Home » Operarecensie

Operadagen: Don Juan met een twist

Rotterdam22 mei 2017 Geen reacties

De nieuwe productie Don Juan van de Vlaamse regisseur Tom Goossens bleek heel geschikt voor de programmering van Operadagen Rotterdam. Jong, vernieuwend en toch gebaseerd op de klassieken speelt hij met herkenning en verrassing. Zijn Don Giovanni in een nieuw jasje was bruisend komisch en zat vol originele ideeën.

Opera is bij uitstek een kunstvorm waarin wordt gesomberd, gesnikt en gestorven. De heldin sterft in eenzaamheid of het overlijden geschiedt paarsgewijs. Ook in Mozarts opera Don Giovanni – zijn enige met een gewelddadige dood – loopt het slecht af met de hoofdfiguur. In Don Juan, een opera met maar één zangeres en drie acteurs, is dat ook het geval en heel verrassend gaat dat niet worden. Al voor het verhaal echt begonnen is, geeft Leporello de clou weg: “Op het eind moet hij eten met een standbeeld en gaat hij dood.”

Tom Goossens maakte al heel jong kennis met Don Giovanni. Hij hoorde de opname zo vaak dat hij de opera als kind al uit zijn hoofd kende. Die gedegen kennis kwam goed van pas toen hij vele jaren later besloot zich op die opera te baseren voor zijn masterproef aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten, afdeling drama, in Gent. Goossens lette kennelijk goed op tijdens zijn opleiding, want zijn mastervoorstelling zit vol inventieve theatrale vondsten.

Voor zijn project gebruikte hij de opera Don Giovanni van Mozart, fragmenten uit Don Juan van Molière en ‘gesprekken op café’. Hij deed een paar ingrepen. Zo is de Commendatore niet in persoon aanwezig, maar hangt aan een draadje, blijft Don Ottavio buiten beschouwing en – theatraal de grootste ingreep – is er slechts één zangeres.

Mezzosopraan Celine Debacquer zingt de rollen van Donna Anna, in het zwart gekleed, en van Zerlina, in het wit. Don Juan (Mitch Van Landeghem), zijn knecht Leporello (Flor Van Severen) en Donna Elvira (Carine van Bruggen) zijn acteurs die spreken, zingen en spreekzingen en daarbij heel muzikaal met de tekst omgaan. Die aanpak is één van de grote kwaliteiten van deze productie.

Begeleid door de piano van Wouter Deltour wordt het verhaal verteld. Wie Don Giovanni kent, ziet alle bepalende scènes en situaties terugkomen, waarbij de regie niet flauw is: als Don Giovanni en zijn knecht van kleding ruilen, gaat dat op het podium, all the way, en als de Don zijn knecht souffleert, gebeurt dat zo fysiek als maar mogelijk is.

Donna Elvira is even boos en teleurgesteld als in de oorspronkelijke opera, maar ze is hier gekleed in een gele tuinbroek en dat relativeert de ellende. Toch zorgt actrice Carine van Bruggen voor een dramatisch hoogtepunt door met een voor klassieke zang ongetrainde stem de aria ‘Mi tradi’ te zingen.

Delen van de voorstelling gaan in het Italiaans en worden simultaan vertaald. De naar het Nederlands omgezette teksten hebben hun muzikaliteit behouden, met de catalogusaria van Leporello als briljant voorbeeld. De ‘cameriere e cittadine’ uit het libretto van Da Ponte werden ‘secretaressen, baronessen’ in een razendsnelle en zeer geestige versie door Flor Van Severen als Vlaamse Leporello, die begint met: “Mijn madamke, ‘k heb een klein cataloogske.”

Een voorstelling als deze Don Juan kan heel goed dienen als introductie in opera voor een nieuw en jong publiek. Maar juist ook voor wie, zoals uw recensent, na een stuk of zeven verschillende Don Giovanni-versies in een jaar tijd even genoeg denkt te hebben van de opera is Don Juan de herontdekking van een oude liefde. Dat in de eindscène de grote wolken rook ontbreken, waarin de Don doorgaans verdwijnt, is slecht een minieme omissie in een productie die nieuwsgierig maakt naar volgend werk van regisseur Tom Goossens.

Don Juan is een productie van DESCHONECOMPAGNIE en staat op het programma van het festival Theater aan Zee in Oostende (eind juli/begin augustus).

door

Laat uw reactie achter!

Hieronder kunt u een reactie geven op dit artikel.

Operaliefhebbers: wees aardig voor elkaar. Houd het taalgebruik netjes en blijf bij het onderwerp.