CD-recensies

Grootse Thielemann dirigeert Elektra

Richard Strauss’ Elektra is een heftige opera. Richard Strauss’ Elektra met Christian Thielemann op de bok is nog veel heftiger. Bloedstollend spannend, snijdend intens en groots, erg groots. Alsof hij met godenarmen staat te zwaaien.

Wie van gruwelijke opera’s houdt, is bij Richard Strauss aan het goede adres. In een paar jaar tijd schreef hij twee van de heftigste opera’s uit het hele operarepertoire: eerst Salome, daarna Elektra.

Elektra is gebaseerd op een Griekse tragedie van Sophocles. Elektra’s moeder Klytämnestra heeft met hulp van haar minnaar Aegisth haar man Agamemnon in koelen bloede vermoord. Ze wilde ook Agamemnons zoon Orest vermoordden, maar Elektra hielp hem ontsnappen. Sindsdien leeft Elektra in vernederende omstandigheden aan het hof, wachtend op de terugkomst van Orest en bezeten door één verlangen: wraak.

Het Festspielhaus Baden-Baden zette de opera in februari 2010 op het toneel, in een wat oudere productie van Herbert Wernicke (1997). Het is een sobere, abstracte enscenering, met een wijds maar kaal decor en dominante bloedrode en zwarte kleuren.

Door de afwezigheid van allerlei opsmuk wordt je aandacht volledig gevestigd op de personages. Mijns inziens een sterk punt. Jammer vind ik wel dat het spel van die personages nogal statisch is, waardoor de heftige emoties uit de muziek soms op het toneel wat kil overkomen.

Linda Watson vervult knap de loodzware titelrol. Ze zingt een paar verfijnde, lyrische passages en haalt regelmatig fors en groots uit. Helaas is er van haar Duits niet veel te verstaan. Wat ik ook mis, is de waanzin in haar spel. Ze is mij te nuchter, te ‘clean’.

Manuela Uhl (Elektra’s zusje Chrysothemis) laat wat dat betreft meer emotie zien en horen. Ze is een jong, gevoelig, verlangend meisje – een scherp contrast met haar ‘bloeddorstige’ zus. Haar heldere zang is fraai en haar hoge noten zijn spetterend.

Jane Henschel is een enge Klytämnestra. Ze zingt allesbehalve mooi, maar dat zou haar personage ook niet passen. Haar zang is rauw en uiterst intens. En haar gegil op het moment dat Orest haar afslacht, gaat door merg en been.

Ook Albert Dohmen (Orest) en René Kollo (Aegisth) laten verdienstelijk van zich horen, maar dat is niet wat de productie bijzonder maakt. Die eer mag wat mij betreft op het conto van Christian Thielemann worden geschreven. De Duitse maestro geeft met de Münchner Philharmoniker een grandioze interpretatie van Strauss’ werk.

Het spel van het orkest blaakt van oerkracht en sleept je continu mee in overweldigende, brute climaxen. Haat, angst, wanhoop, extase: alles zit erin. Aan de andere kant weet Thielemann het orkest ook terug te brengen tot snijdend intens spel en ijzingwekkende klankkleuren – altijd perfect in balans en uiterst transparant.

Dit is naar mijn idee een uitvoering die tot de diepste lagen van Elektra doordringt en zo een indrukwekkend beeld geeft van de meesterlijke hand van Richard Strauss. Het orkest komt niet voor niets uit zijn geboorteplaats.

Vorig artikel

Gevierd bariton treedt op in Rotterdam

Volgend artikel

I puritani voor blinden in Genève

De auteur

Jordi Kooiman

Jordi Kooiman

Jordi Kooiman is journalist en muziekliefhebber. Hij richtte in januari 2009 Place de l'Opera op en leidt sindsdien het magazine.