Dromerige Roméo et Juliette in Sevilla
Het Teatro de la Maestranza in Sevilla presenteerde afgelopen vrijdag een coproductie met de Opera van Rome van Charles Gounods Roméo et Juliette. Het was een muzikaal prima voorstelling en de regie was een niet erg opwindende, dromerige vertelling zonder de tegenwoordig zo vaak gebruikelijke shock factoren. Een lyrische, een beetje Disney-achtige voorstelling , waarin de hoofdrollen uitstekend werden gezongen.

Regisseur Luca de Fusco maakte van het beroemde Shakespeare drama een voorstelling in een niet nader bepaalde tijd, met kostuums van Marta Criolino Malatesta, die met kleine hints naar het begin van de vorige eeuw, ook tijdloos (en mooi) waren. De proloog liet het koor zien als met dodenmaskers getooide zombies die ons op het trieste verhaal, vol vocale glans voorbereidden. Het toneelbeeld, achter een doorzichtig scherm met geprojecteerde sneeuw, was donker, met een leeg Veronees paleis met enkele trappen en grote muurschilderingen. Niets super origineels, maar voor de proloog werkte het goed.
Het drama
Het koor van zombies en in het wit gestoken schermende dansers, maakten plaats voor de feestgangers ten huize van de Capulets. Ook zij waren getooid met, of geschminkt met doodshoofden De jonge Juliette wordt door haar vader (een dramatisch sterke, maar vocaal niet zo bijzondere rol van Zoltan Nagy) gepresenteerd als de aanstaande bruid voor Pâris (Julien Van Mellaerts).

Tybalt, de neef van Juliette (uitmuntend gezongen en gespeeld door de Koreaanse tenor Mario Bahg met een heldere, krachtige, maar lyrische tenorstem), meent tussen de feestgangers Roméo, een Montaigu, te herkennen. De twee families gaan al generaties gebukt onder een dodelijk vete, dus de aanwezigheid van Roméo wordt gezien als een grote belediging en verdient het om gewroken te worden.
Juliette geeft te kennen dat ze nog helemaal niet aan een huwelijk toe is en bezingt haar vrijheid in de eerste hit-aria uit de opera, ‘Je veux vivre.’ Sopraan Nina Minasyan, geen onbekende in Nederland, zong de aria met grote virtuositeit en stralende hoge noten. Alleen haar manier van dynamische nuances aan brengen werkten op mij een beetje geforceerd. Van piano naar forte in gestuwde frases, met een zekere mate van staal in haar geluid, maar ook wat gemarineerd en deden een beetje aan een blaasbalg denken. Gelukkig verdween dit in de rest van de avond en zong Minasyan vooral in de zachtere passage echt beeldschoon en ontroerend. Getrude, de voedster van Juliette, werd spannend en vol cynisme gespeeld door Elena Maximova.

Romeo valt als een blok voor Juliette en bezoekt haar later die nacht aan haar balkon. Tenor Pavol Breslik zong zijn eerste aria, ‘A leve-toi soleil ‘met een groot gevoel voor stijl, in mooi Frans en prachtige hoge noten. Zijn hoge Bes was indrukwekkend, zoals al zijn hoge noten in de rest van de voorstelling. Daarbij acteerde hij overtuigend en wist hij een zeer geloofwaardige jonge minnaar uit te beelden.

Natuurlijk gaat alles mis in deze romantische, dramatische opera. Hoewel het jonge stel in het geheim trouwt met hulp van de monnik Laurent (erg mooi gezongen, met sonore stem door Riccardo Fassi), kan het paar niet genieten van hun gevonden liefde. Hun streven om door hun huwelijk de eeuwige strijd tussen de families te doorbreken, wordt ruw verstoord door de harde, starre kern van beide families. Stephano, een kleine ‘hosenrolle’, goed gedaan door Anna-Doris Capitelli, plaagt Roméo met zijn nieuwe liefde met een leuke spottende aria, ‘Que fais-tu blanche tourterelle’ en Thibalt aan de ene kant en Mercutio ( een stevige, wat ééndimensionale Maxim Lisiin) aan de andere, zijn uit op meer geweld.
In een confrontatie steekt Thibalt Mercutio neer, en Roméo doodt daarop Thibalt. Hij wordt, met enig coulance van de Hertog van Verona (veteraan Valery Guilmanov), niet ter dood veroordeeld, maar tot ballingschap. Hij moet nog dezelfde avond Verona voor altijd verlaten.

Hij neemt afscheid van Juliette, die daarna alsnog gedwongen wordt met Paris te trouwen. Ze weigert en zoekt opnieuw de hulp van de monnik Laurent. Hij geeft haar gif waardoor zij schijndood zal zijn. Eenmaal in haar crypte zal ze ontwaken en dan alsnog met Roméo kunnen vluchten. Helaas heeft Roméo de inhoud van de list nooit ontvangen en denkt dat ze echt dood is als hij Juliette op haar graf aantreft. Hij neemt zelf gif. Als Juliette dan bijkomt is Roméo stervend en besluit Juliette hem in de dood te volgen.

Duetten
Gounod schreef zijn opera rond vier grote duetten. Samen met librettisten Jules Barbier en Michel Carré dikten ze het toneelstuk van Shakespeare fors in, waardoor de achtergronden van de familievete wel erg dun geschilderd worden en we met grote stappen snel thuiskomen.
Vier grote duetten zijn echter een meesterlijk vondst van Goundod, waarin hij ons de persoonlijke ontwikkeling van het noodlottige liefdespaar met mooie details voorschotelt. Beide protagonisten hebben dan hun vocale visitekaartjes al afgegeven in hun aria’s.

In het eerst duet zien we twee jonge verliefde tieners die elkaar ontmoeten; ‘Ange adorable.’ Dit wordt aan het eind van de akte gevolgd door “Ô nuit divine ! Je t’implore !” waarin Roméo en Juliette hun liefde uitspreken en waarin ze dromen van een toekomst zonder haat waarin de liefde alles overwint. Ze worden daarbij in deze productie gesteund door het maanlicht en de sterrenhemel. Het was nogal zoet, maar door de prachtige muziek en uitvoering daarvan ging ik ongestoord op in de aan een Disney musical doen denkende beelden.
Het derde duet vindt plaats in de derde akte en is verklanking van de hartstochtelijke huwelijksnacht. Het paar weet dat ze afscheid moeten nemen van elkaar, maar kunnen elkaar niet loslaten. Zowel in de muziek als in de regie zijn de geliefden met elkaar verstrengeld en gaven een diep ontroerende vertolking van Nuit d’hyménée… il faut partir, hélas!” / „Va ! Je t’ai pardonné”, geholpen door een sierlijk toneelbeeld, met niets meer dan een door lange sluiers omsloten liefdesnest.
Het slotduet is hartverscheurend zelfs voor eenentwintigste eeuwse kritiekasters. Het zoet van de liefde en het bittere van het dodelijke gif komen in Romeo’s aria “Salut, tombeau sombre et silencieux” en het duet (“O ma femme, o ma bien-aimée / Viens, fuyons au bout du monde“) samen en leiden tot een werkelijk prachtig slot aan de opera. Waar bij Shakespeare Romeo zich al berooft van zijn leven bij het zien van de slapende Julia en dus al dood is als Julia bijkomt, krijgen de twee geliefden van Gounod nog een keer de kans om hun liefde muzikaal te vervullen als een ultieme liefdesdood.

Geen regietheater
Hoewel we in de hedendaagse operapraktijken vooral in de romantische opera’s van de 19de eeuw veelal getrakteerd worden op al dan niet geslaagd regietheater, is deze productie van een weliswaar zoete, maar ook simpele eenvoud. Nergens wordt de kern van de opera, de onmogelijke liefde tussen twee jonge mensen, verstoord door regieconcepten of ingrepen in het libretto om een concept overeind te houden. Dat het wat aan originele ideeën ontbreekt en veel van de beelden met projecties wat cliché matig zijn, zorgt er voor dat het niet erg opwindend theater wordt. Als er al sprake is van een concept, lijkt het erop dat we het verhaal beleven als de nachtmerrie van Juliette, mogelijk getroebleerd door het gif dat ze ingenomen heeft, vandaar waarschijnlijk ook de vele schermen en projecties op de voor-en achterdoeken.

Er zijn kleine hints naar het fascistische Italië van de Tweede wereld Oorlog, maar dat idee wordt nergens echt duidelijk uitgewerkt of uitgebeeld, op een paar zandzakken en een militair kostuum voor de Hertog na. Baanbrekend is deze productie zeker niet, maar voor een avond dromerig, romantische opera waarbij je best een traantje mag laten, is het prima. Mede door de voortreffelijke prestaties van de hoofdrolzangers, het prima orkest en zeker ook het koor ingestudeerd door Íñigo Sampil, en kreeg Gounods romantiek vrij baan in de betrouwbare handen van dirigent Sasha Yankevych.
Verder kijken luisteren en lezen
Video trailer Roméo et Juliette.
Zowel Riccardo Fassi als Maio Bagh zongen in 2022 in Utrecht.
Nina Minasyan was in 2018 Olympia in Les Contes d’Hoffmann bij De Nationale Opera.