Wat is opera? Tien vragen
1. Wat is opera?
Opera is kort gezegd een toneelstuk waarin de acteurs niet spreken maar zingen. De muziek bij opera’s is in de meeste gevallen klassiek. Soms zitten er ook stukken ballet in opera’s.
2. Waar gaan opera’s over?
In bijna alle opera’s gaat het over de liefde. De wat vroege opera’s (zeventiende en achttiende eeuw) eindigen bijna altijd met een happy end. Opera’s vanaf de tweede helft van de negentiende eeuw eindigen vaak dramatisch, bijvoorbeeld met de dood van de hoofdpersoon.
3. Hoe worden opera’s opgevoerd?
De meeste opera’s worden opgevoerd in theaters of schouwburgen. Het orkest zit in een orkestbak voor het podium, de zangers staan op het toneel, tussen allerlei decorstukken.
4. Hoe lang duurt een opera?
Dat is heel verschillend. Een gemiddelde lengte is 2,5 tot 3 uur. Maar opera’s van de componist Richard Wagner duren veel langer, soms wel 6 uur. Gelukkig hebben de meeste theaters comfortabele stoelen.
5. In wat voor talen wordt er gezongen?
Meestal in het Italiaans, maar er zijn ook veel opera’s in het Duits en Frans geschreven. Engels en Nederlands komen minder vaak voor. In Nederland worden de opera’s doorgaans in de oorspronkelijke taal opgevoerd, maar er is meestal wel een boventiteling aanwezig. De gezongen tekst wordt daarop vertaald in het Nederlands.

6. Zijn alle operazangers dik?
Nee, zeker tegenwoordig niet. Vroeger werd dik nog wel getolereerd, maar tegenwoordig is het zeer belangrijk dat operasolisten er knap en afgetraind uitzien.
7. Zingen operazangers met versterking?
Nee, praktisch nooit. Een operazanger moet in staat zijn de hele zaal (soms meer dan 2000 man) te bereiken met zijn stem. Wel hebben veel theaters een goede ‘akoestiek’, dat wil zeggen dat de zang van een zanger uitvergroot wordt door de bouw van de zaal.
8. Heeft Nederland veel operatheaters?
Nee, veel minder dan een land als Duitsland. In Amsterdam staat Het Muziektheater, daar voert De Nederlandse Opera – het grootste operagezelschap van Nederland – haar opera’s uit. Verder is de Nationale Reisopera gevestigd in het Nationaal Muziekkwartier in Enschede. De Reisopera trekt ook langs schouwburgen in het hele land, evenals diverse andere gezelschappen, waaronder Opera Zuid. Verder is in de Veerensmederij in Amersfoort het enige jeugdoperahuis van Europa gevestigd: Holland Opera.
9. Is het duur om naar een opera te gaan?
In de meeste schouwburgen kosten kaartjes voor een opera tussen de 30 en 40 euro. Bij De Nederlandse Opera variëren de prijzen van meer dan 100 euro tot 15 euro voor de laagste rang (een slechte zitplaats). Veel schouwburgen en operagezelschappen hebben echter speciale speciale tarieven of acties voor kinderen en jongeren.
10. Is opera moeilijk om te volgen?
Nee, niet als je je een beetje voorbereidt. Als je het verhaal kent en de boventiteling volgt tijdens de voorstelling, is het vaak prima te volgen. Vaak is er ook een inleiding voor de voorstelling, waarin meer verteld wordt over de opera en over de productie. Zeker aan te raden.
door Henk Meijer




(4 maal gestemd)
Het antwoord op vraag 1, “Wat is opera?”, bevalt me matig vanwege termen als “toneelstuk” en “acteurs”. De omschrijving lijkt me meer geschikt om de musical te beschrijven. Laten we voor de nieuwkomers in godsnaam de muziek centraal stellen om hen optimaal te wapenen tegen alle regisseurswaanzin die zij in hun operaleven nog zullen moeten ondergaan. Dus liever “zangers” dan “acteurs”. Ik las ergens een aardige definitie in het Engels: “Opera is an art form in which singers and musicians perform a dramatic work combining text (called a libretto) and musical score”.
Het een kan niet zonder het ander: overtuigend acteren en doorleefd zingen zijn volgens mij even belangrijke voorwaarden voor het slagen van een operauitvoering. En daarbij moet de zanger(-es) over een rijke gezichtsmimiek beschikken (zonder onnodig veel te gebaren), vermits opera heel wat meer behelst dan het thema ‘liefde’ zoals hierboven wordt gesteld: geveinsde macht, gekwetste trots (vaak met bijbehorende minachting), noblesse d’esprit tegenover plat opportunisme, naieveteit tegenover sluwheid, gierigheid tegenover gulheid en wat al niet meer. Want dat is wat opera (althans voor mij) zo fascinerend maakt: het is een vergrote spiegel van alle (on-)hebbelijkheden in ons dagelijks bestaan.
En dus heb je niets aan een houten Klaas die mooi kan zingen. Een klassiek voorbeeld van ‘hoe het moet’ vind ik de beroemde tweede akte uit Tosca met Maria Callas en Tito Gobbi, uitgegeven door EMI op DVD (Covent Graden, 1964). Ook op YouTube, als ik mij niet vergis.
Ik sluit me graag aan bij de makers van de vorige opmerkingen. Ik vind de toon en de inhoud van deze rubriek matig, aanmatigend en zeker niet volledig. Als je dan zo graag de opera in een notendop wilt uitleggen, moet je extra nauwkeurig zijn. er staan erg veel fouten in.
Even een opmerking over nr 7:
6. Zijn alle operazangers dik?
Nee, zeker tegenwoordig niet. Vroeger liepen er heel wat dikke zangers en zangeressen rond, maar tegenwoordig wordt het steeds belangrijker dat operasolisten er knap en afgetraind uitzien.
….waar komt die flauwekul vandaan? wiens persoonlijke mening over dikke zangers is dit? Ten eerste is dik zijn niet per definitie lelijk. Ten tweede is afgetraind zijn geen garantie voor goed zingen, of voor goed bewegen. Er lopen tussen de slanke zangers ook bloedlelijke mensen rond en daar maakt niemand een probleem van. Het gaat immers om het zingen en het acteren. Om de inleving en de klankschoonheid. En daar is uiterlijke schoonheid aan onderworpen. Schoonheid is een persoonlijke kwestie. Een mooie volle vrouw of man kan zeer aantrekkelijk zijn, maar het ligt in de handen van de regisseur of ontwerper, om te kunnen werken met het postuur van de zangers die hij voor zich heeft. Harken vind je ook onder de slanke zangers. Er zijn genoeg dikke zangers die goed kunnen dansen en bewegen, en dat op een natuurlijke manier doen.
Overigens gaat het maatschappelijk gezien buitengewoon vreemd met de aandacht voor dik. Er zijn erg veel mensen met een uitgesproken voorliefde voor stevige partners, maar die waken er wel voor, omdat publiekelijk uit te dragen. Het is politiek incorrect. Dat gold ook lang in de opera. Maar gelukkig: nadat we net een hele generatie van middelmatige regisseurs hebben gehad met een voorkeur voor androgynie lijkt er weer een kentering te komen. Dik of niet: een beetje regisseur weet bij elke goede zanger – want uiteindelijk gaat het bij opera nog steeds in de eerste plaats om de muziek, die door de toneelacties ondersteund wordt- het onderste uit de kan te halen. En daarbij is proportie van ondergeschikt belang. Dat wijst de praktijk inmiddels ook uit!
Opera is geen oratorium. Het is een volledig schouwspel.Toneel, muziek, emotie….Dan is zoals in een film de casting zeer belangrijk.
Goede stem, goed acteren, inleven en uiterlijk zoals de rol vereist.
En vooral aangenaam om zien.
Met heel veel belangstelling uw site ontdekt en daarin ook de mogelijkheid meneingen over opera te geven. Ik las daar in al het een en ander over de huidige regisseurs, door mij operamoordenaars genoemd. OOk vandaag was er weer zo iets, Salome van Richard Straus, op zich al een redelijk moderne componist maar wat ik daar aan regie en kleding zag, afschuwelijk. Mannen in enkel, zo scheen het althans, een legerjas en vrouwen en een onderjurk. Hoe komen deze regisseurs er toch aan? Mij lijkt het dat deze lieden er alleen op uit zijn om hun naam en niet die van de componist te promoten. Voor mij zijn het als al eerder gezegd, OPERAMOORDENAARS.
Wim Bazelmans, operaliefhebber
Persoonlijk ben ik van mening dat opera niet al TE modern mag zijn. Je hebt zo van die regisseurs die eens een klassiek stuk in een modern kleedje gaan ombouwen. Een ramp is dat. Stel je voor, Hamlett of Tosca in jeans en mobieltje in de aanslag… Ze bestaan die regisseurs.
Men mag de tijdsgeest niet verwaarlozen anders haakt de echte opera liefhebber af.
Ben het met je eens Joseph. Het klassieke is juist wat me trekt. Mensen in jeans met mobieltjes zie ik al genoeg.
Mijn mening op de vraag “Wat is opera”?
Ware muziekliefhebbers verdienen begrip als ze opera van het goede te veel vinden.Maar opera is eveneens een kunstvorm dat berust op ingewikkelde plots, prachtige decors, stormachtige orkestraties en
temperamentvolle overacterende zangers. Maar wat die mensen presteren is het publiek boeien en ontroeren, de muziek beleven en alles over zich heen te laten komen. Iedere opera is voor mij genieten en beleven
Ik ben het volledig eens met de opmerking van Joseph op 27 maart 2011. Maar de enscenering mag best wel iets moderner zijn dan toen de opera voor het eerst werd opgevoerd. Maar wat ons een paar jaar geleden overkwam is te zot voor woorden. “Opera Zuid” bracht met o.m. Marco Bakker “De Parelvissers” op de planken. Een in mijn ogen totaal verpestte voorstelling door de enscenering. Het toneel,de aankleding en de decors waren van een bedenkelijke futiliteit. Marco Bakker komt op in een grijze stofjas in, naar wat zich laat aanzien als een fabriekshal. Hij knipt met zijn vingers en de fabriekslichten gaan aan. Alle overige spelers en zangers zijn op dezelfde wijze gekleed. Dan worden er lopende banden ontrold, althans dat was de suggestie, en kartonnen dozen worden van links naar rechts en weer terug uitgepakt en ingepakt. Geen enkel idee waar de opera over gaat als je de inhoud van de opera niet kent. De enige suggestie dat het iets met vissers te maken heeft is een storend bootje dat constant van links onder naar rechts boven over een filmdoek vaart; steeds hetzelfde belachelijke stukje film. Om de “feestelijke” uitvoering nog veder te diskwalificeren is het bootje in de pauze waarschijnlijk gezonken, want het kwam niet meer terug. Het was niet om aan te zien. Zoals gezegd, een opera mag wat mij betreft best wel een moderne vormgeving hebben, maar op het toneel moet toch echt wel duidelijk zijn waar het over gaat. Iemand die voor het eerst naar een opera gaat en enigszins weet van de inhoud zal zich mogelijk nog wel eens bedenken alvoerens nog eens een voorstelling te gaan bezoeken. Voor mij was dit een slechte dienst die “Opera Zuid” heeft bewezen aan liefhebbers van opera.
Er was een tijd dat operagezelschappen veel afhankelijker waren van de recettes dan, zoals nu, van subsidies van overheidsambtenaren. En vermoedelijk zit daar ook de oorzaak van de klachten die ik hier geventileerd zie. Om tegenwoordig te kunnen overleven, ben je afhankelijk van een klein circuit van bestuurders bij ministeries en theaters, en van collegaregisseurs en critici bij de pers. Dáár moet je iedere keer weer « scoren » met iets nieuws waarmee de andere leden van het circuit op elkaar en op hun superieuren indruk kunnen maken, en op die manier is ieder van elkaar afhankelijk.
Wat het publiek de moeite waard vindt wordt zo bijna vanzelf gereduceerd tot iets tweederangs, zo lijkt het. Want het publiek is lang niet zo dom dat het Cherubini’s Medea alleen begrijpt als zij als een moderne toeriste met Samsonitekoffer eventjes vrolijk zwaaiend het toneel betreedt; verre van dat. En van de andere kant hoeft de regisseur zich ook niet op te zadelen met het plichtsgevoel van de archeoloog, zolang de kostuums en de elementen op de achtergrond maar voldoende verwijzen naar wat er volgens de componist oorspronkelijk op het toneel moest staan. Al het overige vind ik persoonlijk een vorm van geschiedvervalsing.
Ter vergelijking wordt door de critici nogal eens verwezen naar die zogenaamd ‘ouderwetse’ voorstellingen in de Metropolitan Opera in New York, in een land waar subsidies als iets halfzachts van Europese knuffelstaten wordt beschouwd. En nu ben ik allesbehalve blij met de ongenuanceerde plannen van onze staatssecretaris, maar ik hoop wel dat er eens goed door de deskundigen wordt nagedacht hoe we dat ‘self-supporting’ kringetje van ambtenaren, bestuurders, regisseurs en critici kunnen doorbreken, zodat er weer eens echt ouderwets voor het publiek wordt gespeeld.
Ana1, hopelijk bleef de muziek nog origineel, stel je voor dat ze daar nog eens gaan mee knoeien … dan zou er toch wel een boegeroep afgaan denk ik.
Beste Joseph en Ana1,
Misschien is dat inderdaad een kwestie van tijd. Ik heb al drie programmaboekjes gelezen waarin de regisseur liet weten dat hij, ook muzikaal, naar een combinatie van musical en opera streefde. Volgens mij heb je dan voor beide genres simpelweg geen respect. Bovendien heb ik een sterk vermoeden dat al die sjofele stofjassen, leren jacks en spijkerbroeken op het toneel veel minder met vernieuwing en een eigentijds publiek te maken hebben dan met doodgewoon geldgebrek: speciale opslagruimte voor grote, tot in detail uitgewerkte decorstukken en kledij van de mooiste stoffen voor 16e eeuwse hertogen en 19e eeuwse Griekse goden vraagt om budgetten die bij alle subsidiespreiding over zoveel mogelijk gezelschappen politiek nauwelijks meer te verkopen zijn. Liever tien Volkswagens dan één Rolls Royce, dat lijkt zo’n beetje het motto dat erachter steekt. Maar het kan zijn dat ik me vergis.
Ik herinner me die vreselijke voorstelling van “Les pêcheurs de perles” van Opera Zuid, waarover Ana1 het heeft, nog goed: niet om aan te zien! Het is één van de weinige keren geweest, dat ik na afloop van een opera uit de grond van mijn hart “boe!” geroepen heb. Of Nationale Reisopera en Opera Zuid veel of weinig publiek trekken maakt ze, in financiëel opzicht, althans voor de korte termijn, waarschijnlijk niets uit. Ik heb Guus Mostart nl. eens horen vertellen, dat “zijn” gezelschap optreedt op uitkoopbasis, d.w.z. dat het van het theater in kwestie een vast bedrag per voorstelling ontvangt en dat het financiële risico dientengevolge voor het theater is. Het enige (financiële) risico, dat de gezelschappen in die constructie lopen is, dat ze na (meerdere) slecht ontvangen en/of bezochte voorstellingen voor een volgend seizoen niet opnieuw zullen worden gecontracteerd.
Bij een Griekse god uit de 19e eeuw kan ik me niet zo heel erg veel voorstellen, maar als dhr. Surdel recentelijk iets van de Onegin van DNO heeft meegekregen zou hij moeten weten dat prachtige kostuums absoluut niet van het operapodium zijn verbannen.
De dichotomie ouderwets/goed vs. modern/slecht vind ik zelf behoorlijk kortzichtig…
Slechte regie’s ontstaan niet door gebrek aan geld maar door eigendunk en gebrek aan talent.
Wat word ik weer slecht gelezen. Ten eerste lopen er in (vroege) 19e eeuwse opera’s nog aardig wat personages rond uit de Griekse en Romeinse oudheid. En ten tweede was mijn hoofdargument niet dat er zoiets als een slechte regie zou bestaan (altijd een kwestie van smaak), maar dat veel regisseurs, net als critici en bestuurders, last hebben van wat ik een ‘periscoopnek’ zou willen noemen: eenmaal uitgerezen boven het wateroppervlak kijken ze vooral om zich heen naar andere regisseurs, critici en bestuurders – wat hen feitelijk drijvende houdt (lees: de componist en het publiek) zien ze niet meer. Of de rest deze laboratoriumkunst nu begrijpt of niet, lijkt er niet of nauwelijks toe te doen.
En overigens is ouderwets=goed // modern=slecht in deze zin geen zuivere dichotomie, maar een tegenstelling. En ook nog eens niet de mijne, omdat ik hier ook moderne regie heb geprezen die wel voldoende herkenbaar voor het publiek was.
PERISCOOPNEK
Het door meneer Surdèl geschetste beeld van de periscoopnek bevalt me. Hoewel, een periscoop kan uitgeschoven EN weer ingetrokken worden, dus “vastgelopen periscoopnek” is misschien nog nauwkeuriger.
De analyse van meneer Surdèl is juist. De vraag is: waarom laat HET PUBLIEK zich steeds weer bedotten door de de tenenkrommende fratsen van de zgn. “conceptuele regisseurs” (de term op zichzelf is al onzinnig)? Kritiek vind je toch vooral bij kenners, Haitink, Jansons, Muti, soms bij de pers en soms op een site als deze. Maar de grote massa loopt er kritiekloos achteraan; ik kenschetste de situatie al vaker als een typisch geval van “Kleren van de Keizer”.
Het is voor een groot deel een zgn. “nieuw” publiek, dat niet voortkomt uit een operatraditie. Audi heeft al eens gezegd dat Nederland geen operatraditie kent, maar dat is maar ten dele waar. In de Amsterdamse Jordaan bijvoorbeeld leeft opera nog steeds, inmiddels helaas voornamelijk bij de oudere Jordanezen. Zij gaan niet meer naar de opera vanwege de onzin die zij voorgeschoteld krijgen. Zo heeft DNO een kans laten liggen om aan te sluiten bij een weldegelijk bestaande operatraditie. Niet dat DNO daarom maalt, daar is men vooral geïnteresseerd in een positie als “vooraanstaand operahuis” en is men allang blij dat het zich gesteund weet door een trouw opdravende kudde klapvee.
Jaren geleden interviewde ik Danny Newman, de legendarische, inmiddels overleden perschef van de Opera in Chicago (hij is de “uitvinder” van het abonnementensysteem). Volgens hem is de operaregie te vergelijken met een pendule, die in de tijd heen en weer slingert tussen extreem regisseurstheater en getrouwheid aan het libretto.
Hopelijk kan een flinke dreun van die pendule de vastgelopen periscoopnekken snel onder water doen verdwijnen.
(vastgelopen) PERISCOOP-NEK
Met dank voor de morele ondersteuning. Ik denk dat ik mijn neologisme maar eens bij het bureau van de Nederlandse Taalunie ga voorleggen, want het lijkt me een ziekte van de laatste 15 a 20 jaar, die ook ten grondslag ligt aan de economische crisis. Aan de beurs en in de (inter-)nationale bank- en verzekeringswereld lopen immers ook heel wat periscoopnekken rond, die totaal geen boodschap hebben aan de risico’s voor de simpele spaarder.
Overigens heeft Basia Jaworski ergens op deze site (ik geloof onder ‘dwaze regie brengt Salome om zeep’) een lijst van regisseurs gegeven die volgens haar wel een verantwoorde moderne regie kunnen voeren.
@Steven: “Wat word ik weer slecht gelezen’.” Dat is een sneer van dezelfde orde als die jij regisseurs verwijt.
Ook deze opmerking zegt weer meer over degene die hem plaatst dan over mij. Zoals Laura mij per se in de hoek zet van mensen die alles bij een ouderwetse operaregie willen houden legt U mij een uitspraak in de mond over een slechte regie, terwijl het mij toch duidelijk te doen was om de eenkennigheid van een kleine groep bestuurders, critici en ijdele regisseurs die geen of onvoldoende boodschap hebben aan het publiek. Als U die kern uit mijn betoog mist, kan ik niet anders dan concluderen dat ik slecht word gelezen. Dat mag ik toch jammer vinden? Gelukkig zijn er ook nog mensen als Olivier Keegel die wel zorgvuldig denken en schrijven.
Hoe dan ook wil ik er voor pleiten om bij het inzenden van reacties voor deze rubriek niet meteen door te schieten, zoals dat heet. Anders wordt het een soort gekibbel zonder nuance en zonder sterke voorbeelden ter ondersteuning van wat je wilt beweren.
Zo’n ongenuanceerde opmerking is bijvoorbeeld ‘als dhr. Surdel recentelijk iets van de Onegin van DNO heeft meegekregen zou hij moeten weten dat prachtige kostuums absoluut niet van het operapodium zijn verbannen’. Terwijl ik mij, net als menig ander, in essentie pleeg te storen aan de toenemende kale decors en onbegrijpelijke kostuums; dat is toch niet hetzelfde als dat je helemaal nergens meer prachtige kostuums zou zien? En dat ik dat toevallig vind, wil toch niet zeggen dat ik daarmee ook gelijk heb? Of dat het aan mij zou zijn om vanaf het balkon even te bepalen wat een goede en wat precies een slechte regie zou zijn? Voor hetzelfde geld is het een tijdsverschijnsel, verwoord in de pendule waarover Olivier Keegel schreef. Mijn enige hartewens is dat het publiek een in eerste instantie voor datzelfde publiek begrijpelijke voorstelling zonder opleukerij krijgt aangeboden, die zoveel mogelijk recht doet aan wat de componist in het libretto heeft aangegeven – en dat kan best met vermoderniseerde middelen.
Dus als er aan het begin van de eerste akte staat: “Links op het podium de toegang tot het kasteel”, dan wèl slechts een gordijn langs een paar zuilen met een boog, maar géén MacDonalds met een terrasje, s.v.p.
@Leen roetman: haha, over slechte regie, inderdaad! weirdo’s die zichzelf god voelen, hoe passé is dat…
Hallo ik ben Merih [9] en hou veel van opera. Van wie kan ik in Brabant opera zangles krijgen?
Met vriendelijke groet Merih
Laat uw reactie achter!
Concertgebouw seizoen 2013 | 2014
Operacast
Kalender
Aanmelden voor Nieuwsbrief
Opera voor Beginners
Archief
Video
Recente reacties
Meest besproken
Meest gelezen