AchtergrondFeaturedInterviews

Transformations ideaal stuk voor DNOA

Rennik-Jan Neggers is een jonge Nederlandse regisseur. Sam Weller is als dirigent afgestudeerd aan de Masters Opleiding aan het Conservatorium van Amsterdam. Samen hebben ze de artistieke leiding over Transformations van Conrad Susa bij  de Dutch National Opera Academy (onder het liefdevolle toeziend oog van de directeur van DNOA, Paul McNamara). We ontmoetten elkaar in het Conservatorium in Amsterdam waar ze in de grote studio hard aan het werk waren. Hoewel hun opleidingen en hun achtergronden heel bijzonder zijn en we daar lang over spraken, beperken we ons in dit interview tot het werk aan Transformations.

Repetitiefoto Transformations bij DNOA met in het midden in het groen Sam Weller, en rechts aan de regietafel Rennik-Jan Neggers. Foto: © Place de l’Opera

De kameropera van Conrad Susa is een gecompliceerd werk, waarvoor acht zangers nodig zijn. Zeer persoonlijke gedichten van Anne Sexton gaan vooraf aan haar eigen hertellingen van een aantal sprookjes van Grimm. De acht solisten moeten een groot aantal karakters vertolken. De opera uit 1973 ging in 1977 voor het eerst in Nederland in een productie van de Nederlandse Opera Stichting met onder meer Roberta Alexander als Anne Sexton.

Anne Sexton en Conrad Susa.

Onbekend terrein

Sam Weller: “Het heeft me verbaasd hoelang het duurde voordat ik me thuis voelde in dit werk. Het is een werk met veel declamatie en ik kon er in het begin geen vat op krijgen. Maar het is muzikaal zo echt dat het werk nu een soort tweede natuur voor me geworden is. Het is in het begin, ook voor de zangers, heel erg onbekend terrein, tot je het te pakken hebt. Dan ontdek je het naturalisme, het organische van de opera.’

Rennik -Jan: ‘Het zijn allemaal geordende gedichten die voorafgaan aan de sprookjesvertellingen. Het vereist echte operazangers en het is geen musical. Het werk heeft een soort betoverende kwaliteiten. Het is heel dynamisch en heeft enorme diepgang. Sprookjes zijn helemaal niet alleen maar grappig. In Duitsland, tijdens mijn opleiding daar, ben ik veel bezig geweest met het onderzoeken van de grote begrippen als ‘groots’, grotesk, wat is absurdisme, wat is naturalisme. Dat komt nu allemaal heel goed van pas, want die begrippen zijn zo belangrijk voor de zangers, aangezien we continue schakelen tussen werelden (tussen de wereld van Anne Sexton en de sprookjeswereld). In het stuk gaan de gedichten steeds meer over in de vertellingen.’

Regisseur Rennik-Jan Neggers. Foto:© Place de l’Opera

Virtuoos

Sam: ‘En daar komt bij dat ook de muziek heel veel lagen heeft. De orkestratie is zo opgebouwd dat er twee toonsoorten boven op elkaar liggen en daar komt dan nog een soort Tchaikovsky vol koper overheen. Maar als je eenmaal begrijpt hoe de muziek in elkaar zit is het echt een groot plezier.’

Rennik-Jan: ‘Het is geen stuk waarbij het publiek achter over kan leunen. Het stuk neemt je (aanvankelijk) niet mee. Je moet geen vastliggende verwachtingen hebben want die komen toch nooit uit. Het stuk heeft steeds een gedicht als proloog. Anne Sexton is de verteller, maar dan verandert de scene in een sprookje en elke keer veranderen alle karakters.Ik heb geprobeerd het legato uit de enscenering te halen. Het moet niet allemaal doorstromen, maar juist abrupt veranderen. Het is een rond toneel, de zangers kunnen Sam vaak niet zien en het ensemble van zangers moet echt heel virtuoos werken. Het is een ensemble stuk, een koorwerk voor acht solisten.’

 

Dirigent Sam Weller aan het werk met studenten van DNOA. Foto: © Place de l’Opera

Bach

Sam: ‘En daarbij is de pitch heel erg moeilijk. Het is echt een perfect educatief stuk. De zangers moesten het vrij snel uit het hoofd doen. Ze moeten leren mengen als in een koor en daarom begin ik elke repetitiedag met een koraal van Bach om echt harmonisch te zingen. Het is een enorme uitdaging, maar daarom ook zo dankbaar. ‘

Rennik-Jan:’ Het toneel is 4×4 en we spelen in het rond.  In de sprookjes zijn er geen meubelstukken, maar wel wat rekwisieten. Ik probeer de scene op te vullen met de lichamelijkheid van de zangers. We hebben de eerste weken gewerkt aan het combineren van de fysikaliteit met de muziek. Deze combinatie maakte het moeilijk. De eerste weken hebben we alleen maar daaraan gewerkt, tot het uit hoofd moest. Daarna zijn we pas aan details en nuances gaan werken. Ik zei dat de handeling geen legato mocht worden. Sam zei ook al dat het werk declamatisch is dus ook niet met grote legato lijnen, maar ik laat de handeling wel voortkomen uit de muzikale frasering, De handeling toont dus de muziek.’

Rennik -Jan Neggers kijkt toe als Sam Weller dirigeert tijdens een repetitie van Transformations door DNOA. Foto :© Place de l’Opera

Transformations is geen makkelijk werk, maar het is erg geestig en ideaal voor de studenten van de DNOA. Voor wie wil is er ook echt heel veel psychologisch te ontdekken en niets is wat het lijkt. De sprookjes en de gedichten lopen in elkaar over en wat is nu de fantasiewereld van de dichter en wat is er werkelijkheid in de sprookjes?

 Transformations wordt vier keer uitgevoerd. De première is op 7 januari in de Conservatorium zaal van Amare in Den Haag. Aanvang net als op 8 en 10 februari is om 19.30 uur en op 11 februari is er een matinee om 14.15 uur. Kaarten via DNOA

Verder lezen, luisteren en kijken

In 2022 regisseerde Rennik-Jan Neggers  Un mari à la porte van Offenbach ook bij DNOA. Peter Franken berichtte er over.

Hier de trailer video van Transformation

Peter ‘ t Hart zal voor Place de L’Opera verslag doen van de premiere van Transformations.

Binnenkort ook een uitgebreidere kennismaking met Rennik-Jan Neggers.

Vorig artikel

MASS mislukt in Muziekgebouw.

Volgend artikel

Jubileumconcert Barokvocaal

De auteur

Bo van der Meulen

Bo van der Meulen