Home » Achtergrond, Featured

Anton Brand: Hoe ga je van opera houden?

Groningen8 februari 2012 Geen reacties

Hoe ga je van opera houden? Anton Brand schreef er een roman over aan de hand van zijn ontdekkingstocht van het genre en de laatste reis van Vincenzo Bellini. Een interview met de auteur. ,,Ik ben stomverbaasd dat ik een boek over opera heb geschreven.”

Anton Brand (foto: Henk Veenstra).

In 1984 bezocht Anton Brand samen met zijn partner een uitvoering van I puritani in de Amsterdamse Stadsschouwburg, met onder andere Cristina Deutekom in de cast. ,,We zaten helemaal bovenin, zodat we alleen het voorste deel van het toneel konden zien. Af en toe zag ik de voeten van Deutekom voorbij komen, verder zag ik niks. Ik vond het verschrikkelijk.”

In het voorjaar van 2006 bezocht Brand weer een Bellini-opera. Dit keer La Sonnambula in de Deutsche Oper Berlin, met Eunyee You in de hoofdrol. ,,Het was zó mooi, ik had tranen in mijn ogen.”

Wat was er gebeurd tussen 1984 en 2006? Brand had in de tussentijd vele opera’s gezien, maar waarom greep het hem juist op dat moment zo aan? Die vraag inspireerde hem tot het schrijven van een bijzondere roman. Een roman, maar ook een biografie. En een reisverhaal. En een historisch onderzoek.

De schrijver vermengde zijn persoonlijke ontdekkingstocht van het genre met de fascinerende verhalen van de grote Italiaanse componisten van de negentiende eeuw. Bellini in de eerste plaats, maar ook Rossini, Donizetti, Verdi en Puccini.

,,Officieel heet het een roman, maar met vijf pagina’s bronvermelding kun je je afvragen of het dat echt is”, lacht Brand. ,,Eerlijk gezegd maakt het me niet veel uit. Het boek bevat feiten, maar de manier waarop ik schrijf, is fictie. Zo’n genre vind ik heel leuk. Je hebt het studieuze en je hebt het persoonlijke. Ik ga helemaal op in de research, maar geef er daarna wel een persoonlijke draai aan. Anders zou het een kroniek worden.”

Goud

Brand studeerde sociologie in Groningen en debuteerde in 1978 met een verhalenbundel bij uitgeverij Meulenhoff. In 1979 ging hij bij de gemeente Groningen werken, wat hij nog altijd doet. Het schrijven liet hem echter nooit meer los. Hij publiceerde onder meer enkele novelles en de boeken Hoek van Ameland en Liefdeknopen.

Brand werd geprikkeld voor zijn nieuwste roman toen hij een artikel in de New York Times vond over de laatste, postume reis van Vincenzo Bellini. Ruim veertig jaar nadat Bellini in Parijs was begraven, kwam een delegatie van zijn geboortestad Catania naar de Franse hoofdstad om zijn lichaam op te graven, op de trein te zetten en in Catania in een praalgraaf bij te zetten.

,,Vanaf Turijn stond er op ieder station een welkomstcomité om de componist te huldigen”, vertelt Brand. ,,En toen het lichaam in Catania aankwam, werd er drie dagen lang feestgevierd. Door 100.000 mensen! Toen ik dat romantische beeld van die treinreis voor me zag, dacht ik: dit is goud.”

Via het artikel kwam Brand op het spoor van Bellini’s jeugdvriend Florimo, die een aantal boeken had geschreven en maar liefst 80 pagina’s aan die laatste reis van zijn makker had besteed. Hem gebruikte Brand als belangrijke bron voor zijn boek.

Maar daar liet de schrijver het niet bij. Afgelopen zomer reisde hij zelf naar Turijn af om precies dezelfde treinreis te maken als Bellini. ,,Natuurlijk vind je er weinig van terug en zijn al die stationnetjes die je passeert allang veranderd. Toch heeft het wel iets speciaals. Zo kwam ik aan het einde van de reis in het dorpje waar Bellini’s vriend Florimo geboren was. Er stond zowaar een borstbeeld van hem en er was een plakkaat op zijn geboortehuis aangebracht.”

Leren luisteren

Aan de hand van zijn uitputtende research en zijn reisimpressies kneedde Brand zijn verhaal, waarin hij ook uitwijdde naar Bellini’s tijdgenoten Rossini en Donizetti en de latere Italiaanse grootmeesters Verdi en Puccini. ,,Wat ik daar leuk aan vind, is dat de biografie van iemand kan helpen zijn werk te waarderen”, zegt Brand. ,,Ik lees graag over een componist om daarna met die kennis naar hun muziek te gaan luisteren.”

(Foto: George Mulder)

,,Ik ben iemand die moet leren luisteren”, vervolgt hij. ,,Ik merk dat ik andere mensen, indrukken en ervaringen nodig heb om me ergens in te verdiepen. Zo vond ik Tosca vroeger veel te heftig. Ik noemde het altijd de Amnesty International-opera, met al die martelingen en de moord op Cavaradossi. Nu is Tosca één van mijn favorieten.”

Die ontwikkeling vormt het biografische deel van Brands boek. ,,In mijn vorige boek, Liefdeknopen, schreef ik over mijn ouders, mijn afkomst. Het verhaal dat daar logisch op volgt, is hoe je je persoonlijk ontwikkelt en hoe je dingen gaat waarderen die je níet met de paplepel ingegoten hebt gekregen. Zoals opera.”

1500 pagina’s

Wat hij na Laatste Reis gaat doen? ,,De weg ligt breed open”, zegt Brand. ,,De 200 pagina’s die ik nu geschreven heb, kun je eindeloos uitbreiden naar andere componisten, impresario’s en librettisten in die tijd. Achter alle verhalen zitten weer andere verhalen. Je zou zo 1500 pagina’s kunnen vullen…”

Voorlopig houdt Brand zich echter bezig met de promotie van zijn Bellini-roman. Na de presentatie op 19 februari in Het Paleis in Groningen zal hij enkele boekhandels bezoeken om over zijn boek en over opera te spreken.

Brand houdt ook een weblog bij met nieuws en achtergronden bij zijn boek. Zie verder de website van Uitgeverij Passage.

door

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.