FeaturedHeadlineNieuwsRedactioneelWedstrijd

Mezzosopraan Lea Shaw grote winnares IVC 2026

Op 10 oktober vond in het Theater aan de Parade de grote finale plaats van de 59ste IVC, in de catergorieën Opera en Oratorium. Mezzosopraan Lea Shaw (1996) uit de Verenigde Staten van Amerika werd de grote winnares. Ze won de Grand Prix ’s Hertogenbosch, de van Amelsfoort Prijs voor de beste vertolking van ‘Feathers’, het verplichte werk van Anne-Maartje Lemerie, de ANED Fonds Publieksprijs en de Persprijs.

Burgmeester van ’s Hertogenbosch Jack Mikekrs reikt de eerste prijs uit aan mezzosopraan Lea Shaw. Foto: © Sarah Hickson

In de finale, efficient gepresenteerd door Anna Trombetta, na de vier dagen van voorrondes, zongen de acht zangers die waren uitgekozen door de jury, ieder twee stukken begeleid door Philzuid onder de zeer prettige en bekwame leiding van Karen Kamensek. Daarnaast zongen twee kandidaten ‘Feathers’ en was er een zangeres die weliswaar de finale niet had gehaald, maar wel was bekroond met de Vrienden van de IVC-prijs . De Oekraïense sopraan Maria Knyhnystka zong dus buiten mededinging ‘Und Gott sprach..Nun beut die flur’ uit Die Schöpfung van Joseph Haydn.

De kwaliteit van gehele concours, waarvan ik de meeste kandidaten vanwege mijn verblijf buiten Nederland, via de live-stream had gehoord, viel enigszins tegen. Dit jaar was de formule veranderd en zongen alle kandidaten ieder twee programma’s met daarin 3 of 4 stukken uit opera en oratorium. Het streven om veelzijdigheid van zangers te stimuleren is prijzenswaardig, maar het werd zeer snel duidelijk dat sommige zangers nu eenmaal meer in de wieg gelegd zijn voor opera, dan voor opera, of omgekeerd. Om het verplicht te maken om beide categorieën in het Concours te moeten presteren, werkte voor een groot aantal zangers zeker niet in hun voordeel. Daarbij was het voor jury ook zwaar om alle 37 kandidaten in 5 tot 6 werken te horen. Dat zijn toch zo’n 185- 222 aria’s in vier dagen. Dat was ook voor de concourspianisten en hele kluif.

Finalisten

De finalisten konden zich in de finale met orkest presenteren, wat voor de meesten een zegen was. Zangers die in de voorrondes voor mij niet zo uit de verf waren gekomen, bloeiden op, een enkeling viel wat door de mand. Om niet op alle zangers tot in de details in te gaan, slechts het voorbeeld van een bariton die Germonts aria ‘Di Provenza il mar, il suol’ zong en daarbij het voor het voorspel gekozen genomen tempo door dirigent Karen Kamensek volledig naast zich neerlegde en op letterlijk halve snelheid de aria inzette. Een vrij onvergefelijk gebrek aan muzikaliteit.

De jonge Oekraïnse sopraan Viktoriia Shamanska (2002) zong ‘Depuis le jour’ uit Louise van Charpentier, met prachtige piano noten en mooie lijnen, ook in haar twee stuk, het ‘Alleluia’ uit Mozarts Exsulate jubilate maakte indruk met haar soepele coloraturen en stralen hoge noten. Ze werd daarvoor ook beloond met de Marianne Blok Prijs en de Prijs voor Jong Talent.

De Chinese bariton maakte vooral indruk met zijn vertolking van Ford in Falstaff, ‘É sogno? O realtà ?’ In de aria ‘Why do the nations’, kwam hij duidelijk te kort aan dictie en stijlgevoel. Waar hij juist in zijn vertolking van Verdi uitblonk in expressie, préséance en theatraliteit, kwam hij duidelijk in de problemen in Handel. Hij had wel de junior jury overtuigd en won dus de Juniorjury Prijs.

Bas-bariton Evan Gray zong een niet zo geweldige ‘Catalogus -aria’ uit Don Giovanni, maar was overrompelend fantastisch in de aria Es ist genug uit Mendelssohns Elias. Hij bleek een groot interpreet, met een volle, warme en expressie stem en kreeg voor zijn optreden de 3de prijs.  De tweede prijs, de Toonkust Prijs, ging, voor mij vrij verrassend, naar de Britse tenor Jack Lee. Hij had gekozen voor een zelden gehoorde, en deksels moeilijke ara uit Christus am Ölberge van Beethoven en sloot de finale af met de operette kraker, Dein ist mein ganzes Herz uit Lehárs Das Land des Lächelns. Met die vertolking won hij tevens de Bierens Foundation of the Arts Operette Prijs.

Alle finalisten en prijswinaars van de IVC 2026 me in het midden Lea Shaw en een na van rechts Irene Hoogveld.Foto: © Sarah Hickson

Er waren nog enkele kleine prijzen, die naar Nederlandse deelnemers gingen. Irene Hoogland, die met name in de voorronde veel indruk had gemaakt met haar grote expressie en inleving in de aria ‘To this we’ve come, uit The Consul van Menotti. Ze kreeg  een HandelKoor engagementsprijs.

Tenor Milan de Korte, die de finale ook niet gehaald had, ontving een Engagements prijs, de Andrew Wise Talent Award. Persoonlijk had ik wat moeite met de repertoire keuze van deze zeer getalenteerde jonge tenor en met zijn bijna bescheiden presentatie van dat repertoire. Ik weet hoe goed Milan op het toneel in een rol kan zijn, dus mogelijk komt hij gewoon beter uit de verf in producties, dan in competities.

Winnares Lea Shaw

Mezzosopraan Lea Shaw was zowel in de voorrondes als in de finale een complete zangeres, die technisch boven de materie staat en met groot stijlgevoel en expressie haar aria’s presenteerde. Na een ontroerende vertolking van Theodora van Handel, ging de Amerikaanse helemaal los in de grote finale aria uit La Cenerentola van Rossini. Gniffelend van geluk (ze mag trouwen met de charmante Prins) kwam Lea op en zong ‘Naqui all’affanno’ (ook zonder decors en kostuums) alsof ze de hele rol vertolkte. Plezier, spetterende versieringen, een geweldige adem die haar mooi liet fraseren en een helder dictie leidden tot nog meer vuurwerk in ‘Non piu mesta’, waarin een enkele van Cecilia Bartoli geleende hoge noot of extra versiering niet ontbraken. Het was een meesterlijke vertolking, een eerste prijs meer dan waardig en gegarandeerd een paradepaardje in haar opera toekomst.

In ‘Feathers’ van Anne-Maartje Lemereis bracht Lea Shaw een grote intensiteit en verbeeldingskracht mee. Al met al een terechte winnares van alle prijzen die haar ten deel vielen.   De persjury, bestaande uit Peter van der Lint, Hein van Eekert, Marjolien Sengers, Julia Kaiser en ondergetekende omschreven Lea als volgt: “De winnaar van de Pers Prijs weet het publiek aan te trekken met haar charisma en expressiviteit. Haar excellente ademhalingstechniek stelt haar instaat stijlvol te fraseren en haar mooie stem te laten stralen. “

Mezzosopraan Lea Shaw, winnares IVC 2026, Opera/Oratorium. Foto:© © Sarah Hickson

De jury bestond dit jaar uit voorzitter Sir David Pountney (operaregisseur), Susan Bullock CBE (sopraan), Paul McNamara (tenor en directeur van DNOA), Peter Rose (bas), Natascha Ursuliak (Opernhaus Zürich), Susanne Schmidt (Opera Ballet Vlaanderen), Dieter Kaegi (Theater Orchester Biel Solothurn), Tobias Hasan (Staatsoper Unter den Linden), Damià Carbonell Nicolau (De Nationale Opera).

Het was een lange avond in Den Bosch met zeventien aria’s, twee pauzes en een lange prijsuitreiking.  Hoewel er best wat punten van kritiek op de nieuwe formule van dit gerenommeerde concours te maken zijn en viel het gehele niveau wat tegen, was het toch wederom een fijn gevoel dat er hard gewerkt wordt om nieuw klassieke zangtalent te ontdekken en te ondersteunen op hun lange, zeker niet eenvoudige weg in opera- en oratoriumland.

 

Hier het complete overzicht van de prijswinnaars.

Grand Prix ’s-Hertogenbosch – 1e prijs (€ 15.000)

Lea Shaw – mezzosopraan (Verenigde Staten van Amerika, 1996)

Toonkunstprijs – 2e prijs (€ 7.500)

Jack Lee – tenor (Verenigd Koninkrijk, 1997)

Staetshuys Fonds-prijs – 3e prijs (€ 4.000)

Evan Gray – bas-bariton (Zwitzerland, 1998)

Jong Talent Prijs (€ 3.500)

Victoriia Shamanska – sopraan (Oekraïne, 2002)

Marianne Blok-prijs (€ 3.500)

Victoriia Shamanska – sopraan (Oekraïne, 2002)

Bierens Foundation of the Arts Operetteprijs: € 3.500

Jack Lee – tenor (Verenigd Konikrijk, 1997)

Van Amelsvoort Prijs: € 2.500

Lea Shaw – mezzosopraan (Verenigde Staten van Amerika, 1996)

ANED Fonds Publieks Prijs: € 1.500

Lea Shaw – mezzosopraan (Verenigde Staten van Amerika, 1996)

Vrienden van de IVC-prijs: € 1.500

Maria Knihnytska – sopraan (Oekraïne, 1995)

Persjury prijs: € 1.500

Lea Shaw – mezzosopraan (Verenigde Staten van Amerika, 1996)

Juniorjury Prijs: € 1.000

Chao Liu – bariton (China, 1996)

Engagements prijzen:

Het Concertgebouw, Lunchconcert in de Kleine Zaal, 14 oktober 2026

Lea Shaw – mezzosopraan (Verenigde Staten van Amerika, 1996)

Händel Choir Prijs 2026

Irene Hoogveld, sopraan (Nederland, 1992)

Andrew Wise Talent Prijs 2026

Milan de Korte, tenor (Nederland, 1997)

Vorig artikel

Stevige akoestiek geeft gloed aan Rigoletto in Keulen

Volgend artikel

Dit is het meest recente artikel.

De auteur

Bo van der Meulen

Bo van der Meulen