AchtergrondFeatured

Barokopera Amsterdam doet het rustig aan

Na veel bedrijvigheid in de afgelopen seizoenen schakelt Barokopera Amsterdam in 2009/2010 even terug. Het gezelschap is alleen met het Purcell Gala te zien. Een ‘onderzoeksjaar’, noemt artistiek leidster Frédérique Chauvet het. Een jaar dat hard nodig is, want er zitten een paar grote tournees aan te komen.

Chauvet dirigeert het ensemble van Barokopera Amsterdam (foto: Hans Hijmering).
Chauvet dirigeert het ensemble van Barokopera Amsterdam (foto: Hans Hijmering).

Barokopera Amsterdam werd in 2000 opgericht door fluitiste en dirigente Frédérique Chauvet en heeft sindsdien een voor zo’n klein gezelschap behoorlijk aantal producties gemaakt. Veel Purcell, maar ook enkele onbekendere werken uit de opéra-comique.

Afgelopen seizoen bracht het gezelschap bijvoorbeeld het Purcell Gala – een theatraal aan elkaar gelast concert met diverse Purcell-muziek – en de double bill ‘Schatten uit de Opéra-comique’. Die laatste productie bevatte twee Franse komische operaatjes: Une Demoiselle en Loterie van Massé en Les Noces de Jeannette van Offenbach.

Na al die drukte is het een goed moment voor een soort ‘sabbatical’. „Het komende seizoen wordt een onderzoeksjaar”, vertelt Chauvet. “We hebben de afgelopen jaren heel erg veel gedaan, het is belangrijk daar nu even bij stil te staan en ons voor te bereiden op wat komt.”

De optredens van Barokopera Amsterdam blijven daardoor beperkt tot één tournee, opnieuw met het Purcell Gala. Bij die beperkte programmering speelt overigens ook mee dat theaters volgens Chauvet ‘schuw’ en ‘zuinig’ zijn in deze economisch lastige tijd.

Het Purcell Gala is een semiscenische reis langs de veelzijdigheid van Purcells muziek. Regisseur David Prins lijmt de verschillende muziekfragmenten aan elkaar, terwijl het ensemble van Barokopera Amsterdam en vijf solisten ze uitvoeren.

De solisten zijn dit seizoen hetzelfde als vorig seizoen: Wendy Roobol, Ina Boonen, Gunther Vandeven, Joost van Velzen en Pieter Hendriks.

Reden van de snelle reprise is dat de productie goed ontvangen werd bij het publiek. „En afgelopen seizoen hebben we het alleen in concertzalen gespeeld, terwijl de theaters ook geïnteresseerd blijken te zijn”, voegt Chauvet toe. „Dat had ik eerst niet durven hopen.”

Franse agent

Dat het komende seizoen slechts zes speeldagen kent, betekent niet dat de gehele keuken van Barokopera Amsterdam stilligt. Onverwacht succes in Frankrijk heeft het gezelschap namelijk uitzicht gegeven op enkele grote tournees in seizoen 2010/2011.

Barokopera trad deze zomer op het Festival de Musique in Strasbourg op met Purcells King Arthur. De organisator aldaar, Harry Lapp, was erg enthousiast en stelde voor om de Franse agent van het gezelschap te worden. Die kans liet Chauvet niet schieten.

In 2010/2011 staat daarom de eerste grote tournee door Frankrijk op de agenda, waarschijnlijk met King Arthur en een nieuwe productie van Le Nozze di Figaro.

Met die Mozart-opera gaat het gezelschap eind 2010 ook door Nederland toeren. „Die tournees moet je niet onderschatten”, zegt Chauvet. „Dat gaat veel tijd kosten.”

Chauvet benadrukt dat Barokopera Amsterdam gewoon een Nederlands gezelschap blijft, maar ze vindt het goed om ook naar mogelijkheden over de grens te kijken. „Frankrijk is de eerste optie, omdat ik daar zelf veel contacten heb. Maar misschien volgen er nog meer landen.”

Fris

Le Nozze di Figaro is één van de opera’s waarmee Barokopera Amsterdam het terrein van de barok verlaat. Met de werken uit de opéra-comique deed het dat al eerder. Die uitbreiding van het repertoire is het gevolg van een natuurlijk proces dat zich binnen het gezelschap afspeelt.

Chauvet richtte Barokopera Amsterdam in eerste instantie op om puur barok te spelen, zoals de naam al zegt. Het levendige oude muziek-circuit in Nederland was ook één van de redenen waarom ze haar vaderland Frankrijk verliet om hier te komen wonen.

Maar langzamerhand is Chauvet ‘nieuwer’ repertoire onder handen gaan nemen. „De overeenkomst is dat we net als bij barok ook deze werken vanuit de kennis en ervaring van de tijd waarin het geschreven werd benaderen en bijvoorbeeld op authentieke instrumenten spelen.”

„Wat interessant is”, vervolgt Chauvet, „is dat we vanuit onze ervaring met barok naar Mozart en de opéra-comique stappen. Dat is heel anders dan wanneer je teruggaat van twintigste eeuwse muziek naar die werken. Het geeft een bepaalde frisheid in je interpretatie, want je beleeft het revolutionaire van de muziek veel sterker.”

Maar die frisse aanpak van bijvoorbeeld Mozart laat dus nog even op zich wachten. Voor wat dit seizoen betreft, blijft Barokopera Amsterdam haar voornaam trouw.

Meer informatie over het gezelschap is te vinden op www.barokopera.nl.

Vorig artikel

Winnaars Opera News Awards bekend

Volgend artikel

Seattle leeft op van Ring

De auteur

Jordi Kooiman

Jordi Kooiman

Jordi Kooiman is journalist en muziekliefhebber. Hij richtte in januari 2009 Place de l'Opera op en leidt sindsdien het magazine.