte, barokke revue.

King Arthur is nog tot en met 15 april te zien. Zie voor meer informatie de website van BarokOpera Amsterdam. Lees ook onze uitgebreide reportage over deze productie.

door

King Arthur
Henry Purcell

Uitgevoerd door: BarokOpera Amsterdam onder leiding van Frédérique Chauvet.
Solisten: Wendy Roobol, Mijke Sekhuis, Mattijs Hoogendijk, Pieter Hendriks en Oscar Verhaar.
Regie: Sybrand van der Werf.
Bezocht op 2 december 2017

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.