CD-recensies

Zes Puritani’s onder de loep

Op 4 februari bracht De Nederlandse Opera met een nieuwe productie I Puritani weer onder de aandacht. Vincenzo Bellini’s opera is wat je zou kunnen noemen een ‘castkraker’; de eisen aan de solisten zijn hoog. Dat maakt een goede opname moeilijk, blijkt uit een vergelijking van zes Puritani’s.

Van I Puritani wordt beweerd dat het een echte sopraanopera is, maar dat is niet helemaal waar. Elvira is dan wel de spil waar alles om draait, zij is tevens één van de meest passieve operaheldinnen die ik ken. Alles wat om haar heen en met haar zelf gebeurt, gebeurt ondanks haarzelf, want behalve liefhebben en gek worden schijnt ze niets anders te kunnen.

Het is de bas (haar oom Giorgio) die allerlei plannetjes bedenkt om de actie de gewenste kant op te sturen, en daar wordt hij door Bellini met de mooiste aria (‘Cinta di fiori’) voor beloond. Teneinde de gek geworden sopraan van de wisse dood te redden verzoekt hij de bariton om het leven van de tenor te sparen, wat in een stoer en bloedmooi duet (‘Suoni la tromba’) uitmondt, een echte showstopper. Ook de tenor, die in een vlaag van patriottische waanzin de boel in de war lijkt te sturen, krijgt heel wat mooie (en hoge!) noten te zingen.

Al die rollen vereisen een voortreffelijk belcanto-techniek, met goede coloraturen, leggiero en legato. Vergeet ook het gevoel voor drama niet, want wat Bellini (en zijn librettist!) voor de arme sopraan hebben bedacht, is niet niets. Eerst wordt ze uitzinnig van vreugde, daarna verliest ze haar verstand. Die krijgt ze dan terug om het prompt meteen kwijt te raken. Bent u er nog? Want het is nog niet afgelopen: haar verstand komt terug en ze wordt alweer uitzinnig van vreugde. Oef… Gelukkig stopt de opera hier, want die arme Elvira kan zo’n kunstje blijkbaar een paar keer per dag herhalen.

puritani-callasElvira was, net als Lucia, het paradepaardje van Callas en Sutherland. Beiden hebben haar ook meerdere malen opgenomen. In 1974 heeft Bonynge (Decca 4175882) de opera weergaloos opgenomen, met naast Sutherland een subliem mannentrio: Pavarotti, Ghiaurov en Cappuccilli. Sutherland klinkt als een klein hoopje ellende en haar virtuositeit kent geen grenzen. Pavarotti bezat in die tijd nog alle hoge noten, die hij er languit en schijnbaar zonder moeite uitknalt.

De opname met Callas uit 1953 (Naxos 8110259-60) gaat gebukt onder de misbezetting van Arturo door Giuseppe di Stefano, die de rol in geen opzicht aankan. Maar Nicola Rossi-Lemeni (Giorgio) en Rolando Panerai (Riccardo) zijn voortreffelijk. Tulio Serafin dirigeert met schwung en zeer theatraal. Helaas is de score niet compleet.

Een goed (en compleet!) alternatief is de uit 1973 stammende opname onder Julius Rudel (Westminster 4712072), met een zeer virtuoze Beverly Sills. Arturo wordt hier buitengewoon mooi en elegant gezongen door Nicolai Gedda. Hij heeft een mooie aanloop tot zijn hoge noten, en persoonlijk vind ik het zeer aangenaam om naar hem te luisteren.

De conclusie: het beste bent u uit met de Decca-opname. Hier krijgt u alle muziek, alle hoge noten én de goede mannenstemmen. Maar aangezien Naxos’ opname met Callas in de budgetklasse valt, kunt u het zich permitteren om die erbij te kopen.Vanwege de dirigent, vanwege de bas, maar voornamelijk vanwege La Divina. Want laten we eerlijk zijn – niemand kan zo heerlijk gek worden.

puritani-netrebkoMoeilijker wordt het als u het werk op dvd wilt aanschaffen, want geen van beide door mij bekeken uitvoeringen kan ik zomaar aanbevelen. De Metropolitan Opera-productie, gefilmd in januari 2007 (DG 0734421), is ruim 30 jaar oud en was oorspronkelijk gemaakt voor het duo Sutherland/Pavarotti. Wellicht is dit de verklaring voor het totale gebrek aan personenregie?

Monumentale tableaux-vivants zijn het, waar niemand zich schijnt te mogen bewegen. De decors zijn ‘larger then life’ en alle kostuums ‘historisch verantwoord’. Netrebko is zeer tot de verbeelding sprekende Elvira. En al ontbreekt het haar aan trillers, haar topnoten zijn er en haar presentatie (het charisma, hè?) is meer dan overtuigend.

Zowel de bas (John Relyea) als de bariton (Franco Vassallo) zijn redelijk, maar niet meer dan dat. Eric Cutler (Arturo) heeft een aangenaam timbre en hij haalt (al is het met moeite) zijn hoge noten, maar echt spectaculair is het niet.

puritani-gruberovaMaar Cutler is in ieder geval beter dan de totaal miscaste José Bros in de zeven jaar oude productie uit Barcelona (TDK OV-OPIP). Voor Arturo is zijn stem minstens een maatje te klein. Gruberova is een kwestie van smaak. Ik hou niet van haar ‘poesje-mauw-maniertjes’ en vind het geen pretje om naar haar te kijken, maar met de ogen dicht valt er objectief gezien weinig te klagen, want belcanto zingen, ja, dat kan ze wel.

Carlos Álvarez is een eersteklas Riccardo, maar de rest van de cast… Ach, laten we daarover zwijgen. De regie van Andrei Serban is werkelijk subliem en spannend, daar heb ik veel plezier aan beleefd. Een vriend met wie ik keek, vatte het zo samen: Netrebko is voor heteromannen en Gruberova (vanwege Álvarez) voor homo’s en vrouwen, maar zo simpel is het natuurlijk niet. Konden we maar knippen en plakken!

Waar u absoluut niet omheen kunt, is een 25 cd’s tellende ‘Bellini box’. Voor rond de 90 euro krijgt u alle opera’s van Bellini, waarvan twee (La Sonnambula, Norma) ook nog eens in twee verschillende uitvoeringen. Veel klinkende namen ook: Callas, Caballé, Scotto, Ciofi, Bernstein…

De meeste opnamen zijn live en de geluids- en uitvoeringskwaliteit is wisselend, maar een kniesoor die daarover valt. Daar zit uiteraard ook I Puritani bij, opgenomen in 1989 in Catania, met Mariella Devia als Elvira. In het begin valt ze een beetje tegen, maar gaandeweg wordt ze steeds beter. Niet alleen heeft ze alle topnoten paraat, ook brengt ze veel (eigen) versieringen mee, en als dat geen art van belcanto is, dan weet ik het niet. Jammer genoeg zijn de mannen niet van hetzelfde niveau, al is Paulo Washington een ontroerende en zeer tot de verbeelding sprekende Giorgio. Op een speciale cd-rom zijn alle libretti bijgesloten. Een MUST! (Dynamic CDS 52/1-25)

Deze discografie verscheen eerder in Vriendenbulletin, uitgave van de Vrienden van De Nederlandse Opera.

Vorig artikel

Hoogeveen krijgt jaarlijks gratis opera

Volgend artikel

Opera Kurt Weill krijgt twee Grammy’s

De auteur

Basia Jaworski

Basia Jaworski