DNOA brengt twee opera’s vol humor
Klassiek op het Amstelveld (KOHA) is een jaarlijks openluchtfestival in Amsterdam dat sinds zijn oprichting in 2012 jong talent de kans geeft om naast gerenommeerde musici op te treden. Voor het publiek vormt dit gratis toegankelijke en muzikaal gevarieerde festival een uitgesproken kans om nieuwe namen te leren kennen. Traditiegetrouw biedt het KOHA ook het podium aan de Dutch National Opera Academy. Dit jaar presenteren de studenten maar liefst twee operavoorstellingen: Pimpinone van Georg Philipp Telemann en Samuel Barbers A Hand of Bridge. Beide opera’s zijn geschikt voor een kleinschalige uitvoering en muzikaal vrij toegankelijk voor de luisteraar die geen doorgewinterde operakenner hoeft te zijn om van deze voorstellingen te kunnen genieten.

Telemann
Telemanns Pimpinone is een vrolijke opera buffa uit 1725 in de toen modieuze, lichtvoetige Style Galant. De componist was zelf een voortreffelijke zanger die in zijn studiejaren in Leipzig de leiding aan het stedelijk operatheater gaf. Na zijn benoeming tot cantor van de vijf hoofdkerken in Hamburg in 1721, kwam hij ook daar aan het hoofd van de Duitse opera te staan. Hij kende de operawereld van binnenuit en componeerde naast eigen negen opera’s ook talloze losse aria’s voor opera’s van zijn collega’s. De komische opera Pimpinone bestaat uit drie intermezzi die Telemann ter vermaak en ontspanning van het publiek in de pauzes van de door hem bewerkte Handels Tamerlano liet uitvoeren.

Vanuit zijn eigen zangervaring streefde Telemann bij het componeren naar een goed zingbare melodie en dat is wel te horen in de luchtig-galante aria’s en duetten van Pimpinone. De muzikale charme van deze melodisch vloeiende en gracieuze muziek wordt in de DNOA productie op een levendige en stijlbewuste manier benadrukt door een klein maar zeer fijn spelend ensemble van het Conservatorium van Amsterdam onder leiding van Burga Yüzügüidü.
De ondertitel van Pimpinone verklapt eigenlijk meteen hoe de verhoudingen in het verhaal echt liggen – Een ongelijk huwelijk tussen Vespetta en Pimpinone of De Dominante dienstmeid – maar deze spoiler wordt vaak weggelaten om het verassingselement niet te bederven. Er treden slechts twee personages op: Vespetta en Pimpinone. Zij zoekt werk, maar nog veel liever een rijke man. Hij heeft een groot huis en is op zoek naar iemand die het (en het liefst ook hem erbij) gaat verzorgen. Dat charmante Vespetta ‘poetsen en dansen tegelijk kan’, wordt bijzonder gewaardeerd en geeft de doorslag. Ze krijgt de baan, daarna de sleutel van de kluis en tot slot het hart en de hand van Pimpinone, met al zijn geld en inboedel inbegrepen. In de snel elkaar opvolgende scenes verandert de lieftallige Vespetta – tot schrik van haar man – in een berekenende vrouw des huizes die in alles haar eigen wil doorzet en weinig boodschap aan haar echtgenoot heeft. Uiteindelijk worden de rollen helemaal omgedraaid en het is nu aan Pimpinone om met emmer en dweil door het huis te gaan.
Beide hoofdrolspelers blijken uitstekende acteurs te zijn. Ze zingen en spelen met zichtbaar plezier en voelen zich duidelijk op hun gemak in een komische rol. Jenisya Yaeç schittert als Vespetta. Van lieflijk en temperamentvol tot manipulatief en furieus, ze kan alle gedaantewisselingen van haar personage aan. Ook Jaap van der Wel toont zijn komische talent als de aanvankelijk zelfverzekerde en dan gedesillusioneerde en alleen maar klagende Pimpinone. Hoewel virtuoos vertoon in een opera buffa een ondergeschikte rol speelt, krijgen de zangers van Telemann genoeg uitvoerige solistische zangstukken, die door Yaeç en Van der Wel fraai en levendig worden gezongen. Tot de absolute hoogtepunten van deze opera behoren Vespetta’s aria’s Chi mi vuol? Son cameriera, Pimpinone’s aria Ella mi vuol confondere en zijn effectvolle roddel-aria met het komische effect van de falsetstem. En niet te vergeten het slotduet van de ruziënde echtgenoten dat op veel lachsalvo’s in het publiek kan rekenen.
De fantasierijke regie van Annemiek van Elst getuigt van een uitstekend gevoel voor humor. De opera krijgt precies de lichtheid en speelsheid die ze als opera buffa nodig heeft. De openluchtvoorstelling van Pimpinone bewijst dat dit levendige stuk zeer de moeite waard is, net als trouwens ook andere vocale muziek van Telemann die nog steeds veel te weinig uitgevoerd wordt.
Samuel Barber
Ook Samuel Barber was een geschoolde zanger met veel affiniteit voor vocale muziek. Hoewel hij vooral bekend is door zijn lyrische Adagio for Strings uit het Strijkkwartet (1936), componeerde hij ook orkest- en vocale muziek waaronder drie opera’s: Vanessa (1958), Anthony and Cleopatra (1966) en A Hand of Bridge (1959). Deze laatste staat tevens te boek als een van de kortste opera’s ooit. Het publiek krijgt slechts negen minuten om bij de kaarttafel met vier bridgespelers aan te schuiven, maar in deze negen minuten leggen de zangers de maskers van hun doorgaans volkomen beheerste en gereserveerde personages even af. De wervelwind van hun gedachten brengt ze nogal ver van het spel af. De wanhopige, geëxalteerde, gepassioneerde monologen van hun innerlijke stem zitten vol vertwijfelende vragen, geagiteerde uitroepen en smeekbeden. De oplaaiende emoties bepalen het heftige verloop van de steeds feller wordende muziek tot de volledige explosie volgt. Negen minuten zijn snel voorbij en de opera eindigt net zo abrupt als begint.

Maura Wesseling, Madeline Lee, Oscar Sajous en Marc Eden Lemaire als respectievelijk Geraldine, Sally, Bill en David vormen een heel sterk ensemble dat de spanningsvolle stijging van de temperatuur aan de kaarttafel krachtig in beeld brengt. De innerlijke onrust, woede en angst worden door de regisseur Ivet Serra scenisch zeer doeltreffend en effectvol in beeld gebracht en muzikaal versterkt door de contrastrijke pianopartij van Daan Boertien die in deze mini-opera het mini-orkest vormt.
De festivaluitvoering van beide opera’s, die zo verschillend zijn qua stijl en scenische uitwerking, laten een heel sympathieke en professionele indruk achter. Operaliefhebbers die het festival op het Amstelveld dit jaar gemist hebben maar wel nieuwsgierig zijn geworden, krijgen op 7 november a.s. de herkansing voor Telemanns Pimpinone die de DNOA op het Opera Viva festival in Woerden nog een keer speelt.
Verder lezen
Eerder dit jaar bracht DNOA Het sluwe Vosje van Leoš Janáček