Home » Featured, Operarecensie

Les Mamelles daagt jonge talenten uit

Amsterdam26 november 2015 Geen reacties

Het talentontwikkelingsprogramma van De Nationale Opera toont deze week zijn bestaansrecht met een overdonderend absurdistische Mamelles de Tirésias. De cast vol jonge Nederlandse en buitenlandse talenten werd geconfronteerd met alle aspecten van muziektheater en hield zich, met het zweet op het voorhoofd, overtuigend staande.

Hrafnhildur Arnadottir (Thérèse) en Drew Santini (Le Mari) in Les Mamelles de Tirésias (© Hans van den Bogaard).

Hrafnhildur Arnadottir (Thérèse) en Drew Santini (Le Mari) in Les Mamelles de Tirésias (© Hans van den Bogaard).

Ze zijn hopelijk gepamperd, ze zijn merkbaar stevig begeleid, maar ze zijn vooral uitgedaagd: de jonge talenten die onder de vleugels van De Nationale Opera de voorstelling Les Mamelles de Tirésias maakten, kregen een zware opdracht met deze productie. De afgelopen twee maanden werd veel van de zangers en zangeressen gevraagd, die muzikaal gelukkig konden leunen op meesterbegeleider Roger Vignoles.

Comfortabel op een kruisje op het podium staan, je aria zingen en zo het publiek imponeren, dat was er niet bij in de flitsende opvoering van de opera van Francis Poulenc, in de tweepianobewerking van Benjamin Britten. De solisten moesten veel, snel en soms hoog zingen en daarbij bewegen, dansen en op en in elkaar klimmen. En dat compleet met verkleedpartijen en strak getimede changementen.

Ze konden het, zo bleek woensdagavond bij de feestelijke première in de grote studio van Nationale Opera & Ballet, waar zo ongeveer de hele Nederlandse operawereld aanwezig was.

Het ging in het Frans, dat voor maar enkelen in de cast de moedertaal is. Dat is het zeker niet voor sopraan Hrafnhildur Arnadóttir, die zich als Thérèse ergens tussen de suffragettes van het begin van de twintigste eeuw en de tweede feministische golf van enkele decennia later tot het feminisme bekent. Ze ontdoet zich van haar borsten en krijgt een baard, maar desondanks stonden de vocalen van de IJslandse als een huis. Evenals in verschillende optredens in aanloop naar deze productie bewees ze over een stralend, licht dramatisch geluid te beschikken.

De arme Drew Santini zal later, nog beroemder dan nu, misschien nog weleens herinnerd worden aan zijn debuut op het kleinere podium van het grote operahuis aan de Amstel. Zijn interviewers – altijd benieuwd naar het begin van de zangersloopbaan – zullen vragen hoe dat debuut verliep en mogelijk duikt er een foto op van de bariton als Le mari, de man van Thérèse, die wordt meegesleurd in de omkering van de sekserollen in het verhaal. “Een knus katoenen jurkje had ik aan”, zal de zanger moeten bekennen. “Met eronder een beha van glimmende stof.” De bariton redde zich, in prima Frans, uitstekend in deze en de andere wonderlijk situaties waarin hij verzeild raakte.

Jorne van Bergeijk, tegenwoordig deel uitmakend van de Dutch National Opera Academy, kennen we vooral van nogal serieus repertoire, maar hij bleek ook over komisch talent te beschikken. Hij had vooral veel te bewegen in zijn rol als Gendarme, waar een lichte schaduw van ‘officer Crabtree’ overheen hing.

Scène uit Les Mamelles de Tirésias (© Hans van den Bogaard).

Scène uit Les Mamelles de Tirésias (© Hans van den Bogaard).

Goede stemmen en overtuigende podiumpersoonlijkheden waren ook Rubèn Plantinga als Monsieur Presto en Zinzi Frohwein als een stijlvolle Dame élégante. Ze gaf met haar warme timbre fraai kleur aan de ensemblekoortjes. Haar rol in deze productie was kleiner dan haar talent, dat we kennen van haar Bertha in de Barbier bij de Reisopera en van haar rol in Die Stumme Serenade. Plantinga en Frohwein openen het komende seizoen in een grote productie van respectievelijk Opera Zuid en de Nederlandse Reisopera.

De krankzinnigheid van het absurde drama en de tekst van Apolliniaire vol taalvondsten was heel goed begrepen door het creatieve team onder leiding van regisseur Ted Huffman. De Amerikaan heeft verrassend veel affiniteit met de Franse slag in de tekst en in de muziek van Poulenc.

Het team maakte deze productie (al eerder te zien in onder meer Aix-en-Provence en Brussel) tot een echte opera, maar leende en citeerde ruimhartig uit het theater en de film van de laatste honderd jaar. Het werd daarmee een hele muzikale regie, met nadruk op beweging. De sfeer was die van de jaren twintig, een ambiance die ook door de muziek wordt opgeroepen.

Het knappe aan de regie was dat in alle talige en muzikale gekte op het podium een constante zichtbaar bleef van hardcore surrealisme. Wel slapstick, geen gooi-en-smijtwerk. Wel spel met sekserollen en verkleedpartijen, geen revue. Dat was evenzeer de verdienste van de castleden, die alert moesten zijn op alle aspecten van hun rol.

Benieuwd naar de zangers van de toekomst? Ga kijken en luisteren. En wie dat geen thema van groot belang vindt, maar zich voor een uur in de kern van Frans muziektheater wil wanen, doet er ook goed aan één van de laatste kaarten te kopen.

Les Mamelles de Tirésias is nog tot en met 29 november te zien. Zie voor meer informatie de website van De Nationale Opera.

door

Les Mamelles de Tirésias
Francis Poulenc

Uitgevoerd door: De Nationale Opera
Solisten: Hrafnhildur Arnadóttir, Drew Santini, Rubèn Plantinga, Zinzi Frohwein, e.a.
Regie: Ted Huffman.
Bezocht op 25 november 2015

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.