BuitenlandFeaturedHeadlineLiedrecensieRecensies

Tegenvallende letzte Lieder Chen Reiss

Met gemengde verwachtingen ging ik op 8 januari naar een concert met het Real Orquesta Sinfónica de Sevilla onder leiding van chefdirigent Lucas Macías Navarro met op het programma de Vier letzte Lieder van Richard Strauss en de Vijfde symfonie van Gustav Mahler. Soliste in de liederen was sopraan Chen Reiss, een sopraan die ik bij eerdere kennismakingen erg mooi vond, maar waarvan ik vreesde dat haar licht lyrische stem moeite zou hebben met de zwaarst georkestreerde passages. Dat bleek helaas zo te zijn of misschien had Reiss een off day. Wat er na de pauze klonk maakte de avond helemaal goed.

Lucas Macías Navarro dirigeert zonder partituur. Foto: © © Marina Casanova

Chen Reiss maakt internationaal een geweldige carrière. Ze beschikt over een kristalheldere sopraanstem die straalt in de hogere passages. Ze heeft dan ook succes als Sofie in Der Rosenkavalier en Zdenka in Arabella en in werken van Mozart en Monteverdi.  Maar, zoals wel vaker is gebleken, zijn de Vier letzte Lieder van Strauss een maatje of twee groter dan het repertoire waarin Reiss uitblinkt. Ooit voor het eerst uitgevoerd door dramatische sopraan Kirsten Flagstad, maar door de jaren ook door vol lyrische sopranen als Renée Fleming, Gundala Janovich en zelfs door puur lyrische sopranen als Elly Ameling uitgevoerd, zijn de Vier letzte Lieder de lievelingen van zangers en publiek en ik begrijp maar al te goed hoe groot de verleiding is om deze liederen te willen zingen. Zeker als je als ‘artist in residence’ van het Orquestra de kans krijgt om zelf repertoire aan te dragen. Maar Chen Reiss liet horen dat een wens soms een droom is.

Chen Reiss, dirigent Lucas Macías en leden van het Real Orquesta Sinfónica de Sevilla . Foto: © Marina Casanova

Geforceerd

In het eerste lied ‘Frühling ‘viel de stem van Reiss weg bij de allereerste woorden ( ‘In dämmrigen Grüften träumte ich lang’ op een lage Es tot lage C), kon even bloeien op de hoge A van ’und blauen Lüften’, maar had in de rest van het lied te lijden onder het feit dat haar stem niet de kracht nog de focus heeft om vrij en zuiver door de openingsfrases te komen. In de hoogte horen we wat de stem kan en hoe mooi die is en hoe goed Reiss daarmee kan zingen, maar in de lagere passages klonk het geforceerd, te laag en zelfs onaangenaam. Ondanks dat dirigent Lucas Macías er alles aan deed de stem de kans te geven, de orkestratie en de tessitura zijn wat ze zijn en daar komt Reiss eenvoudigweg te kort. Misschien was  Reiss niet helemaal gezond of waren er andere zaken de oorzaak van genoemde problemen.

In het tweede lied ‘September ‘is het iets minder een probleem, maar zodra de muziek zich in het midden en in de lagere regionen begeeft komt Reiss in de problemen.

Chen Reiss, dirigent Lucas Macías en leden van het Real Orquesta Sinfónica de Sevilla . Foto: © Marina Casanova

Het derde lied ‘Beim Schlafengehen ‘en het laatste lied  ‘Im Abendrot’ zijn beter, maar omdat Reiss zich mogelijk te veel op de technische kant van de liederen probeerde te focussen, komt de interpretatie, meestal de sterke kant van Reiss, niet tot bloei. Ook de frasering laat te wensen over. ‘Hände, laßt von allem Tun ‘heeft niet voor niets een komma na ‘Hände’ maar Reiss zingt er overheen. En hoewel ‘Im Abendrot’ stemmingsvol door het orkest werd begeleid met prachitge blazers en een schitterende viool solo van concertmeester Alexa Farré Brandkamp, wilde Reiss maar niet ontroeren. Al met al een teleurstellende uitvoering.

Chen Reiss, dirigent Lucas Macías en het Real Orquesta Sinfónica de Sevilla . Foto: © Marina Casanova

Wereldklasse

Na de pauze stond Mahlers Vijfde symfonie op het programma en dat werd een uitvoering die al het voorafgaande deed vergeten. Chefdirigent Lucas Macías Navarro leidde het orkest, zonder partituur, precies, gedetailleerd en genuanceerd door de symfonie en de solistische bijdragen van eerste trompettist José Forte Ásperez, solo hoornist Joaquín Morillo Rico en wederom Alexa Farré Brandkamp waren van wereldklasse. Het gehele orkest klonk misschien niet als het KCO of de Wiener Philharmoniker, maar het Sevilliaanse orkest zorgde voor een onvergetelijke, luid bejubelde Mahler vertolking.

Lucas Macías Navarro met leden van het Real Orquestra Sinfónica de Sevilla Foto: © Marina Casanova.

Verder lezen, luisteren en kijken

Chen Reiss zong in 2021 de Vier letzte Lieder in Valencia. De opname klinkt aanzienlijk beter.

Basia Jaworski (overleden op 11 januari) had in 2015 een gesprek met Chen Reiss.

Voor Basia: Chen Reiss zingt ‘Morgen’.

In 2024 zong Chen Reiss liederen van Strauss die haar aanzienlijk beter lagen.

 

 

Vorig artikel

In memoriam Basia Jaworski

Volgend artikel

Dit is het meest recente artikel.

De auteur

Bo van der Meulen

Bo van der Meulen