FeaturedHeadlineRecensies

Keti Koti herdacht met vergeten componist

Ter gelegenheid van Keti Koti (‘ketenen gebroken’) gaf countertenor Arturo den Hartog in het Muziekgebouw aan ’t IJ een concert met werken van de Surinaamse componiste Marie Majoie Hajary en van de Afro-Amerikaanse componist Tyshawn Sorey (1980).

Arturo den HArtog en Ernst Munneke . Foto: © Neil van der Linden

Vergeten componist alert!

Marie Majoie Hajary werd geboren in een gegoede Surinaamse familie. Haar vader, zoon van Indiase emigranten, was hoofd van het departement van Financiën, waar haar moeder ook werkte, en was lid van het algemeen bestuur van Suriname. Haar moeder was de kleindochter van een slaafgemaakte vrouw en een Chinese man. Majoie kreeg haar muzikale vorming van de nonnen van het klooster in de Gravenstraat. Zij en haar zus Jetty bleken getalenteerde pianisten.

Op zestienjarige leeftijd ging Hajary naar het Amsterdam Conservatorium, waar ze piano studeerde bij Nelly Wagenaar en compositie bij Hendrik Andriessen, om in 1942 cum laude af te studeren als pianiste en een jaar later de eerste prijs kreeg voor Hindoustani fantaisie voor piano en orkest. Het stuk werd onder meer door het Concertgebouworkest uitgevoerd. Ze trad altijd op in een sari en bouwde zo een imago op als Indiase prinses.

Marie Majoie Hajary

Later, in 1949 zette ze haar muziekstudies voort in Parijs, compositie bij Nadia Boulanger, no less, en piano bij Yves Nat, toen ook een grootheid. In 1951 trouwde ze met Roland Garros, de neef van de luchtvaartpionier, naar wie het tennisstadion is genoemd. Vanwege diens werk als directeur bij Air France verhuisde ze vaak; naar Madagaskar, Gabon, Tokio, New Delhi en Istanbul. Hajary verdiepte zich intussen in Indiase raga’s. Ze schreef raga-composities als New Sound From India (1967), Requiem pour Mahatma Gandhi (1968) en Chants du Gita Govinda (1974), op tekst van Marguerite Yourcenar. Later componeerde ze onder meer een passieoratorium op tekst van de Sranantongo bijbel van haar grootmoeder en de opera La larme d’or / Na gowtu watr’ai, over de Surinaamse slaventijd.

Het passieoratorium is uitgevoerd in Paramaribo. Verder is werk van haar uitgevoerd bij het Centrum Nederlandse Muziek (1996) en de Leo Smit Stichting (2000 en 2017). Maar ondanks verwoede pogingen lukte het nooit om de opera La larme d’or / Na gowtu watr’ai in zijn geheel te laten uitvoeren.

Warm pleidooi

Countertenor Arturo den Hartog was afgelopen week een paar keer op de radio vanwege Keti Koti en voerde een warm pleidooi voor Hajary, onder meer voor die opera. Het concert in het Muziekgebouw in Amsterdam bleek iets anders van opzet dan aangekondigd. Aanvankelijk was een veel uitgebreider zangprogramma geprogrammeerd met ook spirituals en liederen van de Afro-Amerikaanse Margaret Bonds, die tegenwoordig steeds vaker wordt uitgevoerd. Maar uiteindelijk zong hij begeleid door alleen uitermate delicaat werk van Marie Majoie Hajary, en even zachtaardig lied ‘Save the Boys’ van de Afro-Amerikaanse componist Tyshawn Sorey.

Arturo den Hartog. Foto: © Foppe Schut

Om onbekende redenen was Mattias Spee vervangen door Ernst Munneke. Ach, maar ook in deze opzet kwamen de muziek van Hajary en het pleidooi daarvoor door Arturo den Hartog sterk over. De muziek en de uitvoering doen absoluut verlangen naar meer, onder meer naar haar opera. De drie composities van haar die zijn uitgevoerd zijn geschreven in een idioom tussen tonaal en atonaal in. Indiaas, maar ook met een Frans impressionistische toon. Hajary’s docente Nadia Boulanger is de zuster van de jong gestorven Lili Boulanger. Die verwerkte in haar muziek ook impressies van het Boeddhisme. Misschien is dat een richting waaraan we kunnen denken bij de door Hindoeïsme geïnspireerde muziek van Majoie Hajary. En in La larme d’or / Na gowtu watr’ai verwerkte ze ook de geschiedenis van de slavernij. Nog een reden om naar een uitgebreide uitvoering van die opera uit te zien.

Retracing Steps

In plaats van de aangekondigde rest van het programma trad, op instigatie van Arturo den Hartog, het trio Sons of Jumira met het programma Retracing Steps van Sons of Jumira. Voor deze gelegenheid paste dit uit de ‘worldjazz’ bekende trio het het instrumentarium deels aan op dat van de muziek van Senegal en Mali, op de wereldkaart een regio die een breedtegraad boven Suriname ligt. Vandaar vermoedelijk de titel. Hoewel met name de Nederlanders en de Portugezen de slaafgemaakten deporteerden tot uit Oost-Afrika (dat laatste via de Kaap) kan het zijn dat heel wat voorouderlijke lijnen van de bevolking van Suriname en daaromheen uit West-Afrika komen.

Trio Sons of Jumira met kora speler Julian Tjon Sack Kie, drummer Mill Voyance, en harpist Ranie Ribeiro, Foto: © Neil van der Linden.

Retracing Steps, een werk van een klein half uur, wordt uitgevoerd op kora en ngoni, twee snaarinstrumenten bekend uit Senegal en Mali, percussie, deels ook geënt op West-Afrikaans instrumentarium, en harp, waarbij Ranie Ribeiro’s harp wonderwel mengde met de West-Afrikaanse instrumenten; was de muziek voor het merendeel tamelijk ingetogen, Ribeiro bouwde in het laatste deel naar een prachtige climax op.

Verder kijken, luisteren en lezen

Arturo den Hartog zingt twee liederen van Marie Majoie Hajary .

Interview met Arturo den Hartog door Jacqueline Oskamp voor het Muziekgebouw.

Franz Straatman over een recital in 2023 door Arturo den Hartog en Daan Boertien.

Vorig artikel

Sopraan Nelly van der Spek overleden.

Volgend artikel

Dit is het meest recente artikel.

De auteur

Neil van der Linden

Neil van der Linden