AchtergrondCD-recensies

Opera Carafa breekt lans voor Figaro-trilogie

Figaro, the sequel. Die leus zou mooi passen op het affiche van I Due Figaro van Michele Carafa. De opera is het vervolg op Rossini’s Il Barbiere di Siviglia en Mozarts Le nozze di Figaro. Figaro III dus. Een boeiend stuk, dat onlangs in een muzikaal knappe uitvoering op dvd is verschenen.

I Due Figaro is een bijzonder interessante opera. Alleen al door de intrigerende persoon van de componist Carafa. Enkele wetenswaardigheden: Carafa kwam uit een familie van kardinalen en zelfs een paus, hij diende een tijdje in het leger van Napoleon en trok met de keizer op naar Rusland en hij was een hele goede vriend van Rossini. Hij componeerde zelfs de helft van de eerste opzet van Rossini’s grandioze Stabat mater.

I Due Figaro ging in 1820 in première. Het werk is gebaseerd op het toneelstuk Les deux Figaro van Honoré-Francois Richaud. De bekende librettist Felice Romani maakte er een operatekst van.

I Due Figaro Het verhaal is het vervolg op Le nozze di Figaro van Mozart, dat weer een vervolg is op Il barbiere di Siviglia van Rossini. In Rossini’s werk versiert graaf Almaviva met de hulp van Figaro de mooie Rosina. In Mozarts werk is de graaf uitgekeken op Rosina en heeft zijn zinnen gezet op kamermeisje Susanna. Zij staat echter op het punt te trouwen met Figaro, die inmiddels als bediende in het huis van de graaf werkt. Uiteindelijk trouwen Figaro en Susanna.

In Carafa’s werk is Figaro – net als de graaf in Le nozze di Figaro – uitgekeken op zijn vrouw Susanna. Hij wil daarom een handlanger van hem laten trouwen met de dochter van de graaf, Inez, en er met de helft van de enorme bruidsschat vandoor gaan. De graaf denkt dat de handlanger een man van stand is en stemt in.

Cherubino wil hier echter een stokje voor steken. In Le nozze di Figaro was Cherubino nog een naïef knaapje, dat door de graaf naar het leger werd gestuurd. Inmiddels is hij echter een volwassen man, die in het leger zijn sporen wel verdiend heeft. Hij is verliefd geworden op Inez en wil met haar trouwen, en zij met hem.

Om de graaf op andere gedachten te brengen rond het huwelijk van zijn dochter, werkt Cherubino zich in vermomming het huishouden van de graaf binnen, als een bediende genaamd Figaro (vandaar ‘I Due Figaro’). Hij gaat vervolgens op z’n Figaro’s bezig om de zaken in zijn voordeel te keren. Wat hem lukt.

Figaro-trilogie

De muziek van Carafa heeft veel weg van Rossini. Er zit eenzelfde energie in en de finales zijn op eenzelfde manier opgezet. Echte muzikale hoogstandjes die blijven hangen heb ik niet gehoord, maar de bruisende vioolpartijen en leuke ensemblestukken voor de zangers maken het beslist geen onaardig werk.

Bongiovanni heeft een productie van de opera op dvd gezet (de eerste opname ooit). In een toelichting stelt Michael Wittmann voor om in plaats van een Da Ponte/Mozart-trilogie eens een Rossini/Mozart/Carafa-trilogie te produceren. Een Figaro-trilogie dus. Ik zeg: doen!

Een dergelijk cyclus zou een geweldig resultaat op kunnen leveren. De muziek van alle drie de delen is van hoog niveau en het is één doorlopend, consistent verhaal. Als je het dan in één enscenering giet, kun je de personages fantastisch ontwikkelen.

Het enige probleem is het stemtype dat aan de rol van de graaf is gegeven. Hij is bij Rossini tenor en bij Mozart bariton. Daar is nog mee in te komen gezien het feit dat hij ouder is. Bij Carafa is de graaf echter weer tenor, wat onlogisch is. Hij had beter bariton kunnen blijven, en dan had Cherubino – nu bas – tenor kunnen zijn. Maar dat probleem is vast wel op te lossen.

Hopelijk durft iemand een driedelige Figaro aan

Mocht zo’n trilogie ooit van de grond komen, dan zou ik het wel anders aanpakken dan regisseur Stefano Vizioli, die de enscenering maakte voor de op dvd verschenen productie van I Due Figaro – een productie van het Rossini in Wildbad Festival, opgenomen in 2006.

De regisseur maakte een moderne enscenering. Huize Almaviva is bij hem een zeer bekakt oord, met een dronken gravin en een golfende en tennissende graaf. Ik vind de personages nogal kleurloos en weinig symphatiek, wat veel humor in het stuk tenietdoet.

Gelukkig zit de productie muzikaal wel sterk in elkaar. Dirigent Brad Cohen gaat met het Württemberg Philharmonic Orchestra rappe tempi niet uit de weg en het koor van het Conservatorio San Pietro a Majello di Napoli blinkt uit door haar aanstekelijke enthousiasme. Weer eens een bewijs hoe leuk het is om naar jonge mensen op het toneel te kijken.

Van de solisten is Giorgio Trucco als graaf wat mij betreft één van de uitblinkers. Hij heeft een zeer fraaie tenor. Een beetje een Juan Diego Flórez-klank, maar dan wat softer. Hij zingt zijn partij met gemak; geen moment krijg je het idee dat hij er hard voor moet werken.

Mooi is ook Eunshil Kim als Inez. Ze acteert geloofwaardig als een jong meisje en maakt indruk met haar techniek en hoge noten. Haar stem is aan de scherpe kant, maar dat past wel bij haar rol.

Simon Bailey (Cherubino) is een prachtige bas die zijn versieringen goed aankan. In zijn acteren is hij bovendien heel ongedwongen, al moet ik zeggen dat ik gedurende het stuk weinig sympathie voor hem opvatte, terwijl hij toch ‘de man’ is in het verhaal.

De dvd laat in elk geval muzikaal zien wat er in het stuk van Carafa zit. En dat is mijns inziens voldoende om een productie van ‘de Figaro-trilogie’ te rechtvaardigen. Dus, nu maar hopen dat iemand het aandurft…

Vorig artikel

Operaklassiekers vullen Vondelkerk

Volgend artikel

DNO bereidt publiek voor op Salome

De auteur

Jordi Kooiman

Jordi Kooiman

Jordi Kooiman is journalist en muziekliefhebber. Hij richtte in januari 2009 Place de l'Opera op en leidt sindsdien het magazine.