Dubbel feest met Ārt House 17 in FOMU
Niet één maar twee programma’s van hetzelfde ensemble, dat komt op muziekfestivals zelden voor, maar dit jaar krijgt het publiek van het FOMU wel de kans om Ārt House 17 in twee heel verschillende voorstellingen te zien. En dat betekent dubbel feest voor de fans en twee keer zoveel verassende verhaallijnen en muzikale en regievondsten.

Arlecchina
Want verassend zijn de producties van Ārt House 17 altijd. In de afgelopen jaren nodigden de musici het publiek uit op bezoek bij Friedrich de Grote in het Potsdamse paleis Sanssouci, naar het Variététheater in het vooroorlogse Berlijn en naar een Parijse barbierszaak. Deze keer bevindt het kleurrijke muzikale gezelschap van “Arlecchina” zich in Italië. Hier begint de avontuurlijke reis van het tot leven gekomen houten marionet Arlecchina (een mooie rol van de danser Mareike Franz) die bijgestaan door Franceschina, Tartaglia, Pedrolin, Capitano en Pickelherring op zoek gaat naar haar eigen stem.
Vanaf de eerste minuut dat de blootvoetse zangers en musici het kleine podium van de Blauwe Zaal van de Utrechtse Stadsschouwburg betreden, wordt het een vrolijke warboel, waar de talen worden gemixt, de komische situaties elkaar in rap tempo opvolgen en de aanstekelijke – en aanstekelijk uitgevoerde – muziek de toon zet. Zoals altijd onderscheid Ārt House 17 zich met een fantasierijke repertoirekeuze, met deze keer stuk voor stuk vocale en instrumentale hoogtepunten van Monteverdi en Downland tot Cesti en Purcell.
In deze luchtige en komische voorstelling zingt en speelt iedereen naar hartenlust mee. Een appel wordt niet alleen gegeten maar ook gebruikt om iemands mond te snoeren (zoals Sophie Daneman dat als Franceschina in haar aria Aux plaisirs, aux délices, bergeres van Pierre Guédron doet); de boeven zingen hartverscheurende aria’s met een touw om de nek (een anonieme Passacalli della vita en Stradella’s Tuonera tra mille turbine door Benedikt Kristjánsson en Dietrich Henschel) en de zeereis wordt zoals het hoort met golven, een boot en een windmachine weergegeven. Voor het bewegen van de golven tijdens de storm (met Marin Marais’ Tempête als klinkende muzikale illustratie) hebben de zangers wel de hulp van het publiek nodig; de twee uit de zaal geplukte toeschouwers zullen deze golven-avontuur niet snel vergeten. Ook onvergetelijk is de verschijning van Emma Kirkby als de koningin van Engeland, die met een zichtbaar plezier meespeelt, meedanst en Downlands airs (Humour, Say what mak’st thou here en Time stands still) zingt. Het is een ware opera buffa geworden, met een flinke dosis commedia del’arte en een vleugje mimespel. Alles bij elkaar wordt dit door Ārt House 17 met een knipoog an early musical genoemd.

Over the Rainbow
Ook in het tweede festivalprogramma, Over de Rainbow, is er plaats voor hartelijk gelach, maar bij die lach hoort soms wel een traan. De zoektocht naar een eigen stem gaat ook hier door, alleen is er in dit geval veel meer nodig dan een reis door de stormachtige zee, want de gevonden stem moet ook gehoord kunnen worden. Het welkomstwoord van de voorzitter van Stichting Pride Amsterdam Suzanne van de Laar en de tussentijdse aankondigingen van de presentator Thomas Höft gaan niet voor niets over het belang van naar elkaar te leren luisteren, zonder vooroordeel wel te verstaan. Iedere stem telt, hoe verschillend dan ook, en draagt bij tot harmonie, die niet ontstaat doordat ‘iedereen dezelfde noot zingt’ maar juist door het samenvoegen van zo veel mogelijk verschillende stemmen.

De voorstelling van Ārt House 17 & Friends is hiervoor een klinkend pleidooi. Met ‘diversiteit aan identiteiten en expressie’ als uitgangspunt creëren Michael Hell (muzikale leiding), Georg Kronets (hoofd productie) en Thomas Höft (dramaturgie) een bijzonder spektakel van muziek en dans, met barok en pop, klassieke galajurken en zwarte creaties in leer en latex, vrolijk zingende vogeltjes en queer-koralen broederlijk naast elkaar. Dat zijn doorgaans geen combinaties die bij een traditioneel klassiek concert ‘horen’, maar hier blijken ze dankzij passie, fantasie, muzikaliteit en energie van dit sprankelende gezelschap van zangers, dansers en musici wel goed te werken.
Met deze alternatieve concertvorm maken Hell, Kronets en Höft de onderwerpen bespreekbaar die verre van luchtig zijn, zoals de vrijheid om zichzelf te zijn en de zichtbaarheid van queer kunstenaars. Ze maken dankbaar gebruik van de muzikale en visuele associaties met het overdadige en extravagante baroktoneel dat in zijn tijd veel meer diversiteit kende die men zich nu kan voorstellen. De in barok vintage omgedoopte fetisch kleding speelt hier niet de laatste rol. Er is wel enige moed voor nodig om zoals de bariton Dietrich Henschel geblinddoekt en op hoge lieslaarzen met naaldhakken op het podium te komen en vervolgens nog Bachs Schlummert ein, ihr matten Augen onverstoord en gebalanceerd te kunnen zingen. De schaarste van de bovenkleding staat tenor Benedikt Kristjánsson ook geenszins in de weg om een uitstekende uitvoering van Handels Ombra mai fu te geven.

Naast Bach, Handel, Biber en Vivaldi klinkt er ook een viertal queer-koralen (In meines Herzens Grunde, Betrachte, mein Verstand, Erwage en Ach, ja, ob de lieb Engelein) uit de Utrechter Passion (2022, naar BWV 245), met de nieuwe geschreven teksten van Thomas Höft op de muziek van Bachs Johannespassie. Hier drukken Henschel en Kristjánsson hun hoop uit ‘dat de wereld kan veranderen’ en iedereen zal uiteindelijk worden ‘aanvaard, zonder er vragen bij te stellen’. Ze worden bijgestaan door The Space Choir onder leiding van Lucas Vermeer, dat later ook schittert in Sufjan Stevens Mystery of love (in de bewerking van Vermeer) en de prachtige uitvoering van Somewhere over the Rainbow van Harold Arlen (in de bewerking van Michael Hell) met als soliste de sopraan Sophie Daneman. Gregory Frateur zorgt voor een van de meest aangrijpende momenten van het concert met zijn doorleefde versie van het door Dinah Washington bekend geworden lied van Clyde Otis This Bitter Earth (in de bewerking van Michael Hell en geïnspireerd op Max Richters On the Nature of Daylight).

Een vrolijke noot wordt toevoegt door de sopraan Johanna Rosa Falkinger met haar opgewekte uitvoering van de aria Hush, ye pretty warbling quire! uit Handels Acis and Galatea. Ook de dansers van EASTMAN Company (met choreografie van Sidi Larbi Cherkaoui )weten een feestelijke en speelse draai aan de muziek van Biber, Schmelzer en Rittler te geven.
En zo wordt Over the Rainbouw een muzikaal-theatrale voorstelling over stemmen die vergeten, onderdrukt of nog niet sterk genoeg zijn. De muziek geeft deze stemmen de kans om gehoord te worden. Iedere stem telt en samen vormen ze, zoals Thomas Höft dit treffend verwoordt, een polyfonie van een polyfone samenleving. Gezien het festivalthema “Giving Voice” is Ārt House 17 er bijzonder in geslaagd om met zijn beide voorstellingen, Arlecchina en Over the Rainbouw, een kleurrijke en klinkende gestalte aan een groot aantal heel verschillende stemmen te geven.
Verder kijken, luisteren en lezen
Video van Ārt House 17 met Dame Emma Kirkby.
In 2022 zag Olga de Kort Nacht in het museum doorĀrt House 17 .