Home » Buitenlands nieuws, Nieuws, Operarecensie

Munt heropend met Pinocchio als operastrip

Brussel7 september 2017 12 reacties

Geen Babylonische maar toch een lange ballingschap maakte de Munt door. Op dinsdag 5 september keerden gezelschap en publiek terug in de vertrouwde Muntschouwburg, waar alleen nieuwe stoelen iets tonen van de omvangrijke renovatie. Die is overigens nog niet af. Wel klaar: een nieuwe opera van Philippe Boesmans, Pinocchio.

Marie-Eve Munger en Chloé Briot in Pinocchio. (© Hofman / La Monnaie De Munt)

Het eerste applaus in de met airconditioning opgefriste zaal klonk voor koning Philippe en koningin Mathilde, de eregasten bij de heropening. Uit de orkestbak steeg de Brabançonne in een verrassend dansant klinkende versie voor strijkkwintet, wat een perfecte opmaat bleek voor de speelse ouverture van Pinocchio.

Meer dan dat strijkkwintet gebruikt Boesmans niet uit het strijkerscorps van het Symfonisch Orkest van de Munt. De blazers zijn ook bijna allemaal enkelvoudig bezet. Het slagwerk daarentegen is ruimer uitgerust om de proloog, de 23 scènes en de epiloog van allerlei effecten te voorzien. Alles bijeen een kleurrijke en ritmisch gevarieerde orkestpartituur om het sprookje, over een houten pop die uiteindelijk een levend jongetje wordt, voort te stuwen.

In 1881 publiceerde Carlo Collodi zijn verhaal als feuilleton in een Italiaanse krant. In 1883 volgde de serie als boek. In 1940 maakte Walt Disney er een film van, die diep in het geheugen van opeenvolgende generaties gegrift staat. Toch waagde de Franse auteur en theatermaker Joël Pommerat het om in 2008 Pinocchio op het toneel te zetten. Blijkbaar met succes, want nu maakt de pop de metamorfose door tot operaheld, dankzij een samenwerking tussen Pommerat en de Belgische componist Philippe Boesmans.

Het is Boesmans’ zevende opera, een opdrachtwerk in samenwerking met het festival van Aix-en-Provence, waar eerder in de zomer de wereldpremière werd gevierd. Befaamd werd Boesmans tweede werkstuk, Reigen (1993), gebaseerd op het gelijknamige toneelstuk van Arthur Schnitzler. Pinocchio doet eraan denken: dezelfde opzet van losse scènes die geschakeld zijn en eenzelfde kleine orkestbezetting. De vocale bezetting is evenzeer compact: zes zangers, die bijna allemaal meer rollen voor hun rekening nemen. Geknipt voor zowel grotere als kleinere theaters.

Stéphane Degout in Pinocchio. (© Hofman / La Monnaie De Munt)

Het ensemble wordt gepresenteerd als een rondreizend gezelschap, met de directeur als presentator. Hij praat en zingt de scènes waarin de avonturen van Pinocchio zich afspelen aan elkaar. Zowel door zijn uitstraling als door zijn stemexpressie hield bariton Stéphane Degout de lange, eigenlijk te lange voorstelling (bijna twee uur zonder pauze) bij elkaar. Hoewel hij zijn publiek begroette met: “Dames en heren, beste kinderen”, is deze opera niet geschikt voor kinderen. Dan moet Pommerat zijn libretto drastisch inkorten, wat ook voor volwassenen niet overbodig zou zijn. De eerste vier scènes over het ontstaan en de eerste ontwikkelingen van de houten pop zijn nogal langdradig.

Pinocchio wordt uitgebeeld door sopraan Chloë Briot. Zij is gehuld in een zwarte cape met capuchon, een korte rode broek en gympen. Haar gezicht is wit geschminkt, met daarin grote zwarte oogkassen. Het is wennen aan dit enge gezicht. Briot heeft een levendige partij te zingen, want Pinocchio is een wispelturig wezen. Hij houdt van grootspraak, waardoor hij vaak in een moeilijk parket verzeild raakt. Maar gelukkig is er de goede fee, die hem aanvankelijk vergeefs maar uiteindelijk met succes op de goede weg helpt.

De derde en grote scène met de fee (nummer 13) maakt veel indruk. Daar biedt de opera, na een stijgende spanning in enkele voorafgaande scènes, eindelijk het gevoel dat er wat gaat gebeuren. De fee staat in een lange wijde japon hoog op een stellage en zingt met schitterende coloraturen de eigenwijze pop (zijn neus begint te groeien) toe. Het is een snoepje van een partij voor de stratosferisch hoog zingende Marie-Eve Munger.

Pinocchio gaat weliswaar naar school, maar hij belandt tussen kinderen die hem van de wijs brengen en beleeft met hen een transformatie tot ezel om gedresseerd te worden tot circusattractie. Na enkele korte scènes waarin Boesmans met snelle klankschetsen de voortgang aangeeft, komt Pinocchio terecht in de buik van een walvis, waar hij ook zijn vader (de houtbewerker uit het begin) aantreft. De zelfbevrijding uit het zeemonster leidt naar het nogal abrupte slot, waarin de houten pop een menselijk wezen wordt.

Librettist-regisseur Pommerat laat de scènes spelen in voornamelijk vrij donkere sferen, met nauwelijks decors. Er worden vooral bewegende beelden getoond op de achtergrond en her en der duiken figuranten op in sprookjesachtige pakken. De scènes doen denken aan striptekeningen. Voor de oren brengen dirigent Patrick Davin en zijn musici de partituur energiek tot klinken. Er bleef echter weinig van in het geheugen hangen, op die coloratuurscène na.

Pinocchio is nog tot en met 16 september te zien. Zie voor meer informatie de website van de Munt.

door

12 reacties »

  • Sam zei:

    In Aix werd deze productie mét pauze gespeeld, wat inderdaad beter had geweest. Dan is deze opera zeer geschikt voor kinderen, een aangename manier om met klassieke muziek en opera kennis te maken. Dat had trouwens ook aan het publiek de kans gegeven om hun gerenoveerde theater te herontdekken.

    Het einde was inderdaad nogal abrupt, plots moest alles snel gaan.
    De gesproken passages van Degout (en dat waren er heel wat) waren zéér snel, je werd er bijna nerveus van. De regie zorgde wel voor enkele mooie beelden, en vooral de ‘sfeer’ zat goed.

  • Rudolph Duppen zei:

    De opera The Adventures of Pinocchio (2007) van Jonathan Dove lijkt me veel geschikter voor kinderen.Het verhaal wordt met veel vaart verteld en de muziek is zeer aanstekelijk. De opera was een groot succes in Engeland, Duitsland en de Verenigde Staten. Ook op Blu-ray te verkrijgen.

    Producties zonder pauzes schijnen in de mode te zijn. Vooral bij opera’s met een aantal longueurs is dat vrij vervelend. Alsof ze willen zeggen “U zult weten dat U in het theater bent geweest”

  • Stefan Caprasse zei:

    Als fan van Philippe Boesmans (zie mijn commentaar achter ‘De Munt heropent met Pinocchio’ kijk ik toch wel zeer uit naar de voorstelling van zondag…

  • Rudolph Duppen zei:

    We zijn zeer benieuwd naar je ervaringen. Wil je ook iets schrijven over de bijna voltooide renovatie?

  • Stefan Caprasse zei:

    Er is een nieuwe overdekte entrée – waar men trouwens een complete detectie moet ondergaan en natuurlijk uw tas wordt ingezien. Het zijn me tijden! Binnen viel me niet zoveel nieuws op – wel nieuwe zetels in de zaal! De scene moet ook hernieuwd zijn maar dat viel ook niet echt op. Er is een nieuw locatiebureau en helaas (!) de boeken- en cd-shop is er niet meer!.. In het recente nummer van OPERA MAGAZINE staat een intervieuw over de heropening met Peter de Caluwé. Het was natuurlijk wel een “Dich teure Halle grüss ich wieder”-gevoel!

  • Stefan Caprasse zei:

    Wat ‘Pinocchio’ betreft: het heeft me zeker niet ontgoochelt! Zoals steeds bij Boesmans: heel toegankelijke muziek om niet te zeggen prettig in het oor klinkend en toch niet banaal! Wellicht origineler op orchestraal vlak dan op vocaal (dat een beetje monotoon was). Ook weer een leuk geparafraseerd citaat (als de oplichters Pinocchio aanraden zijn geld te begraven op het “mirakelveld”) van de aria van Mignon : “Connais-tu le pays ou fleurit TON ARGENT?” enz… Ik dacht ook ergens een lied van Jacques Brel te herkennen…
    En ook nu weer jazz tussenkomsten van Fabrizio Cassol (die ook al meewerkte aan ‘Wintermärchen’).
    Een enscenering die met relatief sobere middelen toch de juiste ambiance wist te creëren.
    Uitstekende vocale én scenische prestaties van Chloe Briot (Pinocchio) die er inderdaad wat akelig uitzag, van Stéphane Degout (de directeur) en Vincent le Texier (de vader). De fee van Marie-Eve Munger was vooral vokaal (koloratuur!) prachtig. Qua scenisch effect deed ze me een beetje aan de reuzen van Chereau denken…
    Inderdaad is het begin wat traag (wat niet wil zeggen dat erin gecoupeerd hoeft te worden) en het einde wat abrupt. Maar welk opera-libretto is perfect evenwichtig?
    Persoonlijk vond ik het goed dat er geen pause was: in de ganse opera zit een continuïteit en die werd aldus niet doorbroken.
    Het is volgens mij een opera die inderdaad zowel geschikt is voor (sommige) kinderen als voor (de meeste) volwassenen.
    Ik zal niet zeggen dat dit mijn lievelingsBoesmans is; persoonlijk verkoos ik ‘Reigen’ en ‘Wintermärchen’ (ook qua onderwerp) maar het is alleszins weer een werk dat een toekomst verdient!

  • Rudolph Duppen zei:

    @Stefan Caprasse:Wat vervelend van die detectie. Het is te hopen dat het van tijdelijke aard is maar dat zal wel niet. De zaal en de foyers waren altijd al prachtig. De vervanging van de zetels was geen overbodige luxe.

    Ik heb Pinocchio op Arte bekeken en beluisterd en ben het in grote lijnen met je eens.Zeer inventieve regie en decors. Fijnzinnige muziek, fraaie orkestratie, mooie zanglijnen. Alle lof voor de uitstekende vertolkers. Toch kon de voorstelling me niet van begin tot het einde boeien en ik vraag me af of deze opera geschikt is voor kinderen. Te langdradig, te woordenrijk en te weinig verrassend.The Adventures of Pinocchio van Jonathan Dove is misschien muzikaal en theatraal minder ambitieus maar het geheel is veel aanstekelijker, heeft veel meer vaart en het verhaal wordt beter verteld.

  • Stefan Caprasse zei:

    @Rudolph Duppen: Zou kunnen. Ik ken dat werk van Dove niet. Men zou het maar eens moeten spelen, liefst in België. Mijn beoordeling was ook grotendeels gekleurd door mijn grote interesse in Boesmans waarvan ik alle opera’s in de Munt gezien heb (behalve Yvonne, maar dat heb ik intussen op BRAVA gezien). Samen met de opera’s van Saariaho (L’amour de loin !!) behoren ze voor mij tot de weinige hedendaagse opera’s die tot ‘klassiekers’ kunnen uitgroeien. Het valt trouwens op dat de meeste opera’s van Boesmans reeds elders en in andere ensceneringen gegeven zijn. ‘Reigen’ wordt trouwens dit najaar in de Bastille in een eigen produktie gegeven.
    Het zou eens interessant zijn om te zien wat een Carsen of een McVicar (ik fantaseer maar…) met ‘Reigen’ of ‘Wintermärchen’ zouden kunnen doen terwijl bv Leontes en Hermione (beide uit ‘Wintermärchen’ mooie rollen zijn voor baritons als Keelyside, Tézier of Terfel en sopranen als Harteros (ik fantaseer nog steeds…). Misschien moet de Nederlandse Opera daar eens aan denken…

  • Rudolph Duppen zei:

    @Stefan Caprasse: zo’n invloedrijke componist als Boesmans zou zeker aan bod moeten komen bij DNO of de Zaterdag Opera Matinee. Ze denken waarschijnlijk dat als je die opera’s wilt zien je maar naar Brussel moet afreizen.In de Nederlandse pers wordt wel aandacht besteed aan zijn opera’s. Pinocchio kreeg een genuanceerde recensie in o.a. NRC/Handelsblad.De Engelsen hebben sinds kort (2017) ook een eigen opera naar Shakespeares A Winter’s Tale van Ryan Wigglesworth. John Harbison ging hem in De Verenigde Staten al voor met zijn versie in 1979. Je casting van Reigen en Wintermärchen lijkt me prachtig maar wel kostbaar.

  • Stefan Caprasse zei:

    @Rudolph Duppen: Ik heb nu ook het werk van Jonathan Dove gezien (bedankt trouwens van me op dit werk te wijzen) een produktie van OPERA NORTH uitgezonden op Brava.
    En inderdaad, ik moet toegeven, als operaversie van het Pinocchio-verhaal is dit beter.

    Het verhaal is veel uitvoeriger verteld, veel kleurrijker, sprookjesachtiger, de personages en situaties zijn muzikaal beter gekarakteriseerd enz… Die muziek is heel melodisch en afwisselend, soms echt opera-achtig, soms meer musical-zoals ook de zeer mooie enscenering van deze produktie, die ook een uitstekende cast van zangers-comedianten had, waaronder vooral:
    een prachtige, guitige tittelrol door Victoria Simmons
    een heel menselijke vader van Jonathan Summers &
    een uiterst charmante fee van Mary Plazas.

    In vergelijking daarmee is het werk van Boesmans (met al zijn door mij vermelde kwaliteiten, daar blijf ik bij!) veel schetsmatiger.
    Er moet wel gezegd dat de Dove-versie meer uitgaat van het volledige oorspronkelijke verhaal van Collodi, terwijl de Boesmans-versie al uitgaat van een ‘reductie’ door Pommerat die heel wat minder sprookjesachtig is, al zijn er wel vele scenes die overeenstemmen…

    Het was voor mij alleszins zeer interessant BEIDE opera’s te zien…

    Samenvattend kan men dus stellen dat voor de beste weergave van het Pinocchio-verhaal in operavorm men zich dus inderdaad het beste tot Dove kan wenden, maar de Boesmans-liefhebbers (waaronder ik dus) zullen zeker ook zijn versie niet willen gemist hebben…

  • Rudolph Duppen zei:

    @Stefan: hartelijk dank voor je vergelijking. Er is plaats voor beide. Boesmans is muzikaal wel ambitieuzer dan Dove. De Engelsman benadrukt het narratieve terwijl Boesmans er meer een psychodrama van maakt.

  • Stefan Caprasse zei:

    Zoiets ja, bedankt!

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.