Home » Achtergrond, Featured

Koorzang als bijzonder ambacht

Amsterdam29 juni 2011 1 reactie

Het koor van De Nederlandse Opera wordt regelmatig door pers en publiek geprezen. Het ensemble werkt mee aan bijna alle producties van het gezelschap. Een gesprek met koorlid Wim Jan van Deuveren. ,,Het is gewoon een vaste baan. Maar dan wel een hele mooie.”

Het koor van De Nederlandse Opera in Turandot (foto: Hans van den Bogaard).

Het operakoor van De Nederlandse Opera (DNO) oogstte in 1995 in Amsterdam en het jaar daarop in Salzburg internationale lof voor zijn aandeel in Schönbergs Moses und Aron. In 2008 was het koor te gast tijdens de BBC Proms in de Royal Albert Hall met een concertante versie van Saint François d’Assise. En de afgelopen jaren werd het koor in eigen huis geprezen voor producties als Lady Macbeth van Mtsensk, Boris Godoenov, Les Troyens en Turandot.

Wim Jan van Deuveren, die sinds 1994 op freelancebasis en sinds 2004 als vast lid onderdeel uitmaakt van het koor, zong mee in deze producties. Voordat de tenor bij het DNO-koor terechtkwam, studeerde hij zang bij Margreet Honig aan het conservatorium van Amsterdam en muziekregistratie aan het conservatorium van Den Haag.

,,Ik denk dat we momenteel één van de betere operakoren van Europa zijn”, vertelt hij. ,,Als je naar het koor in zijn totaal luistert, inclusief de freelancers, dan denk ik dat we een hele goede vocale kwaliteit hebben. Dit mede dankzij onze koordirigent Martin Wright natuurlijk.”

Momenteel telt het koor ongeveer zestig vaste beroepszangers. Verder is er een kaartenbak vol met freelancers. Het varieert per productie of er aanvulling nodig is. Om freelancer of vast koorlid te worden, moet een succesvolle auditie worden afgelegd. Een conservatoriumdiploma is de regel, maar is bij uitzonderlijke vocale kwaliteiten niet per se noodzakelijk.

Van Deuveren: ,,Je wordt niet alleen beoordeeld op zangtechniek en muzikaliteit, maar ook op inlevingsvermogen. We blijven toch een operakoor, waarin acteren een vast onderdeel uitmaakt van je beroep.”

Ambachtsman

Eén van de grootste uitdagingen voor een professionele koorzanger is volgens Van Deuveren om geïnspireerd te blijven. Om iets neer te zetten als groep. Als je er een solistische drive op nahoudt, kun je gemakkelijk gedemotiveerd raken.

Wim Jan van Deuveren.

,,Er is een groot verschil tussen als solist op een operapodium staan of als koorlid. Als ik solo op het podium sta, ben ik zo’n belangrijke radar in het geheel, dat het geheel eronder lijdt als ik niet goed functioneer. In een koor werkt dat anders. Ik moet bijdragen aan het totaal, maar ik mag niet identificeerbaar zijn als individu in dat totaal. Ik voel mijzelf als koorzanger meer ambachtsman met een bijzonder beroep dan artiest.”

Terwijl een solist van operahuis naar operahuis reist, is het werkende bestaan van een vast lid van het DNO-koor vrij regelmatig. ,,Het is gewoon een vaste baan, maar dan wel een hele mooie. We hebben een CAO die uitgaat van de maximale belastbaarheid van de stem. Hierin staat precies vastgelegd hoeveel we mogen werken. Je zingt als vast koorlid in zeven à acht producties per jaar.”

Toch is het geen baan met regelmatige werktijden. Er zijn drukkere en rustigere tijden. ,,In een rustige periode kun je wel eens een week hebben waarin je maar drie repetities hebt en twee voorstellingen. In een drukke week heb je dan ineens twee voorstellingen en daarbij nog elke ochtend en/of middag repetities. Dat zijn zware dagen.”

Noten studeren

Terwijl de ene opera ’s avonds wordt uitgevoerd, wordt overdag alweer gerepeteerd aan de volgende. Muzikale repetities beginnen doorgaans om 10.30 uur, regierepetities om 10.00 uur. Er zijn momenten, zegt Van Deuveren, dat hij met vier opera’s tegelijkertijd in zijn hoofd rondloopt. Maar het is hem nog nooit overkomen dat hij het toneel opging en de verkeerde opera begon te zingen.

Koordirigent Martin Wright (foto: Hans Hijmering).

,,Er lopen meestal meerdere producties door elkaar. Eén productie repeteren we muzikaal en één productie brengen we op de planken. Ongeveer zes maanden van tevoren beginnen we bijvoorbeeld met de muzikale repetitie van een productie. Vervolgens blijft het een tijdje liggen. Een aantal weken voordat de regierepetities beginnen, intensiveren de muzikale repetities weer.”

Noten studeren hoef je als professionele zanger in dit koor niet thuis te doen. ,,Ons vak ziet er zo uit dat wij werken daar waar gewerkt wordt. Voor de instudering van tekst en noten is een aantal repetities gereserveerd met Martin Wright, een pianist en een taalcoach. Het komt natuurlijk wel voor dat je thuis nog even doorstudeert als muziek of tekst nog niet helemaal in je hoofd zitten.”

Als het muzikale gedeelte af is, wordt begonnen met de regierepetities. Eerst alleen met koor, later met solisten en orkest erbij. ,,Het koor kan behoorlijk groot zijn. In sommige producties staan we met honderd man koor het op toneel. Vaak zijn er ingewikkelde scènes en duurt het even voordat iedereen weet wanneer hij waar moet staan. Pas als het koor gezet is, komen de solisten erbij. Die zitten anders alleen maar te wachten.”

Ook is er standaard een repetitie voor het koor met de orkestdirigent voordat de productie de planken op gaat. ,,Mijn favoriete maestro’s zijn Yannick Nézet-Séguin, Carlo Rizzi en Mariss Jansons. Het fijnste is een dirigent die goed te volgen is en die inspirerend is. Dan merk je toch dat zowel koor als solisten mooier gaan zingen.”

door

1 reactie »

  • Mieja zei:

    Heel mooi verhaal,bedankt
    weer wat wijzer geworden hoe het er aan toe gaat .

    Trouwens kunnen jullie nog een

    Alt, mezzo sopr. een soperaantje
    of een hele mooie nachtegaal er bij gebruiken 🙂

    Lijkt mij fantastisch een keer mee mogen draaien..

    Veel succes in de toekomst..ik hoop op goede vooruitzichten 🙂

    Die bezuiniging !…..ik zie het somber in .

    Lieve grt Mieja

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.