AchtergrondRecensies

Het barokke gezicht van Malta

Barokmuziek op de meest barokke locaties. Dat is in het kort de formule van het Valletta Baroque Festival op Malta. De achtste editie, die deze week ten einde loopt, telde 31 concerten op 17 verschillende locaties. Place de l’Opera bezocht op uitnodiging van het festival het openingsweekend.

Zicht op Valletta, de hoofdstad van Malta. (foto Micaela Parente/Unsplash)

Malta is geografisch gezien onbeduidend, qua oppervlakte amper groter dan de gemeente Amsterdam. Als je piloot de landing iets te laat inzet, hang je alweer boven de Middellandse Zee. Iets te vroeg en je strandt op Sicilië. Een dwergstaat in de ware zin des woords. Maar hoe nietig zijn plek op de wereldkaart ook is, deze dwerg heeft een imposante culturele en politieke historie.

Romeinen, Vandalen, Goten, Byzantijnen, Arabieren, Normandiërs, Kruisridders, Napoleon, de Britten: Malta was door de eeuwen heen een spil in veel verschillende handen, totdat het in de jaren zestig van de vorige eeuw onafhankelijk werd. De Britse invloed is direct merkbaar als je het vliegveld verlaat en je hotel opzoekt (iedereen spreekt Engels, iedereen rijdt links), maar ook de heersende culturen uit vroegere tijden hebben duidelijke sporen achtergelaten, tot aan prehistorische bouwwerken toe.

Het geeft Malta een geschakeerde uitstraling. Moderne resorts, historische architectuur en verpauperde bouwwerken wisselen elkaar voortdurend af. Het enige wat mist in de variatie, is ruimte. Malta is één van de dichtstbevolkte landen ter wereld. Er is amper groen, nauwelijks een plek om even adem te happen. De nauwe straten slingeren onophoudelijk door bewoond gebied. Een welkom tegenwicht biedt de zee, waarop je gelukkig veel uitzichten gegund worden.

De St John’s Co-Cathedral in Valletta is barokker dan barok en wordt gebruikt als één van de vele speelplekken tijdens het festival. (© Valletta Baroque Festival)

Voor operaliefhebbers is de vestingstad Valletta een must-see. De Orde van Malta, een ridderorde die van 1530 tot de komst van Napoleon in 1798 Malta regeerde, bouwde Valletta in de zestiende eeuw als nieuwe hoofdstad. Het ligt op een heuvel en is zetel van de Maltese regering. De ridders planden de stad zorgvuldig, te zien aan de loodrecht op elkaar aangelegde straten, en schiepen er veel van Malta’s beroemdste gebouwen. Mis de hyperbarokke St. John’s Co-Cathedral niet, met daarin het overrompelende schilderij De onthoofding van Johannes de Doper door Caravaggio.

Dankzij de ridders kreeg Valletta ook een theater, het Teatru Manoel, één van de oudste nog actieve theaters in de wereld. António Manoel de Vilhena, grootmeester van de Orde van Malta, gaf in 1731 opdracht tot de bouw van het theater om jonge ridders van de straat te houden en het publiek “eerlijk entertainment” te geven. Sindsdien – al bijna driehonderd jaar dus – voorziet het theater de Maltezen van vermaak, met een programmering die inmiddels opera, operette, musical, concerten, recitals, toneel en dans omvat.

Wonderbaarlijk genoeg kwam het theater zonder opzienbarende schade door de Tweede Wereldoorlog, wat helaas niet gezegd kan worden van het operahuis dat de Britten in 1866 in Valletta hadden gebouwd. Dat werd tijdens een bombardement volledig verwoest en daarna nooit meer opgebouwd. Lange tijd werd de ruïne gebruikt als parkeerplaats (!), totdat de Italiaanse architect Renzo Piano er in 2013 een openluchttheater in bouwde, het Pjazza Teatru Rjal.

Het Teatru Manoel is één van de oudste nog actieve theaters in de wereld. (© Valletta Baroque Festival)

Het Teatru Manoel is de initiatiefnemer van het Valletta Baroque Festival. Het festival zet in op de combinatie van barokmuziek en barokgebouwen (daaraan geen gebrek). De locaties moeten de muziek versterken en vice versa. Dat het festival zijn naam na acht jaar stevig gevestigd heeft, blijkt uit de grote namen op het programma.

Eén van de grootste namen uit de barokoperawereld, Vivica Genaux, opende op vrijdag 10 januari in het Teatru Manoel de achtste editie van het festival. Met Les Musiciens du Louvre bracht ze het operaprogramma Porpora vs. Handel, inzoomend op de felle strijd tussen Händels Royal Academy of Music en Porpora’s Opera of the Nobility in Londen.

Vivica Genaux is een uiterst charismatische zangeres, die met haar levendige persoonlijkheid bijna net zo veel communiceert als met haar stem. In de intieme atmosfeer van het Teatru Manoel, dat iets meer dan zeshonderd plaatsen heeft, was ze als een vis in het water. Ze greep de aandacht en liet die geen moment los. Het was in deze setting niet moeilijk om in gedachten terug te reizen in de tijd en voor te stellen hoe hier meer dan 250 jaar geleden wellicht precies hetzelfde te zien en te horen was: een diva in repertoire van Händel en Porpora, begeleid door barokinstrumenten.

Verscholen in één van de krappe loges ondervond ik tegelijk de ongemakken van een oud, klassiek theater: geen beenruimte, een onhandige zitpositie en een akoestisch desastreuze luisterervaring. Het geluid dringt de loges niet binnen, maar blijft volledig geïsoleerd in het binnenste van de zaal hangen. Pas als je je hoofd over de balustrade ‘naar buiten’ steekt of beneden in het auditorium gaat zitten, komt de muziek tot leven. In de loges blijft het droog en kaal.

Door dit euvel zal mijn indruk van Genaux’ zang enigszins vertekend zijn. Ik vond haar niettemin puur vocaal niet volledig overtuigen. Haar frasering was soms slordig en haar trillende gezicht had een nerveus effect, alsof ze haar vibrato leek te forceren. In ‘Cara sposa’ uit Händels opera Rinaldo bracht de mezzo meer rust aan, waardoor de tekst meteen krachtiger gecommuniceerd werd. Een verstild en ontroerend moment.

Les Musiciens du Louvre klonken onder leiding van Thibault Noally top in Fuga en Grave van Hasse – vol contrast, expressie en leven – maar konden in de begeleiding van de opera-aria’s een zekere sleur niet vermijden. Dat het concert een uur uitliep (welkom in Malta) hielp niet.

Vivica Genaux en Les Musiciens du Louvre verzorgden in het Teatru Manoel de opening van het festival. (© Mark Zammit Cordina)

Op zaterdag 11 januari verliet het festival het Teatru Manoel voor concerten in twee bekoorlijke kerken. In de Franciscan Church of St Mary of Jesus in Valletta speelde het jonge ensemble Les Contre-Sujets een goed doordacht programma over de (niet zo) Italiaanse concerten van Franse en Duitse componisten. Blokfluitist Samuel Rotsztejn lichtte de muziek van onder anderen Couperin, Vivaldi en Buxtehude pakkend en met humor toe, wat het concert een leuke educatieve tint gaf.

In de muzikale uitvoering had het vijfkoppige ensemble wel wat meer lef mogen tonen. Het klonk schoon en gepolijst, maar om de spanning vast te houden in de soms toch wat voorspelbare barokstructuur hadden de musici mijns inziens uitgesprokener moeten zijn in hun expressie en dynamiek.

Les Contre-Sujets verkenden (niet zo) Italiaanse concerten in de Franciscan Church of St Mary of Jesus. (© Mark Zammit Cordina)

Op een halfuur rijden van Valletta ligt Rabat, direct naast de voormalige hoofdstad Mdina. Highlight in Rabat is de Collegiate Church of St Paul, een imposante barokkerk, die echter vooral bekend is door wat eronder ligt: de Romeinse catacomben waar de apostel Paulus naar verluidt een paar maanden verbleef nadat hij schipbreuk had geleden en op Malta was gestrand.

Het bekende barokorkest La Serenissima presenteerde in de akoestisch prachtige kathedraal een programma met vocale en instrumentale kerkmuziek van Antonio Vivaldi. Speciaal voor het concert had La Serenissima twee authentieke instrumenten laten bouwen: een viola d’amore (naar een ontwerp van Stradivarius) en een tenor chalumeau, de voorloper van de klarinet. De violino in tromba marina speelde eveneens een grote rol.

Hoe interessant deze ‘technische’ kant van de oudemuziekcultuur ook kan zijn, het kantelde in dit concert voor mij over de top. De drang om historisch geïnformeerd te zijn leek de muzikaliteit van het ensemble te blokkeren. Muzikaal leider en violist Adrian Chandler wijdde zich uiterst bevlogen aan de historische instrumenten, maar op de viola d’amore en de violino in tromba marina miste zijn spel vlees en bloed. Het bleef technisch. Op de momenten dat hij zijn ‘gewone’ viool ter hand nam, leefde de muziek onmiddellijk op en hoorde je wat een formidabele musici La Serenissima in huis heeft, inclusief Chandler zelf. Je kunt je afvragen wat de waarde van authentiek musiceren is als je daardoor het meest basale doel van een concert uit het oog verliest: mooi muziek maken.

In de vocale werken soleerden sopraan Julia Doyle, mezzosopraan Renata Pokupić en mezzosopraan Sioned Gwen Davies. Alle drie deden ze Vivaldi’s werk volop recht, al was het jammer dat de meeste tekst verloren ging in de grote ruimte van de kathedraal.

La Serenissima wijdde een concert in de Collegiate Church of St Paul van Rabat aan het werk van Vivaldi. (© Mark Zammit Cordina)

Het Valletta Baroque Festival biedt je een kans om barokmuziek te horen in kwalitatief hoogstaande uitvoeringen en op zeer passende locaties. Door het grote aantal locaties maak je bovendien als vanzelf kennis met het land en zijn culturele hoogtepunten, en dat in een seizoen waarin je nog niet over andere toeristen struikelt.

Het programma voor 2021 is al bekend. Van 15 tot en met 31 januari 2021 biedt het festival 36 concerten verspreid over Malta. Op de agenda onder meer een optreden van countertenor Jakub Józef Orliński, Apollo e Dafne van Händel door het Orchestra of the Age of the Enlightenment, een herinterpretatie van Bachs Goldberg-Variationen door het Signum Saxophone Quartet en soloconcerten van sopraan Francesca Aspromonte en sopraan Francesca Lombardi Mazzulli.

De eigen programmering van het Teatru Manoel bevat dit seizoen nog een productie van Otello van Rossini (1 t/m 7 maart). Het volgende seizoen begint met een productie van Pelopida, een opera van de in Valletta geboren componist Girolamo Abos (1715-1760).

Zie voor meer informatie de websites van het Valletta Baroque Festival en het Teatru Manoel. Tips voor een bezoek aan Malta zijn te vinden op www.visitmalta.com.

Vorig artikel

KCO vervolgt Mens & Mythe met Oedipus

Volgend artikel

Met brengt Porgy and Bess in bioscoop

De auteur

Jordi Kooiman

Jordi Kooiman

Jordi Kooiman is journalist en muziekliefhebber. Hij richtte in januari 2009 Place de l'Opera op en leidt sindsdien het magazine.