Bas Jean-Philippe Courtis overleden
Ons bereikte het verdrietige bericht dat de prachtige Franse bas Jean-Philippe Courtis afgelopen week, op de vooravond van zijn 75ste geboortedag, is overleden.

Na het behalen van een Eerste Prijs aan het Conservatoire de Paris in 1978 trad hij toe tot de zangopleiding van de Opéra de Paris. Al snel werd hij uitgenodigd om op te treden op de podia van het Palais Garnier en de Opéra Bastille, waar de kwaliteit van zijn zang ertoe leidde dat hij van 1981 tot 1993 vrijwel elk seizoen in talrijke rollen te horen was. Hij voelde zich bijzonder thuis in Franse opera’s zoals Dardanus van Jean-Philippe Rameau, Carmen, Roméo et Juliette, Werther en Les Troyens. Daarnaast blonk hij uit in de opera’s van Richard Strauss (Arabella, Der Rosenkavalier, Ariadne auf Naxos)maar was ook zeker geen vreemde in het Italiaanse repertoire (La Traviata, Gianni Schicchi, Rigoletto en andere werken).
Tot zijn meest gedenkwaardige rollen behoorden Méphistophélès in Faust van Charles Gounod, Narbal in Les Troyens en Arkel in Pelléas et Mélisande. Als voortreffelijk musicus nam hij deel aan de premières van verschillende opera’s, waaronder Saint François d’Assise van Olivier Messiaen in 1983, waarin hij onder leiding van Seiji Ozawa de rol van Broeder Bernard vertolkte. Zijn laatste optreden op het toneel van het Palais Garnier vond plaats in 1999, toen hij de rol van Monsieur Javelinot zong in Dialogues des Carmélites.
In 2010 creëerde hij de rol van Monsieur Roger in de opera Chin (Jean-Luc Trulès & Emmanuel GenvrinTrulès) in theater Vollard in Saint Paul, La Reunion.

Nederland
In Nederland was Courtis verschillende malen te zien en te horen. Zo zong hij in in 1991 bij De Nederlandse Opera de rol van Thoas in Iphegénie en Tauride van Gluck, Zunega in datzelfde seizoen in Carmen en in 2001 de rol van Somarone in Béatrice et Bénédict van Berlioz (een door de componist bedacht personage in diens bewerking van Shakespeare’s toneelstuk) in een regie van Tim Albery en onder leiding van Edo de Waart. In 1993 trad Courtis op in Romeo et Juliette, eveneens van Berlioz. Dat was een concert in het Holland Festival, met het Rotterdams Philharmonisch Orkest olv Simon Rattle.
Ook was hij enkele malen te gast in de Matinee op de Vrije Zaterdag. Op 9 december 1989 zong hij de rol van Enrico (Hendrik VIII) in de allereerste concertante uitvoering van Donizetti’s opera Anna Bolena in Nederland. De recensie van het NRC prees hem destijds specifiek om zijn “schitterend gave bas”. Hij keerde terug in 1996 in de rol van Le Veilleur (de wachter) in een concertante uitvoering van George Enescu’s meesterwerk Oedipe.
Opnames
Hij was zangdocent aan de École Normale de Musique de Paris en het Conservatoire à Rayonnement Régional d’Amiens, en maakte hij een omvangrijke discografie van ongeveer veertig opnamen, waaronder Le Roy d’ Ys van Lalo, met Courtis in de, relatief kleine, titelrol, Darnanus van Rameau, Les Pêcheurs de perles van Bizet, Werther, Esclarmonde, Marie Magdalene en Eve allemaal van Massenet en een prachtige opname van Pelléas et Mélisande olv. Claudio Abbado.

Fluweelzacht
Hij zal ook door mij persoonlijk herinnerd worden als een warme en genereuze man, gezegend met een nobele basstem, een rijke en fluweelzachte klankkleur. Hij zong altijd smaak- en stijlvol en hoewel hij een breed repertoire had, was hij voor mij bij uitstek een Frans bas chantant. Tijdens de repetities en uitvoering van Oedipe was Jean-Philippe een rotst in de branding, die in het ensemble van solisten de sfeer wist te bepalen met zijn kalme, rustige persoonlijkheid en onderkoelde gevoel voor humor.

We betuigen ons diepste medeleven aan zijn, vrouw en dochter, familie, naasten en fans van deze aimabele man.