BuitenlandFeaturedHeadlineOperarecensieRecensies

Boe-geroep bij Elektra in Düsseldorf

Een nieuwe productie van de opera Elektra in Düsseldorf, bij de Deutsche Oper am Rhein. Richard Strauss’ compacte, nietsontziende partituur verschijnt niet al te vaak op het toneel, en na de sterke uitvoering van regisseur Willy Dekker in Nederland verheugde ik mij op deze bijzondere Strauss, met een roldebuut van Elektra en opera coryfee Linda Watson als Klytämnestra.

Ingela Brimberg  in de titelrol van Elektra. Foto:© Sandra Then

Regisseur Stephan Kimmig kiest voor een hedendaagse enscenering, met een visuele taal die nadrukkelijk het innerlijke landschap van de titelheldin wil blootleggen; de familie is een keten van geweld die al generaties lang doorgaat en dat in een moderne setting. Niet iedereen in de zaal bleek daar ontvankelijk voor.

Boe roepers

Een enkele ‘boe’ bij een première is niet ongebruikelijk, maar hier leek het dat het rond melktijd was en een kudde Düsseldorfse Lakenvelders in de zaal plaats had genomen. Verbaast keken bezoekers in de zaal om zich heen; “Wat is dit? Zo erg was het nou toch ook niet,” zei een vrouw naast me. Het artistieke team droop af en de hoofrolspelers konden weer op een mooi applaus rekenen. Toen het artistieke team nog maar eens naar voren kwam, werd er weer door verschillende mannen op verschillende plaatsen in de zaal zeer luid ‘boe’ geroepen. Geen incidenteel boe-geroep, maar een massaal, bijna ritmisch protest. Alsof een zorgvuldig georkestreerde onvrede zich plotseling ontlaadt. De verbazing in de zaal is voelbaar: was het werkelijk zó erg? Volgens de persvoorlichting gaat het om een kleine, maar luidruchtige groep vaste bezoekers die moeite heeft met eigentijdse interpretaties van het Duitse repertoire. Strauss en Wagner blijken nog altijd heilig terrein voor wie het liefst een traditionele lezing ziet. Een modern toneel alleen al zou voldoende reden zijn voor protest.

Vermoord in bad

Agamemnon, koning van Mycene, en zijn vrouw Klytämnestra hebben vier kinderen: Iphigenie, Elektra, Chrysothemis en Orest. Wanneer de Griekse vloot naar Troje wil uitvaren, offert Agamemnon dochter Iphigenie om gunstige wind te verkrijgen. Tijdens zijn afwezigheid begint Klytämnestra een relatie met Aegisth. Na Agamemnons terugkeer vermoorden zij hem met een bijl in het bad. Na de moord brengt Elektra haar kleine broer Orest in veiligheid. Zij bewaart de bijl en leeft sindsdien met het moordenaarskoppel en haar zus in het paleis van Mycene. Daar vangt deze opera aan.

Campagnebeeld Elektra Deutsche Oper am Rhein. Foto: © Daniel Senzek

Projectie en herinnering

Regisseur Kimmig plaatst het drama in een kale, beklemmende ruimte: Elektra zien we louter in het souterrain, een garageachtige benedenverdieping. De bovenwereld, waar de moorden plaats vinden is, dus hoger gelegen, een rondgang waar we vooral balustrades met een soort tralies zien; ieder zit in zijn eigen gevangenis. Een eenzame auto rechts en een flinke plantenbak met palmbomen beneden vormen het speelvlak. Het weinig inventieve toneelbeeld van Katja Hass ademt verlatenheid en psychische verstarring. Elektra verschijnt in een blauwe overall, met als rekwisiet een enorme steeksleutel. We zien een vrouw die eerder sleutelt aan haar leven, dan daadwerkelijk leeft. Haar alter ego, eveneens in overall, filmt haar veelvuldig. De projecties (Ulrike Schild) een wit doek tonen close-ups van haar gezicht: emoties uitvergroot, maar nooit volledig synchroon met het moment. Alsof we kijken naar herinneringen en niet naar het heden. Wel lopen ze vaak mooi parallel met de muziek. Dit zien we nu zo vaak in opera dat dit inmiddels haast een cliché is (video art van Lisa Reutelsterz).  Hier past het wel in dit verder dunne regieconcept; spanning tussen binnenwereld en realiteit vormt de kern van deze enscenering. Elektra leeft niet in het nu: ze is opgesloten in het verleden (de moord op haar vader) en de toekomst (haar wraakfantasie). Het heden is leeg. De regisseur ziet deze familie als een keten van geweld die generaties lang doorgaat van Tantalos tot Agamemnon en verder: vaders doden kinderen, kinderen nemen wraak, geweld wordt telkens doorgegeven, een eindeloze cyclus van haat en wraak.

Linda Watson (Klytämnestra), Aliaksei Liubezny (Agamemnon). Foto: ©Sandra Then

Potsemaker Agamemnon

Opmerkelijk is de fysieke aanwezigheid van Agamemnon, vertolkt door Aliaksei Liubezny en Pascal Siffert, acrobaten die met radslagen, handstand en kunstige spinachtige motoriek door de scènes bewegen. De potsenmaker heeft een wit geschminkt gezicht, dit voegt een vervreemdend element toe aan de vaderfiguur. Visueel indrukwekkend, maar dramaturgisch discutabel. Voegt dit werkelijk iets toe, of ondermijnt het de intensiteit van Strauss’ muziek? Orest (Richard Sveda) verschijnt als een bijna ontmenselijkte figuur, een moordmachine zonder nuance. Zijn krachtige bariton maakt indruk, maar de regie lijkt hem elk spoor van menselijkheid te ontzeggen wat ook in zijn stem mist. Wanneer Elektra zegt dat ze vergeten is Orest de bijl mee te geven voelt hier ironisch; deze Orest ís de bijl.

Richard Šveda (Orest), Cornel Frey (Aegisth), Žilvinas Miškinis (Der Vertraute des Orest). Foto: © Sandra Then

De minnaar van Klytämnestra, Aegisth (Cornel Frey) vormt een contrast ondanks zijn karakterrol: elegant in wit pak, later met bloedend hoofd, een visueel sterk moment dat wel werkt. Opmerkelijk is hoe alle verdere kleine rollen in deze opera prima vervuld worden en bijdragen aan het slagen van de productie.

Sterke vrouwen, verschillende werelden

De focus van de productie ligt, begrijpelijk en logischerwijze, op de drie vrouwen. De mannen lijken in deze productie meer ‘types’ zonder eigen wil. De rol van Klytemestra is in de ‘koude handen’ van de Amerikaanse Linda Watson. Het is een gouden vondst om haar als een soort groene vuursalamander (reptiel) in een gewaad met vele pailletten en felle make up te tooien (kostuums Anja Rabes). Watson is inmiddels 71 jaar en heeft wereldwijd al veel grote dramatische sopraan rollen gezongen, waaronder die van Elektra. Haar spel is trefzeker: een vrouw verteerd door slapeloosheid en angst. Leeft ze eigenlijk wel echt? Haar scène met Elektra behoort tot de hoogtepunten van de avond, muzikaal en dramatisch scherp getekend, de regie laat haar alle ruimte die de dames moeiteloos invullen.

Ingela Brimberg (Elektra), Linda Watson (Klytämnestra), Pascal Siffert (Agamemnon). Foto: © Sandra Then

Zieke Elektra

De intendant kwam voorafgaande aan de voorstelling vertellen dat Ingela Brimberg Elektra zal zingen, iets war al een paar dagen op de website te lezen was. Magdalena Anna Hofmann was als Elektra aangetrokken maar wegens een luchtweg virus kon zij de première niet halen. Ze hoopt de 24ste april alsnog haar rol debuut van Elektra te gaan zingen liet ze weten. Enige tijd geleden hoorde ik haar bij Opera ballet Vlaanderen een prima Marie zingen in Wozzeck dus tip voor wie nog gaat! Maar met Brimberg is het genieten, een ervaren Elektra die een weliswaar weifelende, maar toch zeker ook krachtige vrouw neer zet.  Ze beweegt zich moeiteloos door de door Strauss voorgeschreven verschillende stijlen. Ze groeit in kracht en intensiteit, tegen het einde is er maximale overtuiging.

Ingela Brimberg (Elektra). Foto: © Sandra Then

Expressief

De Düsseldorfer Symphoniker onder leiding van Vitali Alekseenok spelen expressief en met hoorbare aandacht voor Strauss’ complexe leidmotieven. De vervormde walsen en andere echo’s van muziek die in Strauss’ volgende opera’s te horen zal zijn worden mooi uitgewerkt. Soms klinkt het orkest echter te vol, te verzadigd, waardoor de transparantie van de muziek van Strauss verloren gaat. Mogelijk een kwestie van première-energie die nog moet bezinken.

Tussen verleden en bevrijding

Na de moord wordt het lijk van Klytämnestra in een doodskist binnengerold door Orest die haar, samen met Elektra en Chrysothemis, liefdevol wast. Een prachtig moment, teder en betekenisvol. Dan volgt het slotbeeld. De achterwand opent zich en er verschijnt een blauwe lucht met hier en daar een wolkje. Elektra, inmiddels zonder overall en in witte kleding, loopt naar het licht, haar lippen wit, zoals die van vader Agamemnon die na de moorden van de scène verdween. Is de cirkel doorbroken? Is ze op weg naar haar vader of volgt er een nieuwe tijd? Elektra nodigt Orest uit om mee te gaan, wat hij doet. Is het haar in de dood volgen of naar een ander begin. Ook Chrysothemis wordt uitgenodigd. Volgt zij of blijft ze achter?

Ingela Brimberg (Elektra), Richard Šveda (Orest). Foto: © Sandra Then

Female gaze

Regisseur Stephan Kimmig probeert iets te doen met het vrouwbeeld van Elektra in de tijd van het ontstaan van de opera (1909). Hij schrijft ook in de toelichting over de mannelijke blik op een sterke vrouw in deze opera. Hij wil deze bewust, waar dat wordt gekoppeld aan ‘waanzin’, zichtbaar maken en doorbreken. Volgens de regisseur tracht Elektra uit de geweldsspiraal te stappen, ze handelt niet uit louter uit waanzin en wraak maar veeleer vanuit menselijkheid. Door alle camerabeelden zie je inderdaad veel tekenen van menselijkheid en Elektra’s vertwijfeling en emoties. Het einde van de opera is zeker geen hysterische triomf, maar een weifelend zoeken hoe nu verder.

Chrysothemis (gezongen door Liana Aleksanyan) traditioneel en burgerlijk gekleed, vertegenwoordigt misschien het leven dat Elektra ontzegd wordt of juist bespaard blijft. Ook zij kiest er niet voor te leven in het nu. Eigenlijk leeft ze in de toekomst. Waar Elektra gepijnigd wordt door het verleden en wraakgedachten, zegt haar zus: “Nein, ich bin ein Weib und will ein Weiberschicksal!”  Dat is een beladen term die vaak in de literatuur of geschiedenis wordt gebruikt om te verwijzen naar de (vaak zware of onvermijdelijke) levensloop, beproevingen of de maatschappelijke rol die vrouwen in een bepaalde tijd toebedeeld kregen. Een gewoon leven, een traditioneel leven lijkt haar verlangen. Maar is dat zo? In haar huidige leven met een getraumatiseerde zus en een reptiel moeder wil ze niet leven. Het is de confrontatie met Elektra die als wraakgodin uit de cyclus van geweld en wraak wil breken maar ook zelf de bijl of steeksleutel niet echt ter hand neemt. De zus mag een normale sterveling lijken, maar zit net zo vast als de andere vrouwen in de cirkel van het leven want wat als haar verlangen uitkomt? Liana Aleksanyan vertolkte de rol met prachtige lyrisch lijnen en met haar passief dominante houding en geluid overtuigde ze als de meest normale vrouw van de familie.

Liana Aleksanyan (Chrysothemis). Foto: ©Sandra Then

Conclusie

Kimmigs Elektra is een ‘gemakkelijke’ voorstelling, een lezing die nadrukkelijk inzet op psychologisch isolement en doorbreken van de cyclus. Niet alle theatrale middelen overtuigen en soms lijkt de regie de muziek te illustreren. Het Boe -geroep als reactie in Düsseldorf zegt misschien minder over de kwaliteit van de voorstelling dan over de spanning tussen traditie en vernieuwing.

En Elektra? Die leeft, zoals altijd, nergens echt, maar misschien juist in ieders eigen verbeelding.

Elektra in Düsseldorf is nog te zien op 18, 24 en 30 april, 3 en 29 mei en op 4 juni.

 

Verder kijken, luisteren en lezen

Video introductie  Elektra

Dirigent Vitali Alekseenok kort over de muziek van Elektra.

Peter Franken over ‘zijn’ Elektra

Jordi Kooiman over Chéreau’s Elektra in De Met.

Vorig artikel

Bevlogen Leonardo Garcia Alarcón bij RPHO

Volgend artikel

Dit is het meest recente artikel.

De auteur

Monique ten Boske

Monique ten Boske