Herinneringen en melancholie.
Neil van der Linden bezoekt een aantal muziektheater voorstellingen in het Holland Festival 2026. Veelal raken de voorstellingen de buitenlijnen van het genre opera, maar deed Wagner dat ook niet met zijn Ring en was Orfeo van Monteverdi iets geheel nieuws en ongehoords? Het Holland Festival biedt net als O. voorstellingen buiten de gangbare paden. Op 17 juni zag Neil in het Bimhuis Sada(Echo) van Oz Oz.
De Egyptische ‘verhalenverzamelaar’ (term uit de Holland Festival-aankondiging) Oz Oz, alias Ossama Helmy, vond op een markt een bandopname uit 1970 waarop een man van dag tot dag voor zijn overleden echtgenote berichten insprak. De tape, waarop hij hartverscheurend berichten deelde over hun twee zoontjes en overige familie, en die hij telkens besluit met kusgeluiden, wil hij naar het hiernamaals meenemen voor als ze daar weer verenigd zullen zijn.

Oz Oz/Helmy speelt te tape af op een spoelen-bandrecorder, zittend aan een tafel vol eveneens analoge audio-apparatuur. Tussen de tekstfragmenten door speelt hij, op LP en cassette, muziek uit ongeveer die tijd af, van Egyptische en Libanese grootheden als Mohammed Abdelwahab, Oum Kalthoum, Ahmed Adaweyah en Wodya As-Safi, en zelf zingt hij een stukje uit een lied van Fairouz. De teksten van de muziek worden boven het toneel geprojecteerd. Schrijnend is bijvoorbeeld Umm Kulthums ‘Enta el Hob’, in een compositie van Mohammed Abdelwahab, waarin de protagonist aan de nieuwe geliefde van een voormalige minnaar vraagt of zij hem ook zo mist als hij er niet is. De teksten gaan allemaal over gemis van een geliefde. Dat laatste is vaste prik in veel muziek, vergelijk Die Schöne Müllerin tot en met Kindertotenlieder.
Nubië
Arabische zangers ontlenen hun teksten vaak aan grote dichters, en zo krijgen de aandoenlijk naïeve liefdesverklaringen berichten van de echtgenoot aan zijn voormalige levensgezellin een onthutsend universele dimensie. Shockerend is ook meteen al de eerste song die Helmy afspeelt, ‘El leyla ya samra’ van Mohammed Hammam, een liefdeslied opgedragen aan een meisje met een donkere huidskleur (‘samra’), maar tevens een lied over het in Egypte politiek onderdrukte Nubische zelfbewustzijn; over Nubische identiteit moet je in Egypte niet te veel willen zeggen. Wat muzikaal mooi is in dit lied is een consequent volgehouden contrapuntische spanning tussen de zanglijn en het instrumentarium, die je meteen al aan het begin van de voorstelling auditief op scherp zet.

Naast alle muziek speelt Oz Oz/Ossama Helmy ook een cassette af met een fragment van overweldigend mooie Quran-recitatie (bij de naam van de sheikh heb ik even niet opgelet), uit de tijd dat zulke sheikhs sterstatus hadden vanwege hun fenomenale vocale techniek. Dat was de tijd waarin Wahhabisten het nog niet voor het zeggen hadden in de Islamitische wereld en dergelijk Quran-recitatie als te sensueel konden uitbannen. Vergelijkbaar met de manier waarop Calvinisten maar ook van katholieke scherpslijpers al te uitbundige ornamentiek in de kerken wilden uitbannen. Neemt de voorstelling ook op dit punt politiek stelling? Ik denk van wel. Overigens zijn de cassettes met opnames van virtuoze Quran-voordrager als de Egyptenaar Sheikh Abdulbasit Abdessamad nog steeds resp. weer ongekend populair in de Arabische wereld.
De politiek komt veel explicieter om de hoek kijken als de stem op de tape aan zijn overleden echtgenote vertelt over het overlijden van de Egyptische president Nasser, op 28 september 1970, dat in de hele Arabische wereld als een dramatisch verlies werd ervaren; Nasser was een vaderfiguur voor de hele Arabische wereld. En, zo vertelt de stem op de tape, ook de verpersoonlijking van de strijd tegen kolonialisme, en Zionisme. Maar ook in dit opzicht speelt het vergeten een rol, we weten hoe al het streven van Nasser steeds minder relevant lijkt te zijn geweest.

Biologie
Naast technische uitleg over hoe de apparatuur werkt, komt ook andere wetenschap aan bod, namelijk biologische. Hoe je lichaam, soms letterlijk, blind leert te varen op wat het onthoudt in de ruimte. Helmy geeft als voorbeeld hoe je in het donker thuis in het trappenhuis toch feilloos het lichtschakelaar weet te vinden. (Stereotactisch geheugen heet dat, en in feite gaat deze biologisch ‘techniek’ nog veel verder, want het is verwant aan hoe we, via gegevens die we opslaan in onze kleine hersenen, na goed oefenen niet alleen zonder te hoeven nadenken de toetsen van de piano weten te vinden, maar ook de akkoorden en akkoordsequenties, loopjes, enz., kortom een heel muziekstuk).
Van het voornemen van Helmy’s protagonist om de tape naar het hiernamaals mee te nemen is blijkbaar weinig terecht gekomen. Helmy speelt die tape nu in het ‘hiernumaals’ voor ons af. Kwetsbaar materiaal overigens. Het had niet veel gescheeld of de voorstelling had niet door kunnen gaan, zo zegt hij na afloop van de voorstelling, want de aandrijfmotor van bandrecorder waarmee hij de tape afspeelt had het vlak voor de voorstelling begeven; de oplossing was dan de tape maar met de hand ronddraaien. Voordat Helmy had verteld dat er een probleem was met de motor van het apparaat, ging ik ervanuit dat het resulterend onregelmatige geluidsresultaat opzettelijk was, een soort equivalent was van het ‘scratchen’ dat DJ’s doen Heeft deze analoge apparatuur dan niet juist ook een voordeel ten opzichte van digitale techniek? Helmy heeft het ook over opgeslagen data waarmee je naar hartenlust digitaal kunt schuiven. Maar als iets digitaal weg is, is het weg. En als iets niet werkt kun je het probleem niet oplossen door er mechanisch met de hand aan te draaien.

Maar misschien is de falende bandrecordermotor ook onderdeel van Helmy’s artistieke concept. Ik moet denken aan het werk van de Libanese kunstenaars Walid Raad en Akram Zaatari, die allebei telkens spelen met verhaalselementen die misschien niet zo zijn gebeurd maar die wel zouden hebben kunnen gebeuren; denk aan Zaarati’s ontroerende Letter to a Refusing Pilot uit 2013, over een Israëlische straaljagerpiloot die tijdens de 1975-1990 oorlog besluit een bom bedoeld voor een school Sidon (waar Zaatari’s vader schoolhoofd was) niet af te schieten. Misschien is het fictie, maar die ene bom is niet gevallen, dus het had ook waar kunnen zijn; we weten helaas dat er genoeg andere bommen op de stad vielen. (Zaatari’s documentaire gecombineerd met een installatie gaat over archief en herinnering, het menselijke en het politieke (..) waarin het verleden langzaam door het heden breekt, schreef het IDFAfestival toen).

Persoonlijk verlies
Tot besluit van de voorstelling vertelt Oz Oz/Helmy dat een recent persoonlijk verlies een aanleiding vormde voor de voorstelling. Dat zou ook Raad/Zaatariaans kunnen zijn, ofwel fictie. Maar verliezen we niet altijd weer mensen om ons heen? De titel van de voorstelling, Sada (Echo) verwijst daarmee niet alleen naar de echo-apparaatjes waarmee Helmy af en toe de muziek, de stem van de tape en zijn eigen stem bewerkt, maar ook naar Helmy’s Recherche du temps perdu, hoe het geheugen werkt, herinneringen, verlies, een verlies in de persoonlijk sfeer. En, zo zegt Helmy, aanleiding was ook het idee van verlies van een deel van jezelf als iemand uit je leven verdwijnt, aangezien die andere personen die uit jouw leven verdwijnen via hun herinneringen ook een deel van jou meenemen. (“You die three times”, aldus componiste en beeldend kunstenaar Laurie Anderson in de installatie Your eyes in my head die ik de volgende ochtend in het Holland Festival zag: “When your heart stops. When they put you in the ground. And the last time someone says your name.”)
Raad/Zaatariaans of niet, Oz Oz/Oussama Helmy confronteert ons indringend met verlies, hoe wij mensen, dingen, herinneringen verliezen, en hoe die ons verliezen.
Verder kijken en luisteren
Eerder in het Holland Festival 2026:
Simon Boccanegra bij De Nationale Opera.