Home » Featured, Operarecensie

Calleja krijgt publiek weer op de stoelen

Amsterdam23 juni 2015 15 reacties

door

Het Concertgebouw was weliswaar minder gevuld dan tijdens zijn debuut in januari 2013, maar ook bij zijn terugkeer op maandagavond 22 juni ontstak tenor Joseph Calleja een uitbundig enthousiasme in de Grote Zaal. En dat terwijl hij een tikje verkouden leek te zijn.

Joseph Calleja (foto: Simon Fowler / Decca).

Joseph Calleja (foto: Simon Fowler / Decca).

Alles aan Joseph Calleja is innemend. Allereerst natuurlijk zijn stemgeluid, dat vaak omschreven is als van een goud dat enkel in vervlogen tijden gesmeed werd. Het is een stem die je direct herkent. Zoet in de hoogte, volop masculien in het midden en in de laagte, aangestuurd met veel gevoel voor lyriek en sentiment.

Naast de stem is er zijn heerlijke présence. Zijn rijzige gestalte en overtuigende mimiek laten je geen moment afdwalen, maar slepen je mee in de verhalen van de aria’s en liederen.

En toch: hoe sterwaardig hij ook op het podium staat, hij blijft volstrekt down to earth. Ook daarin is hij innemend. Dat bleek maandagavond wel uit de gezellige praatjes die hij tegen het einde van het concert begon af te steken. Bijvoorbeeld over de stappenteller die hij had meegenomen om zijn stappen op de befaamde Concertgebouw-trap te tellen… Hier stond geen eerzuchtige divo, maar een nuchtere Maltees die dankbaar en met plezier zijn publiek verwende.

Samen met dirigent Frederic Chaslin en Het Gelders Orkest had Calleja een fraai programma samengesteld. Thema: de liefde. Luchthartige liefde (Rigoletto), wanhopige liefde (Roméo et Juliette, Tosca), afgewezen liefde (Les contes d’Hoffmann), vaderliefde (Macbeth) en nog een handvol tinten meer.

Calleja begon met een romance van Tsjaikovski en het vlotte ‘Questa o quella’ uit Rigoletto. Hoewel zijn geroemde klank de zaal makkelijk vulde, kreeg ik het gevoel dat hij er wel extra moeite voor moest doen. Bij de allerhoogste noten had hij bovendien een kikker in z’n keel. Verkouden? Het leek er wel op.

Maar fit of niet, de tenor verrichtte diverse vocale wondertjes. Zijn interpretatie van ‘Ah! Lève toi, soleil’ uit Roméo et Juliette was enerverend en zijn vertolking van ‘Il était une fois à la cour d’Eisenach’ uit Les contes d’Hoffmann stond als een huis, met de juiste mengeling van humor en melancholie.

Na de pauze krikte Calleja het niveau nog wat op. Ik was zelf bijzonder onder de indruk van ‘Ideale’ van Francesco Paolo Tosti, zo soepel en tekstbewust als de tenor het lied neerzette. En de hit ‘E lucevan le stelle’ uit Tosca, waarmee het officiële programma beëindigd werd, zette me op het puntje van mijn stoel. Meeslepend en erg spannend opgebouwd.

Het programma kreeg een lichte toets in de orkestrale interludes, met onder meer de Polonaise uit Jevgeni Onjegin en een (naar mijn smaak wel erg uitgebreide) verzameling balletmuziek uit Faust. Het Gelders Orkest had er zin in en zette de stukken stevig aan. Later werd de toon dramatischer met de ouverture van La forza del destino en een fantastisch uitgebalanceerd en opgebouwd intermezzo uit Manon Lescaut van Puccini.

Iets na tienen was Calleja al klaar, maar kennelijk had het publiek de aangekondigde eindtijd van 22.20 uur goed in het hoofd geprent, want het bleef klappen en juichen totdat de tenor met maar liefst vier toegiften de volledige ‘speeltijd’ had volgezongen.

Een overdreven staart aan de avond was dat absoluut niet. Calleja leek zich nog meer te kunnen ontspannen en zong op vlekkeloze wijze de zarzuela ‘No puede ser’ van Pablo Sorozábal, de tarantella ‘La danza’ van Rossini en ‘Mattinata’ van Leoncavallo, een lied waar ik nooit zo veel mee op had, maar waar ik uit Calleja’s mond enorm van kon genieten. Na iedere toegift sprong het publiek weer op om hard en lang voor hem te juichen.

Op zo veel enthousiasme van die zuinige Hollanders had Calleja kennelijk niet gerekend, want meer dan drie toegiften had hij niet paraat. Als vierde bonus herhaalde hij daarom ‘No puede ser’, zo mogelijk nog beter gezongen dan de eerste keer.

Zijn Concertgebouw-debuut in 2013 omschreef Calleja zelf als “een feest”. Aan die omschrijving kon zijn terugkeer makkelijk tippen. Hopelijk heeft het Concertgebouw alweer een volgende datum geprikt!

Serie Wereldberoemde Zangers

Uitgevoerd door: Het Gelders Orkest onder leiding van Frederic Chaslin.
Solisten: Joseph Calleja (tenor).
Bezocht op 22 juni 2015 in Het Concertgebouw - Amsterdam.

15 reacties »

  • Maarten-Jan Dongelmans zei:

    Wat had ik dit concert graag live meegemaakt! Maar door vaste afspraken moest ik tot 22 uur zelf muzikaal aan de bak. Zodoende restte me gisteravond niets anders dan op de weg naar huis de autoradio aan te zetten. Op Radio 4 viel ik midden in La Danza dat vol enthousiasme maar niet overal op dezelfde golf/toonlengte als Het Gelders Orkest werd gezongen. De slottoon was net te laag, maar het publiek maalde er niet om: het had blijkens de recensie van Jordi hierboven een memorabele avond beleefd. Calleja’s verkoudheid eiste vermoedelijk langzaam maar zeker zijn tol. Kan ook niet anders na zo’n fysieke en artistieke topprestatie. En de presentator ratelde maar over La Mattinata. Later herstelde hij die onjuistheid, maar toen had de goede man het over de componist ‘Leoncavalla’. Het recital met de bijbehorende opwinding is hem vermoedelijk toch even naar het hoofd gestegen.
    Maakt niet uit. Afgaande op de euforie en warme sympathie van de zaal heeft Calleja beslist het hart van zijn gehoor weten raken. Hopelijk kan ik me de volgende keer bij zijn live gehoor aansluiten.

  • Pieter K. de Haan zei:

    Dat Joseph Calleja niet topfit was kan wel kloppen. Drie dagen tevoren heeft hij zich namelijk, aldus een Belgische vriend, vóór zijn optreden in het Parijse Théâtre des Champs-Elysées, met exact hetzelfde programma als in Amsterdam, laten verontschuldigen, omdat hij niet optimaal bij stem was, maar heeft hij desalniettemin, inclusief een enkele herhaling, 6(!) toegiften gezongen. Ik dacht er overigens in Amsterdam, inclusief een herhaling, 5 te hebben geteld, maar daar neem ik geen vergif op in. Over de door de heer Dongelmans bedoelde presentator, kennelijk Wouter Pleijsier, heb ik op dit forum al eerder geklaagd en wel omdat hij er bijna een gewoonte van maakt om door te praten tot in een volgend stuk muziek: die man is volgens mij verliefd op zijn eigen gewauwel.

  • Erwin Hensing zei:

    Dat Joseph Calleja niet topfit zou zijn geweest is zeer wel mogelijk, echter na de eerste twee aria’s was daar niets meer van te merken.
    Waarop wel genoeg aan te merken is betreft het Gelders Orkest, een volle maat te klein voor deze tenor en Concertgebouw. Calleja moest constant alert zijn op de wisselende tempi, en al bij Verdi’s Questa Quella ging het mis , luister dit fragment terug en het is duidelijk dat dit orkest niet de juiste combi was.
    Desondanks toch een fantastische avond beleefd .

  • Olivier Keegel zei:

    Op de radio gevolgd, en dan lig je qua enthousiasme al bij voorbaat achter bij degenen die er live bij zijn. Ben het met de bovenstaande reacties eens. ‘Questa o quella’ ontspoorde op pijnlijke wijze, en Calleja’s stem had “ergens” last van. De radioluisteraar werd tevens geteisterd door, zoals Pieter K. de Haan terecht vermeldt, het onnozele “gewauwel” van de presentator. Maar daar hebben we de volumeknop voor, die ook goed van pas kwam bij de blijkbaar onvermijdelijke en inmiddels stierlijk vervelende ouverture La Forza del Destino. Leve Spotify! Leve Calleja!

  • Pieter K. de Haan zei:

    Ik ben geneigd wat milder te oordelen over Het Gelders Orkest. Ik vrees, dat er – zoals bij dit soort concerten helaas wel vaker voorkomt – te weinig gerepeteerd is. Immers, Joseph Calleja kan niet eerder dan afgelopen zaterdag naar Amsterdam zijn gekomen en er zal mogelijk wat té veel op Frédéric Chaslin, een routinier in de goede zin van het woord en in dit soort concerten veelvuldig samenwerkend met de zanger, zijn vertrouwd. In “Questa o quella…” ging er inderdaad wat mis maar echt ontsporen deed het m.i. pas in de laatste toegiften, die wellicht helemaal niet waren gerepeteerd.

  • Hans van Verseveld zei:

    Dank Olivier Keegel voor de opmerking over de stierlijk vervelende ouverture Forza, die bij ieder operaconcert weer opduikt. Hoort thuis in het rijtje stompzinnige opvullers en toegiften zoals daar zijn de intermezzi uit Manon Lescaut en Cavalleria Rusticana en bij sopranen het onvermijdelijke babbino carootje. Buiten de context van de werken zouden die stukken verboden moeten worden in de concertzalen.

  • Maarten-Jan Dongelmans zei:

    Programmeurs gaan er blijkbaar van uit dat het publiek van die werken geen genoeeeeg kan krijgen. Wie verlost ons van die stoplappen op operaconcerten (pace Verdi, Puccini en Mascagni) en hun weinig creatieve kampioenen?

  • georgette hella zei:

    Wij waren op 19/06 in het TCE te Parijs en daar was Calleja inderdaad verkouden waarvoor hij zich , voor de aanvang van het concert, dan ook liet verontschuldigen. Dit terzijde hebben wij met volle teugen genoten en blijkt hij een erg innemend man te zijn die na afloop, bij de artiestenuitgang , met brede glimlach tijd nam om de schare fans van de zo gewilde handtekeningen te voorzien.
    Volgende afspraak (hopelijk via TV) in Orange voor het openingsconcert op 07 juli e.k.

  • Gertjan Gubbi zei:

    net verstuurd aan omroep MAX:
    Geachte heer, mevrouw,
    Met veel genoegen heb ik het concert van tenor Joseph Calleja in het Concertgebouw-Amsterdam op 22 juni 2015 zelf bijgewoond. Gelukkig heeft omroep MAX dit concert op NPORadio4 live uitgezonden, dus ik kon het via uitzending gemist opnieuw beleven, althans dat dacht ik. De presentator Wouter Pleijsier gaf mij weinig plezier, vergeef mij de woordgrap. Een grap vond ik het zeker niet! De heer Pleijsier bestond het tot de laatste seconde voor de inzetten van het orkest of de tenor zijn stemgeluid te laten horen, daarbij voortdurend de locatie “het Amsterdamse Concertgebouw” of “het Concertgebouw in Amsterdam” “Het Gelders Orkest onder leiding van Frederic Chaslin”, en dan soms zo uitgesponnen dat er werkelijk geen halve seconde stilte te horen was. De heer Pleijsier maakte als “deskundige” presentator zelfs een aantal fouten, noemde componist “Leoncavallo” bij herhaling “Leoncavalla”, verruilde de naam van de toegift, en maakte dat pas goed toen tenor Joseph Calleja zelf de tweede toegift aankondigde, die dus volgens de presentator al de eerste toegift geweest zou zijn…..Ik weet eerlijk niet wie meer aan het “woord”was, hoofdpersoon van de avond tenor Joseph Calleja of zelfbenoemd hoofdpersoon presentator Wouter Pleijsier.
    De uitstekende sfeer in de zaal werd op die manier totaal weggepraat door de presentator, zelfs de gesproken woorden van tenor Joseph Calleja tot het publiek werd het radiopubliek onthouden door het gepraat van de heer Pleijsier….
    Een opera-concert op NPORadio4 onwaardig…..laat voortaan het publiek horen, het enthousiasme, het applaus, de sfeer en NIET de presentator. Af- en aankondigen is prima, snel melden wat er komt ook, maar deze vaak nutteloze herhalingen van “Orkest” “dirigent” en “Joseph Calleja” en prietpraat om “tijd vol te praten”…..wat was dit jammer….

  • Pieter K. de Haan zei:

    Gelukkig blijk ik, wat mijn kritiek op de heer Pleijsier betreft, medestanders te hebben gevonden. Die man bezorgt mij bij live-uitzendingen altijd kromme tenen. Om nog een paar voorbeelden te noemen: bij een live-uitzending van een recital van Olga Peretyatko in het Muziekgebouw aan ’t IJ praatte hij ook weer door terwijl zij al weer aan het zingen was en bij het operagala uit het Concertgebouw met o.m. Eva-Maria Westbroek vond hij het nodig om als “voice over” te fungeren van Bo van der Meulen, die het programma in de zaal, in het Nederlands en prima verstaanbaar, aan elkaar praatte. Kan die man, op zijn minst als presentator van live-uitzendingen, niet weg?

  • Maarten-Jan Dongelmans zei:

    Kun je voordat je dit soort radio-uitzendingen gaat beluisteren trouwens ergens lezen wie er gaat presenteren of blijft dit tot de geluiden van de ‘spreekstalmeester’ de ether ingaan een verrassing?

  • Pieter K. de Haan zei:

    Beste heer Dongelmans: soms wél, soms niet. Maar dat zou toch niet bepalend mogen zijn om al of niet te luisteren? Voor alle duidelijkheid: de heer Pleijsier is m.i. als presentator van live-uitzendingen volstrekt incompetent!

  • Maarten-Jan Dongelmans zei:

    Nee, beste Pieter K. de Haan, natuurlijk niet. Maar een ‘gewaarschuwd’ mens telt voor twee … Het feit dat bekend was dat Joop van Zijl de prietprater mocht spelen bij de Nederlandse uitzending van het Nieuwjaarsconcert uit Wenen was voor mij lange tijd reden af te stemmen op de Belgische of Duitse variant.

  • Ingrid Bonfrère zei:

    Ook ik heb de recital afgelopen maandag met enorm veel plezier mogen bijwonen. Ik had op Joseph’s FB al gelezen dat Parijs heel erg succesvol was met 7(!) toegiften. Ook de recensie van die recital gelezen: Joseph heeft (ietwat) last van pollenallergie.
    De dag na dat optreden kwam hij (al) met de Thalys naar -naar nu blijkt gelukkig regenachtig- A’dam. Ik durf te beweren als meer mensen van die 7 encores hadden geweten er na 2 toegiften niet al mensen richting uitgang gingen….
    Verschil met Parijs was m.i. de entourage (daar kleiner), de dirigent (hier beter! ws omdat ze vaker samen hebben gewerkt), sommige gewijzigde ‘opvulstukken’ en al dan niet getrakteerd worden op O Sole Mio cq La Danza in de encore.
    En dan de radiouitzending: verdient idd geen schoonheidsprijs. Je mag verwachten dat zo’n presentator zich góed inleest en kan schetsen wat ikzelf, ‘leek’, al weet /wist. Trouwens, de setlist op de R4-site is niet volledig.

  • kersten zei:

    Bij `Questa o quella` mocht er dan wat mis zijn tussen orkest en Joseph, storender vond ik in de radio-opname de vervorming bij 27:23. Maar ja, ook voor de opnametechnicus is het live!

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.