Harvest toont zangers in hun kracht
Na de succesvolle en ontroerende voorstelling Coming of Age*, maakt Cora Burggraaf, ondersteund door het Opera Forward Festival een nieuwe voorstelling. Harvest borduurt voort op het laten zien van de kracht en schoonheid van doorgewinterde zangers en in het de schijnwerpers zetten van hun levenservaring. De zangers in Harvest zijn sopraan Claron McFadden, alt Helena Rasker, countertenor Andrew Watts en tenor Marcel Beekman. In de laatste dagen voor de première spraken we met Cora Burggraaf.

Cora Burggraaf: “Waar ik mede door mijn vorige project Coming of age achterkwam, is dat er weinig echt interessant repertoire is voor oudere zangers. En met Harvest zijn we op zoek gegaan naar nieuwe perspectieven en rollen voor deze leeftijdsgroep. Dus ik heb zeven componisten samen gezet met vier doorgewinterde zangers. Die zijn een heel werkproces aangegaan, begeleid door mij, waarin we vele gesprekken hebben gevoerd over wat dan een interessante rol eigenlijk is en wat daarin zou moeten en hoe je het beste voor die stemmen schrijft. Daar zijn zeven monodrama’s uitgerold en die zetten we achter elkaar.

Mens achter de zanger
In de monodrama’s zie je de zangers in gelaagde personages. Daarnaast leer je de mens achter de zanger kennen in interviews die we hebben opgenomen op film. Die beelden vormen de rode draad van Harvest. Die hebben we als interviews opgenomen op film. En daarmee zie je de mens achter de rollen eigenlijk. Dat vormt de rode draad van Harvest. De zangers konden een beetje aangeven wat ze op deze leeftijd, afgezien van de vocale kant, ook menselijk interessant vonden om over te brengen op een publiek.”
Wat zei Marcel Beekman bijvoorbeeld? Want die staat, net als de andere zangers, nog vol in het vak, maar zingt eigenlijk nog gewoon alles wat hij altijd gezongen heeft.
CB:” Hij speelt veel vrouwen op dit moment (zoals Platée van Rameau) en ook vaak best wel hysterische types. Wat hij mist in zijn vak is toch een weerspiegeling van ook wie hij zelf is in het leven. Een middelbare man met een gelaagde persoonlijkheid die twee kanten heeft. De kant die je presenteert aan de wereld en de achterkant van dat verhaal.
Marcel heeft een tekst van Peter Handke gekregen. Dat is eigenlijk een soort leidraad van hoe te leven. Dat wordt een scène van donker en licht. Dus het is een man die zichzelf toespreekt: ‘Ik zou dit moeten doen en ik zou dat moeten doen. En ik weet allemaal wel hoe het moet, maar het lukt me niet. Ik kan wel willen om perfect te zijn, en me op mijn mooist te presenteren, maar uiteindelijk ben ik ook maar een mens. Het wordt het eigenlijk meer een uitnodiging aan het publiek van: ‘ik ben met jullie’.”

Andrew Watts is ook een gelaagd persoon met vele kranten. Hij is een countertenor en die hebben ook eigenlijk maar een vrij kort bühneleven. En Andrew loopt er simpelweg tegenaan dat er heel weinig gewoon oudere mannen in zijn stemvak op het toneel zijn. Dat zou al een goed begin zijn, simpelweg een rol voor een oudere man. Het enige voorbeeld, het oudste personage wat er in zijn stemvak bestaat is Oberon in A Midsummer Night’s Dream van Benjamin Britten, maar verder zijn het allemaal elfen of goden. Die zijn nog wel tijdloos dus daar zou hij nog en hele tijd mee door kunnen. Maar dan qua tesituur wordt natuurlijk op een gegeven moment ook een lastig verhaal. Wat hij nu gaat spelen vind ik wel heel mooi.
Hij heeft twee scènes. Eentje is een les, waarin hij een pianoleraar speelt. En de pianist is de pianoleerling.Het gaat over het doorgeven van een bepaalde traditie. Maar ook het niet kunnen loslaten van je ego. Dus dat je op dat randje staat van, ‘ik word voorbij gestreefd door mijn leerling’, maar dat ook niet willen toegeven. En tegelijkertijd trots zijn op, ‘de legacy’, de erfenis, de bagage die je met je meedraagt. En dat willen doorgeven, maar eigenlijk maar tot een bepaald punt en niet zover dat de leerling de leraar voorbij streeft. De andere scène is een prachtige tekst van Andrews partner Arjun Devanesan, over Jean-Gaspard Deburau, de mime speler uit Les enfants du paradis. Dit is een waar gebeurd verhaal waarin de Deburau vertelt hoe hij op latere leeftijd het heel frustrerend vindt dat hij steeds op straat wordt aangesproken als Pierrot en de hele dag achterna geroepen wordt met’ Pierrot, Pierrot!” Op een gegeven moment hij daar zo boos over dat hij een jongetje van 13,dat nog een keer Pierrot! roept, neerslaat en die jongen overlijdt. En dat kantelpunt is in deze scène gebracht.

Claron McFadden is een hoge sopraan, dus zij heeft precies die problemen gehad die Elena Vink (die in Coming of Age zong) ook had, alhoewel Claron ook wel echt haar eigen pad heeft uitgestippeld. Maar die zei ook: “Ik wil een complex personage waarvan je niet direct weet wat je ervan kunt vinden. Is dit nou goed of slecht? Of kun je dat niet veroordelen? Een ambigueue persoonlijkheid.’
Helena Rasker kwam met de menopauze. Waar zijn de menopauze vrouwen? We hebben het altijd over coming of age van de jongelingen. ‘De juveniles’, zegt ze zo mooi. Vrouwen maken dat zelfde nog een keer mee, maar dan rond de vijftig. En die moeten zichzelf helemaal opnieuw uitvinden. En waar zijn die verhalen? Waarom zien wij die vrouwen niet op het podium? En in wat voor jasje wordt dat gestoken?
Wordt dat dan in de rol van een operazangeres gestoken die daarmee geconfronteerd wordt? Of is het toch iets abstracter?
CB:” Ook voor haar hebben we twee scènes. Een is een scène waarin ze korte metten maakt met de naamloze rollen. Want dat is wat haar leven, haar professionele leven, behelst. Zij zingt de naamloze rollen. En dit is een vrij grappige of sarcastische scène ook. Waarin ze zegt: “Pas op, als je niet oplet, of je gaapt of niest, dan heb je me gemist.” Helena zei:’ Ik moet door mijn stemvak mijn hele leven al de oude vrouw, de derde nicht, de moeder zingen. Ik ben er klaar mee en ik wil een naam hebben.
De andere scène is een heel mooi gedicht van Maria Barnas. En dat gaat over een kantelpunt in een vrouwenleven waar eigenlijk in weerwil van wat er van haar verwacht wordt, zij haar eigen weg kiest. En dat staat ook voor Helena.”
Wat was het werkproces?
CB:” We hebben echt een soort inventaris gedaan in kick-off meetings waarin alle ideeën in een grote bak gingen. En toen ben ik met de dramaturg Ira Judkovskaja gaan zoeken naar teksten en er zijn er ontzettend veel de revue gepasseerd. De zangers hebben ook suggesties gedaan en soms ging het heel snel en vanzelf, maar bij anderen was het een eindeloze zoektocht.Voor Helena hebben we die tekst over die naamloze vrouwen geschreven, want daar konden we gewoon niks van vinden.”

Vonden de zangers het eng om zich zo bloot te geven?
CB:” k denk dat we een hele reis hebben gemaakt. Het is een gevoelig onderwerp. En dat blijft het ook. En ik ben ook heel benieuwd hoe het ontvangen wordt in die zin. Niet zozeer dat ik bezorgd ben of goed is. Het gaat er me eigenlijk vooral om, of het iets in beweging zet. Maar ze voelen wel dat ze deel zijn van iets wat nog niet eerder op deze manier aan bod is gekomen. Dus dat is spannend. Dit zijn sowieso zangers die nog super actief zijn, daar heb ik ook heel bewust voor gekozen, dit zijn geen zangers die aan het stoppen zijn, echt niet. En dat moet ook niet, dat is nergens voor nodig.
Ik wil ze echt in hun kracht zetten. Ik vind gewoon dat die levenservaring juist zo mooi om te zien is. En daarin hebben zij veel meer zeggingskracht dan een zanger van begin twintig. En dat is niet om die zanger van begin twintig de grond in te drukken. Helemaal niet. Die heeft weer andere kwaliteiten. Maar als je een weerspiegeling wil zien van de samenleving, dan hoort dit er wel bij.

Marcel zegt dat ook heel mooi in de interviews; het is gewoon een demografisch iets. We worden allemaal ouder en ook veel beter ouder, gezonder ouder. Dus dan is het ook zaak om te onderzoeken als je boven de 50 bent: “Wat kan ik nu eigenlijk het best? En op welke plek kom ik dan het beste tot bloei? En kan ik juist die kwaliteiten die ik heb verzameld laten zien? En dat is dus niet dan in een kleine bijrol van een van een chagrijnige oma?’
Het is een hele bewuste keuze om niet te zoeken in het bestaande operarepertoire, want ik weet uit ervaring dat er weinig gewoon echt interessant repertoire is. Ik denk dat gewoon de aanwas van nieuw repertoire, en vooral het enthousiasme om zangers van tussen de 50 en de 65 ook op het toneel te zetten, moet worden gestimuleerd. Dat is waar het me om gaat en daar hebben we dan een nieuw repertoire voor nodig.”
Wie zijn de componisten?
CB:” Het uitgangspunt was dat er in de operawereld aandacht voor komt. Dus dan moeten we van binnenuit opereren en niet van buitenaf. Dus ik heb gekozen voor drie gevestigde namen, echt mensen die al opera’s hebben gecomponeerd, die bekend zijn in de wereld. Dat zijn Rob Zuidam, Calliope Tsoupaki en Annelies van Parys. Die hebben hun sporen verdiend. We zijn daarnaast samenwerkingen aangegaan met de conservatoria van Amsterdam en Den Haag. Daar hebben we ook drie componisten (Yumi Augustine, Tymon Zgorzelski, en Yating Wang) gevraagd en één componist zit er een beetje tussenin. Dat is Prach Boondiskulchok. Die staat al met één voet in de operawereld en eentje nog een beetje daarbuiten. Dus die is een beetje de brug tussen die groepen.“

Begrepen die jongeren iets van de ouder wordende zangstem?
CB: “ De grap is natuurlijk, dat die jonge componisten ontzettend onder de indruk waren van die oudere zangers, dus die luisteren heel aandachtig naar wat die zangers aangaven: ‘Schrijf nou op deze manier, want dan komt mijn stem echt tot zijn recht’. Terwijl die oudere componisten veel meer daar een eigen idee over hadden en dat al veel meer met de jaren zelf ontwikkeld hebben. Het is super interessant dat juist die ouderen ook hun eigen gewoontes moeten aanpassen om echt in dit project te passen.’
Het wordt echt een theateraal concert.
CB: “We gaan een mise-en-scène maken en het geheel aan elkaar smeden, zodat ook het beeld, dus het videomateriaal, met de scène te maken heeft. Maar verder zal dat heel bescheiden zijn.
Hoe gaat dit project verder na OFF?
CB: “ We gaan in première in de Opera Forward Festival en dan spelen we in Nederland een paar keer; Leiden, Utrecht, November Music, O-Festival. Maar we gaan ook naar het buitenland, naar Innsbruck volgend jaar, en daar gaan ze lokale componisten vragen om voor lokale zangers van het theater van boven de vijftig ook nieuwe stukken te schrijven. Om de impact te vergroten wordt er een korte film van het hele project gemaakt.
Tournee
De tournee hoeft niet altijd met deze vier zangers, want die zijn nog heel druk en lang niet altijd beschikbaar. Dus we maken ook andere kortere versies. Dus we werken met een soort harmonica structuur zodat de muziekstukken vervangen kunnen worden. De filmbeelden, de interviews, dat blijft als staketsel staan en daar kunnen we dan ook nieuwe stukken invoeren.
Ik had specifiek iemand gevraagd om mee te werken en die kwam terug met: ‘Mijn agent ontraadt het mij omdat daarmee mijn leeftijd te veel aandacht krijgt. En daarmee gooi ik mijn eigen glazen in’. Dat geeft wel aan hoe belangrijk het project is.”
Annett Andriesen zal hier op Place de L’Opera verslag doen van de premiere.
Harvest gaat in premiere op 12 maart in het Muziekgebouw aan ’t IJ in Amsterdam.
Daarna op 27 mei in het O.Festival in Rotterdam en voorstellingen in Leiden, Utrecht en Innsbruck.
Verder kijken. luisteren en lezen
*Olga de Kort over Coming of Age.
*en Cora Burggraaf over Coming of age.