FeaturedOperarecensieRecensies

Overdonderende Das Rheingold door Yannick Nézet-Séguin

Yannick Nézet-Séguin stond afgelopen vrijdag weer eens voor het Rotterdams Philharmonisch Orkest en zoals verwacht spatten de vonken er vanaf in de concertante uitvoering van Wagners Das Rheingold.

Yannick Nézet-Séguin vol in actie met het Rotterdams Philharmonisch Orkest. Foto: Karen van Gilst.

Het was voor mij de 24e live uitvoering van de Vorabend van de tetralogie Der Ring des Nibelungen, maar de eerste keer in een concertzaal en het verschil met een voorstelling in een operatheater bleek groter dan ik had verwacht.

Yannick dirigeerde (in zijn rol van eredirigent) op exuberante wijze het voortreffelijk spelende Rotterdams Philharmonisch, waarbij de climaxen en dramatische accenten aaneengeregen werden en de solisten bij vlagen bijna van hun smalle podium werden geblazen. Nooit eerder hoorde ik Wagners orkestmuziek zo overdonderend uitgevoerd, althans niet live. Desondanks bleef ik zitten met het onbehaaglijke gevoel dat hier het orkest de hoofdrol werd toebedeeld waarbij de zangers slechts figureerden op het voortoneel. In mijn beleving is dat de omgekeerde wereld. In Das Rheingold wordt het orkest geacht de zangers te begeleiden en meer in het algemeen de handeling te ondersteunen. Zeker niet de aandacht wegnemen zoals nu toch wel een beetje het geval was.

Gelukkig kwam ik op het punt van de zang en de handeling van het werk voldoende aan mijn trekken doordat er naast dat geweldige orkest ook een prachtige cast was samengesteld die zich tegenover het orkestrale geweld heel behoorlijk staande kon houden. Er werd gelukkig gezongen zonder lessenaars (voor mij een schrikbeeld) en in voorkomende gevallen ook overtuigend geacteerd.

Zang op hoog niveau

De zingende acteur Gerhard Siegel beviel me zeer goed. Hij heeft in het verleden vooral Mime gezongen maar ook de geslepen Loge bleek een kolfje naar zijn hand. Loge is feitelijk de man die de handeling bepaalt, al kan je twijfels hebben over het resultaat. Loge helpt Wotan uit de nesten, maar veroorzaakt indirect een groot onheil doordat de Ring als symbool voor het streven naar ongebreidelde macht in de nog onschuldige wereld is gekomen.

Al was het natuurlijk Alberich die deze Ring heeft gemaakt, bij hem ligt de oerschuld. Samuel Youn haalde werkelijk alles uit de kast om een herkenbare Alberich neer te zetten. Tijdens zijn ontmoeting met de Rijndochters had ik nog wat twijfels maar in de voor hem zo slecht aflopende omgang met Wotan en Loge was hij stimmlich en acterend onnavolgbaar. Bij het uitspreken van zijn vervloeking wist hij zelfs het orkest even stil te zetten.

Yannick Nézet-Seguin met rechts van hem op de foto Samuel Young als Alberich en links de drie Rijndochters. Foto: Karen van Gilst.

De broers Fasolt en Fafner vertegenwoordigen de bewoners van het aardoppervlak. Ze kunnen worden opgevat als voorlopers van de mensen. Net zoals de Nibelung Alberich streven ze naar meer macht ten koste van die van de goden. Fafner is de meest gehaaide van de twee, hij heeft door dat Freia een ideale gijzelaar is omdat haar afwezigheid de goden zal verzwakken, doordat ze dan niet meer van haar gouden appels kunnen eten. Stom genoeg blijft hij niet bij zijn voornemen, waarschijnlijk omdat Fasolt, der verliebte Geck, om een heel andere reden in Freia is geïnteresseerd en hij hem dat misgunt.

Stephen Milling, ook altijd goed voor een vileine Hunding of Hagen, maakte veel indruk als een bedachtzame Fasolt die Wotan fijntjes duidelijk maakt dat hij in zijn recht staat en niet wenst te wijken voor een opdrachtgever omdat die toevallig een god is. Verder heeft hij een oogje op Freia, logisch natuurlijk. Deze drie personages, Alberich, Fasolt en Loge, ageren terwijl Wotan slechts reageert.

Feitelijk is de oppergod in deze Vorabend een bijfiguur die het liefste ziet dat anderen zijn problemen oplossen zonder hem daarin te betrekken. Michael Volle wist dit minimaal acterend aardig te duiden. Hij oogde afwezig en licht geïrriteerd, een beetje als iemand die ongewenste bezoekers in huis heeft die maar niet willen opzouten. Zingend maakte hij op mij minder indruk dan verwacht. Vermoeidheid tegen het einde kan nauwelijks een rol hebben gespeeld bij iemand die Hans Sachs zingt in Bayreuth. Van meet af aan vond ik hem wat flets, zeker in vergelijking met zijn tegenpool Alberich, maar ook naast Loge. Het kan gewoon een iets mindere avond zijn geweest.

Jamie Barton was recent nog te beleven als Eboli in de Met. Hier was ze een heel zekere Fricka, ook geschikt voor die rol in Die Walküre in mijn beleving. Christiane Karg stond er wat verloren bij in haar mooie rode jurk. Freia is een kleine bijrol en zonder mogelijkheden er acterend iets van te maken wordt het erg minimaal natuurlijk. Erda zong haar waarschuwing vanaf het voorbalkon, achter het orkest, uitstekende vertolking door Wiebke Lehmkuhl. Verder was het leuk om Iris van Wijnen aan het werk te horen als Wellgunde, een mooie rol voor haar. De Floßhilde van Maria Barakova maakt van de drie Rijnmeisjes overigens de meeste indruk op mij. De overige rollen (Erika Baikoff als Woglinde, Issachah Savage als Froh en Thomas Lehman, als Donner) waren adequaat bezet.

Al met al was het een bijzondere avond. Het orkest speelde de begeleidende partij als een volwaardig eigen concert, de solisten voerden op het voortoneel zo goed en zo kwaad als dat ging de opera Das Rheingold uit. Qua zang was het van een hoog tot zeer hoog niveau.

Er volgen nog uitvoeringen in Parijs, Dortmund en Baden Baden.

Verder kijken, lezen en luisteren

Op Medici tv is de hele volledige voorstelling, tegen betaling, te zien.

Musici van het Rotterdams Philharmonisch Orkest kijken terug op 10 jaar Yannick Nézet Séguin

Peter Franken beschrijft zijn Rheingold ervaringen.

Een uitvoering van Das Rheingold door Concerto Köln vorig jaar, was een ander soort uitvoering op ‘authentieke instrumenten’.

Vorig artikel

Kort opera-en vocaalnieuws

Volgend artikel

In de zalen: Zoroastre, Kullervo, Così fan tutte, Christian Gerhaher en Julia Lezhneva

De auteur

Peter Franken

Peter Franken