Sancta van Holzinger extreem lichamelijk
In haar nieuwste productie Sancta combineert Florentina Holzinger de controversiële kleine opera Sancta Susanna van Paul Hindemith uit 1921, met pop, rock, noise en traditionele mismuziek. De voorstelling die eruit voortvloeit, is een tweeënhalf uur durende ‘mis’, met show, opera, hardrock en performance art.

Sancta Susanna vertelt hoe een non, geraakt door de lente, haar eigen seksualiteit opeist, ondanks de kerkelijke remmingen. Holzinger koppelt deze thematiek aan haar eigen onderzoek naar het vrouwelijk lichaam. Ze vond het fascinerend dat haar onderzoek naar deze opera haar zelfs op pornosites bracht, en zegt dat de verbinding tussen ‘hoge’ en ‘lage’ kunst steeds is terug te vinden in haar werk. Holzinger nodigt ons uit om kunstvormen te overstijgen en na te denken over hoe we ons lichaam, in al zijn vormen, opeisen. Met inmiddels ruim zeventig voorstellingen door heel Europa, nu ook in Antwerpen bij Opera Ballet Vlaanderen volledig uitverkocht en binnenkort op de Biënnale van Venetië, is duidelijk: Florentina Holzinger is ‘hot’.
De voorstelling begint vrij traditioneel met muziek van Paul Hindemith en twee nonnen op het toneel, maar al gauw komen er naakte performers op en worden we getrakteerd op een lesbische seksscène achter op het toneel, die zeker niet zou misstaan op een pornosite. Dat wordt later, terwijl de twee dames samen op één kruis hangen, ettelijke meters boven de grond, nog eens nadrukkelijker herhaald. We zien twaalf naakte nonnen op rolschaatsen zich uitleven in een halfpipe, terwijl eenzelfde aantal een klimwand achter op het podium met louter klimgordel bestijgt. Op de wand wordt overigens ook de Sixtijnse Kapel geprojecteerd. Ook is er een zwangere bloot persoon met dwerggroei die Paus speelt, een messenslikker, een goochelaar en iemand die doet aan live zelf mutilatie. Het Vlaamse Operakoor staat, aanvankelijk nog aangekleed, boven op de half pipe te dansen en het Symfonisch Orkest Opera Ballet Vlaanderen onder leiding van Marit Strindlund zit in de orkestbak.

Discrete blikken
In het volledig uitverkochte operahuis te Antwerpen lopen vooraf de gebruikelijke bezoekers onrustig met elkaar te praten. Meerdere bezoekers hoor ik zeggen; “ ik verheug me er wel op, dit wordt speciaal!’ Niet eerder het afgelopen seizoen was de sfeer zo uitgelaten en verwachtingsvol. Tijdens de voorstelling wierpen mensen in de zaal beneden elkaar discreet blikken van ongeloof toe, het was relatief licht aldoor in de zaal en er werd regelmatig gelachen, elkaar aanstotend, ik zag stralende ogen. Niemand liep bij de première in de zaal weg. In de media staat dat bij andere voorstellingen mensen onwel werden en zich onder medische behandeling moesten stellen. Nadrukkelijk staat op de borden dat de zaal verlaten voor bijvoorbeeld toiletbezoek toegestaan is en de verdere disclaimer (zie foto).

Live mutilatie
En schokkend was het! In een geïmproviseerd ziekenhuisbed laat een lid van de cast een stuk vlees uit haar lichaam snijden. Het macabere tafereel van het scalpel dat door de huid snijdt, wordt live gefilmd in close-ups en op twee grote schermen geprojecteerd. Ook zijn er naast die incisie meerdere littekens te zien. Ik meen er in beeld van de camera zeker 12 te tellen en er zijn zeventig uitvoeringen. Het bebloede stukje huid wat nog het meest lijkt op een rode garnaal wordt daarna in olie gebakken op een barbecue. Op dat moment is een tafel ingericht als die van het laatste avondmaal; Ga je gang en eet. Dit is mijn lichaam! Een scene die, ervan uitgaande dat dit werkelijk plaats vindt, mij zeer stockeerde. Moreel vind ik het een brug te ver om iemand dit in een performance, dus betaald en met collega’s (met het risico op groepsdwang) te laten doen.
Tijd voor biecht
Het is tijd om te biechten. Al bij aankomst in de opera lopen er personen verkleed als non rond. Ik zag ze geïnteresseerd bij de merchandise van de voorstelling kijken. Daar stonden zaken bij als ‘Sancta’s Hoodie’s’ en ‘Magdalena’s voeten parfum’ en het ‘heilige glijmiddel’. Dat de opera’s meer als show gepresenteerd wordt is wel duidelijk.

Er liep een non rond die papiertjes uitdeelde waar je je zondes op kan schrijven. “Het is goed om die dingen op te schrijven vertrouwde ze me toe, dat lucht op.” Later, op ongeveer twee derde van de show, worden er aantal van die briefjes anoniem voorgelezen. Wie die man was die biecht dat hij ruzie met de bisschop heeft? Twee dagen geleden zag ik via Facebook langskomen dat de bisschop van Antwerpen, Johan Bonny, op tv in discussie gegaan was met Jan Vandenhouwe, directeur van de Vlaamse Opera. De bisschop was opgejuind door een studentenvereniging die niet een traditionele studentenvereniging is, maar een internationale conservatieve organisatie i, die vaak betoogt tegen abortus etc. Kennelijk volgen zij deze voorstelling om publiciteit te krijgen voor hun conservatieve boodschap. Op basis van die informatie en beelden beschouwde ook de Bishop de voorstelling als kwetsend. Jan Vandenhouwe nodigde hem van harte uit te komen kijken, maar daar bedankte de bisschop voor. Overigens was er bij de première geen protest of actiegroep te zien voor het operagebouw.

Regie
Florentina Holzinger’s artistieke pad begon met een studie choreografie aan de Amsterdamse Hogeschool voor de Kunsten, waarna ze jaren in België, Nederland en Duitsland werkte. Haar grote doorbraak kwam zeven jaar geleden met Tanz, een voorstelling waarin ze het vrouwelijke lichaam centraal stelde in de dans. Sindsdien is ze niet meer weg te denken uit de theaterwereld. Na die jaren werkte ze voor prominente podia, van de Volksbühne in Berlijn tot de Ruhrtriennale en de Wiener Festwochen. Haar handelsmerk? Een mix van theatrale show, functioneel decor, en een combinatie van ‘hoge kunst’, opera en professionele dans met ‘lagere’ vormen zoals rock, circus, messen slikken en body suspension. Haar performers zijn bewust divers: vrouw, queer, non-binair, trans, en sekswerkers.
Begeerte van Hindemith
Sancta Susanna’ van componist Paul Hindemith is te plaatsen binnen de vroege avant-garde, waarin vrouwelijke begeerte en seksuele zelfbeschikking expliciet worden gethematiseerd. Net als in ‘Salome’ en ‘Erwartung’ staat een vrouwelijk personage centraal dat de grenzen van religie, moraal en lichamelijkheid overschrijdt. Susanna’s verlangen wordt verbonden met natuurbeelden en krijgt een bijna onstuitbare kracht die de besloten kloosterruimte doorbreekt. Haar uiteindelijke straf onderstreept hoe vrouwelijke begeerte binnen een religieus kader als afwijking wordt gezien en gesanctioneerd. Muzikaal ontwikkelt Hindemith een uitgesproken expressionistische taal, waarin niet zozeer melodie maar klank en structuur centraal staan. Hindemith gebruikt herhaling en terugkerende motieven om het dramatische verloop te structureren en de onontkoombaarheid van Susanna’s lot te benadrukken. De muziek beweegt zich in extremen: van ingehouden spanning tot eruptieve uitbarstingen, vooral in de vocale lijnen. Toch worden deze extases uiteindelijk weer ingepast in een overkoepelende muzikale vorm, waardoor zelfs de momenten van bevrijding een zekere begrenzing behouden. Daarmee weerspiegelt de muziek zelf het spanningsveld tussen individu en instituut, begeerte en discipline. ‘Sancta Susanna’ maakt deel uit van een drieluik met ‘Mörder, Hoffnung der Frauen’ en ‘Das Nusch-Nuschi’, waarin telkens andere facetten van seksualiteit worden onderzocht.

Na de twintig minuten durende Hindemith is de muzikale structuur hybride: Johanna Doderer is verantwoordelijk voor compositie en arrangement van de Misviering. Er zijn fragmenten met koorachtige precisie, in Hindemith heeft het koor maar een paar noten, maar daarna volgen; kyrie, gloria, credo, sanctus, benedictus & Angus dei. Johanna Doderer herwerkt de mis voor vrouwenstemmen en voegt nieuwe delen toe, terwijl Bach, Rachmaninov en Gounod naast metal, noise en elektronische klankwerelden worden geplaatst. Ook is er rock zijn er gospel en traditionals te horen. De songs ‘It s rainig man’ & ‘Blow Gabriel blow’, zijn me bijgebleven. De zang wordt vooral gebruikt als sfeerbeeld en dat is prachtige functioneel maar wisselend van kwaliteit. Het Koor van de Vlaamse Opera en Orkest zijn toch een beetje vreemde eend in de bijt. Toch was het orkest goed op dreef bij de première evenals de dames van het koor. Als teken van bevrijding ontdeden een flink aantal koorleden aan het einde, op vrijwillige basis, zich van hun kleding en stonden poedel naakt op het podium en in de zaal stonden. Chapeau! Inderdaad, sommigen met nonnenkap.
Omdat de solozang vooral wordt ingezet als onderdeel van de totale performance en niet als autonoom muzikaal centrum bespreek ik niet die individuele prestaties die, enkele uitzonderingen daargelaten, voor deze show ruim voldoende waren.
Female gaze
De inzet van deze opera door Holzinger is het vrouwelijke lichaam herpositioneren binnen een traditie die het historisch heeft gecontroleerd. Ze laat zien hoe het werk opnieuw gelezen kan worden vanuit een feministisch perspectief, waarbij de thematiek van lichaam en lust wordt losgemaakt uit het oorspronkelijke morele kader en in een nieuwe, niet-binaire context wordt geplaatst. De beeldtaal is consequent lichamelijk en confronterend, maar ze probeert duidelijk het vrouwelijke lichaam niet als object van verlangen te tonen. Uitzondering vind ik de lesbische seks die louter pornografisch is en niet reëel ‘de liefde bedrijven’. Dat moment doet mij toch als male gaze aan. Je kan niet om het gegeven heen dat lesbische seks tot de top 3 van alle pornosites ter wereld behoord. Maar duidelijk is het autonoom handelend, actief en bepalende vrouwelijke op de bühne. Er zijn alleen vrouwen. Seksualiteit wordt niet gesuggereerd, maar geclaimd. Dit leidt tot een verschuiving: de blik wordt niet louter gestuurd door consumptie, maar overwegend door controle en zelfbeschikking van de performers.

Epiloog
Florentina Holzinger vertrekt vanuit Hindemiths Sancta Susanna en transformeert dit tot een hybride performance. Liturgie, performancekunst en concertvorm vloeien samen in een ritueel dat zich expliciet richt op lichaam, macht en religie. Vanuit de Femal gaze zeer interessant. Dramaturgisch kiest Holzinger voor accumulatie. Beelden volgen elkaar op zonder lineaire ontwikkeling en bouwen aan een ervaring die eerder fysiek dan narratief is. Soms zakt de spanning in. De misstructuur biedt houvast, maar wordt tegelijk ondermijnd door herhaling en overdaad. Constante escalatie houdt de aandacht vast, maar de vraag is of het de thematiek verdiept of juist afvlakt. Wat overeind blijft, is de helderheid van de inzet. ‘Sancta’ gaat niet over provocatie als doel, maar over controle: wie bepaalt hoe het vrouwelijk lichaam wordt gezien en gebruikt. In die zin is de voorstelling coherent en consequent. Een wat mij betreft nu al legendarisch werk, mooi misschien niet, maar boeiend en spraakmakend zeker!
Sancta is nog te zien op 7, 8 en 9 april maar alle voorstellingen zijn uitverkocht.